09 februari 2012
filmpjes
weblogs

 

Pieternel Fleskens

Pieternel Fleskens

Pieternel Fleskens is 26 jaar en sinds augustus 2008 werkzaam voor de Universiteit Maastricht. Zij is junior onderzoeker, geeft onderwijs en werkt voor de Universitaire Beeldende Kunst- en Erfgoedcommissie. Naast medewerker is Pieternel ook alumna. Nadat zij haar bachelor Algemene cultuurwetenschappen behaalde aan de Radboud Universiteit Nijmegen verhuisde ze naar Maastricht om aan onze universiteit de master ‘Cultuurbeleid, behoud- en beheer’ te volgen.

weblog

Eén van de jongens in mijn onderwijsgroep voelt zich duidelijk nog niet helemaal op zijn gemak. Hij is zenuwachtig, durft weinig te zeggen en heeft moeite met het lezen van de Engelse teksten. Ik stel hem een vraag over Baudelaire. Uit zijn voorzichtig geformuleerde antwoord blijkt onmiddellijk dat de jongen denkt dat Baudelaire een schilder was. De arme jongen zal straks wel door de grond zakken als hij doorheeft wat voor een blunder hij gemaakt heeft. Een studiegenoot neemt het woord over en zoals verwacht zakt de jongen in kwestie met een rood hoofd weg achter zijn tafel. De onderwijsgroep gaat door, de jongen blijft stil. Ik weet zeker dat hij nooit meer vergeet wie Baudelaire was en voel dan ook absoluut niet de behoefte om de ‘vergissing’ van de student er nog eens goed in te wrijven. Maar sommige docenten lijken het niet met mij eens te zijn. Als een student een ‘domme opmerking’ maakt in hun onderwijsgroep, krijgen zij de neiging weg te lopen, boos te worden of de student kleinerend uit te lachen. Voor deze docenten moet het leven in de onderwijsgroepen een aaneenschakeling van teleurstellingen zijn. Regelmatig hoor ik ze na de onderwijsgroepen klagen. ‘Het niveau van De Student is zorgwekkend, abominabel, slecht en tenenkrommend.’ ‘Vroeger wisten ze tenminste nog in welk jaar Freud gestorven is, maar tegenwoordig hebben ze nog nooit van Freud gehoord.’ ‘Om nog maar te zwijgen over de lees-en schrijfkwaliteiten van studenten, ze hebben zelfs moeite met Engelse literatuur!’ Ik word altijd een beetje treurig van dit soort klachten. Misschien komt het doordat ik zelf, relatief gezien, nog niet zo lang van de middelbare school af ben, maar ik schaar mij volledig aan de kant van de student. Evenals de meeste studenten in mijn onderwijsgroep, was ik een zogenaamde ‘Tweede Fase-scholier.’ Wat ik op mijn middelbare school geleerd heb? Ik heb leren presenteren, we moesten zelfstandig werken en zelf plannen en je leerde hoe je zo snel mogelijk informatie op kon zoeken op internet. Feitelijke kennis? Dat was niet nodig: daar was de computer voor. Mijn geschiedenislessen gingen bijna constant over de Tweede Wereldoorlog met een eenmalig uitstapje naar de Koude Oorlog. Van een Engelse, Franse of Duitse boekenlijst was nauwelijks meer sprake en ik herinner mij heel veel onzinnige kleine werkstukjes over onderwerpen die varieerden van ‘Batikken’ tot ‘De navigatie van postduiven.’ Ik ben dan ook niet echt verbaasd dat de studenten die rechtstreeks van de middelbare school komen, niet weten wie Baudelaire is. De enige verplichte Franse literatuur op mijn middelbare school ging over ene Supergosse die Jus d’Orange dronk. En dan is het toch ook niet gek dat studenten even moeten wennen aan het lezen en analyseren van anderstalige academische teksten? Of dat ze de theorieën van Freud nog niet onmiddellijk kunnen plaatsen? Ik dacht dat ik, als tutor, de taak heb om de studenten iets bij te brengen. Om zaken uit te leggen als er onduidelijkheden zijn en teksten in de groep door te nemen. Maar blijkbaar is dat een raar idee. Want steeds vaker hoor ik mensen goedkeurend praten over het selecteren van studenten voordat ze toegelaten worden. Testen, toetsen en gesprekken afnemen om de hersentjes van de student te controleren zodat we er zeker van zijn dat er vanaf dag één allemaal gemotiveerde, enthousiaste studenten met parate kennis in de onderwijsgroep zitten. Naar mijn idee moeten studenten misschien eerst eens de kans krijgen om iets te leren voordat ze getest worden. Natuurlijk moeten ze uiteindelijk het niveau aankunnen en dingen snel oppakken, maar moeten wij ze niet de mogelijkheid geven om zich te ontwikkelen tot een goede student? Van mij mag een student best door schade en schande wijzer worden, als hij uiteindelijk ook maar echt wijzer wordt. En tot die tijd vind ik het nergens voor nodig om maar te blijven herhalen dat het niveau te laag is. Wat bereik je ermee? Behalve een hele groep met ongemotiveerde, onzekere studenten. Misschien moeten sommige docenten hun verwachtingen maar eens een beetje bijstellen. Want van mij mag er tussen de navigatie van postduiven en het sterfjaar van Freud best een studiejaartje verschil zitten.

Reacties

Er zijn nog geen reacties

Reageer

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

Website

Enter the code shown above:

specials  |   paarltjes  |   rss  |   UM agenda  |   contact  |   adverteren