Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Lesgeven had een roeping kunnen zijn, zo leuk vind ik het”

“Lesgeven had een roeping kunnen zijn, zo leuk vind ik het”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Wynand Wijnen Onderwijsprijs 2013 voor Jan de Roder

Aangenaam verrast was dr. Jan de Roder, docent bij cultuurwetenschappen en het University College Maastricht (UCM), toen hij afgelopen maandag tijdens de Dies-viering in het Theater aan het Vrijthof de Wynand Wijnen Onderwijsprijs ontving. “Ik had mijn partner niet eens meegenomen. Ik dacht: anderen hebben nieuwe dingen ontwikkeld, dat doe ik helemaal niet.”

Hij ziet de prijs als waardering voor zijn werk – De Roder geeft onder andere schrijf- en literatuuronderwijs – om er meteen aan toe te voegen dat zijn collega’s zich ook allemaal een slag in de rondte werken en de prijs net zozeer zouden verdienen. “Maar ik moet daar niet te moeilijk over doen. Iemand zei tijdens de receptie tegen me: dat anderen de prijs zouden verdienen, betekent niet dat jij hem níet verdient. Dat is ook waar.” Hij vindt het goed dat er waardering is voor de activiteiten in het onderwijs. “We moeten niet vergeten dat we als universiteit ook een school zijn. Een bijzondere school met onderwijs op hoog niveau en onderzoek, maar met als basis studenten opleiden. En die studenten zijn steeds veeleisender geworden. Ze zijn kritisch, dat is goed.”

Een goede docent houdt volgens De Roder de balans tussen het collectief en het individu. “De studenten moeten uiteindelijk aan dezelfde criteria voldoen, maar ik probeer altijd hun individuele kwaliteiten aan bod te laten komen. Je merkt aan studenten dat ze graag zo aangesproken willen worden, op wat ze goed doen en waar het beter kan.”

En: goed voorbeeld doet volgen. “Ik had laatst met vrienden een discussie over opvoeden. Wat kun je als opvoeder? Bar weinig eigenlijk, je kunt alleen laten zien hoe jíj leeft. Hetzelfde geldt voor onderwijs. Als je niet enthousiast bent over je vak, raken studenten dat ook niet.” Dat betekent niet dat De Roder per se wil dat studenten literatuur lezen, muziek luisteren en kunst bekijken. “Nee, die missie heb ik niet. Ik heb ook niet zoveel met het idee van Martha Nussbaum dat je door je bezig te houden met kunst een beter mens wordt. Dat vind ik gevaarlijk. Ik zie een cursus als ‘Shakespeare on screen’ ook echt als een vak, niet iets hogers wat mensen moeten weten. Dan komt er een dam tussen jou en de student. Dat neemt niet weg dat ik het heel leuk vind als een student vertelt dat hij of zij de hele Hamlet heeft gelezen of Wagners Tristan und Isolde heeft geluisterd. Dat waardeer ik.”

Het lesgeven zit in de familie; zijn vader en oma waren ook docent. “Maar ik ging niet Nederlands  studeren om les te gaan geven. Het was geen roeping, al had het dat wel kunnen zijn, zo leuk vind ik het. Ik koos voor Nederlands omdat ik daar zin in had. De vraag ‘wat kan ik daarmee worden?’ was toen niet zo aan de orde. Daarom deden we ook eindeloos over onze studie, ik tien jaar. Als ik dat aan studenten vertel staan ze met hun oren te klapperen.”

Studenten zijn doelgerichter geworden, volgens De Roder. “Ieder jaar een beetje meer. Dat uit zich in heel goed plannen. Als ik dit wil, hoe kom ik daar dan? Ze hebben een plan. Ik vind dat wel indrukwekkend, ik heb nooit op die manier een doel gehad. Ik ben trouwens ook altijd onder de indruk van hoe bereisd studenten zijn. Ze gaan zo een half jaar naar Australië. Dat durfde ik op die leeftijd helemaal niet. Mijn nieuwsgierigheid richtte zich meer op literatuur en muziek. Studenten van nu willen weten wat er in de wereld te koop is, wat er te ontdekken valt.”

De Roder geeft schrijfblokken bij cultuurwetenschappen en speelde een belangrijke rol bij het opzetten van de minor Creative Writing. Komt hij zelf nog aan schrijven toe? “Het schiet er een beetje bij in. Ik heb niet de discipline om én mijn werk goed te doen én regelmatig essays te schrijven. In 2003 won ik de vijfjaarlijkse essayprijs van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Die prijs was een soort belofte, maar het is er niet echt van gekomen. Als ik niet zou lesgeven, zou ik me daar helemaal op storten. Een boek over poëzie en een over Shakespeare in Nederland. Essays over muziek en kunst; leuke korte stukken. Fictie heb ik geprobeerd toen ik twintig was, het ligt me niet. Ik probeer wel in mijn essays de literaire kant op te gaan. Ik schrijf geen strenge wetenschappelijke artikelen, maar gun mezelf veel vrijheid.”

Over zijn belangrijkste wapenfeit als docent is hij duidelijk. “Ik heb een paar keer een student van wie gedacht werd dat hij of zij het niet zou redden kunnen helpen. Dat ze toch beter werden. Dat kost enorm veel tijd, maar je moet de moed niet opgeven. Excellente studenten begeleiden is geen kunst. Studenten die het moeilijk hebben, daar doe je het voor. Dat heb ik weer geleerd van docenten die mij hebben begeleid zoals Jo Wachelder, Pieter Caljé, Rein de Wilde en Sjaak Koenis.”

Tot slot, heeft hij nog tips voor collega’s die ook de Onderwijsprijs in de wacht willen slepen? “Nee zeg. Naar een prijs als deze moet je niet streven. Die moet je gewoon krijgen.”

Juryrapport

De bijdrage van Jan de Roder aan het onderwijs is om verschillende redenen bijzonder, volgens de jury onder leiding van rector Luc Soete. Niet alleen geeft hij heel veel onderwijs, ook weet hij “studenten te inspireren en zet hij op een vernieuwende manier zijn specialisme literatuurwetenschap in tijdens colleges in een interdisciplinaire academische context.” De Roder is verantwoordelijk voor de schrijfblokken van de bachelor cultuurwetenschappen en verschillende cursussen bij UCM. Daarnaast geeft hij regelmatig colleges op het terrein van literatuur en kunst in andere programma’s en heeft hij een belangrijke rol gespeeld bij het opzetten van het minorprogramma Creative Writing. Ook was hij betrokken bij de uitbouw van de doorstoommasters ‘Kunst en Samenleving’ en ‘Politiek en Samenleving’. Tenslotte is hij verantwoordelijk voor het uitwisselingsprogramma van de faculteit met een aantal (onder andere Amerikaanse en Canadese) universiteiten met verwante programma’s cultuurwetenschappen. “Bij al deze onderwijsactiviteiten slaagt hij er steeds in om de studenten te inspireren en warm te maken voor klassieke en moderne literatuur, muziek en kunst. Hij heeft zich de UM-huisstijl van pgo op een speciale manier eigen gemaakt: beginnen waar de studenten met hun vragen en ideeën zitten, maar daar niet bij eindigen.”  

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Name (required)

Email (required)