Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Jonckbloetplein

Nederland verloor van Denemarken. Dat was nieuws, helaas niet iets nieuws. In mijn buurt, Biesland, brak een oorverdovende stilte uit. Geen kinderstemmen. De luidruchtige barbecuegasten in een nabije tuin waren afgedropen. Op straat reed zelfs geen auto. Geen hond werd uitgelaten. Hoe lang deze collectieve verlamming duurde, weet ik niet. Ander nieuws hield mij bezig. Nog geen drie kwartier na afloop van de wedstrijd meldde de radio ongeregeldheden op het Jonckbloetplein in Den Haag. Dat was nieuws, helaas niet iets nieuws. Uit frustratie viel de ene wijk stil, terwijl in de andere groepen jongeren, op aandringen van de asociale media, zich klaarmaakten om met de politie te matten. Frustratie/agressie, zullen we maar zeggen.

Het Jonckbloetplein ligt halverwege de Goeverneurlaan in de Haagse wijk Laakkwartier. De drukste verkeersweg in de buurt. Tussen 1938 en 1956 heb ik op de Goeverneurlaan gewoond. Op ruim honderd meter van het Jonckbloetplein. De wijk is in de twintiger jaren gebouwd als overloop van de Schilderswijk en de Transvaalbuurt. Twee arbeiderswijken die vol waren. Volgens de bedoelingen van de stedelijke planologen waren mijn ouders kinderen van de Schilderswijk. Laakkwartier, soms ook Spoorwijk genoemd, lag ver van het stadscentrum. Weg van de kust, aan de andere kant van de spoorlijn richting Delft. On the wrong side of the track. In mijn jeugd was het Laakkwartier nog een overgangsbuurt. Aan de ene kant gewoon een uitbreiding van de volksbuurten. Aan de andere kant een tijdelijke huisvesting van Nederlanders die na de Tweede Wereldoorlog sociaal aan het stijgen waren. Op weg naar morgen. Mijn ouders vertrokken zelfs naar de Laan van Meerdervoort. Aan de goede kant van het spoor. Van het “veen” naar het “zand”. Zo werden zij van Hagenees toch nog Hagenaar.

 

Ongeregeldheden zijn er in het Laakkwartier altijd geweest. In het begin van de jaren vijftig van de vorige eeuw hadden wij de primeur van de Oudejaarsrellen. Juist de breedte van de wegen maakte het aantrekkelijk om op kruispunten een goede kerstboomfik te organiseren en het verkeer stop te zetten. De politie, nog gewoon met pet en ploertendoder, wist er wel raad mee. Op nieuwjaarsmorgen 1954 ben ik in een portiek door een agent die uit de zijspan van een motor sprong, behoorlijk afgerost. Ik was niet zo handig in die dingen als de harde kern van relschoppers.

 

 

 

 

Hans Philipsen

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

2020-10-15: Peter den Ouden
Ik lees dit stukjenu pas,
Ik ben ooit getuige geweest bij de rellenop de goeverneurlaan en heb toen gezien dat een jongen door een motor met zijspan achtervolgd werd, inderdaad een portiek invluchte en door de zijspanrijder in elkaar werd geslagen.
In mijn herinnering was dat in een portiek in de van Mussenbroekstraat vlak bij het Lorenzplein.
Kan jij dat geweest zijn?
Met vriendelijke groet
Peter den Ouden

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Name (required)

Email (required)