Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Dingen worden snel opgeblazen, dat moet je in je achterhoofd houden”

“Dingen worden snel opgeblazen, dat moet je in je achterhoofd houden”

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

Voorzitters Tragos, Saurus, KoKo en Circumflex zijn voorzichtiger geworden

Een slechte carnavalsgrap – ‘de wil van de vrouw doet er #nietoo’ - van Eindhovense studenten, liedjes over ‘sletten’ en ‘hoeren’ in Utrecht, eerstejaars die moeten slapen met ranzige vis, en zeer recent het Groningse Vindicat dat ‘vergeet’ om een mishandeling te melden en waar nu de bestuursbeurzen zijn ingetrokken. Ieder incident binnen studentenverenigingen wordt breed uitgemeten in de landelijke pers en kan op verontwaardiging rekenen. Is al die negatieve publiciteit terecht? Is er voor studentikoze uitspattingen steeds minder plaats? Passen de sancties van de Maastrichtse rector voor Tragos en Circumflex in dat plaatje? Observant vroeg het aan de voorzitters (twee mannen, twee vrouwen) van de vier grote studentenverenigingen: KoKo (de enige zonder ontgroening), Tragos, Circumflex, en roeivereniging Saurus. Ze willen over alles praten, maar niet over de eigen ontgroeningen. 

“Zullen we The Beatles op Abbey Road nadoen?” klinkt het opgetogen tijdens de fotosessie op de trappen van de Minderbroedersberg. Goed plan, maar hoe zet je je voeten in een natuurlijke loophouding? En wat doe met je armen?

Acht jaar geleden interviewde Observant ook de vier voorzitters. Toen vond de fotosessie plaats op het Vrijthof, met de caravan van KoKo. Die is helaas op de schroothoop beland, vertelt Stijn Zonneveld, voorzitter van KoKo, even later aan de Observanttafel.

Er is nog wel meer veranderd sinds 2010. De stoere mannenpraat die toen in de jolige en luchtige rubriek Praeses versus Praesus werd gebezigd door de vier (mannelijke) voorzitters, zou nu niet in goede aarde vallen, vermoeden Zonneveld en Circumflexvoorzitter Joris van Wel. Neem het antwoord op de vraag: Is het voorzitterschap goed voor je liefdesleven? “Niemand van ons is er slechter van geworden. Daar wil ik het bij laten”, zei Circumflexvoorzitter Joris Wielders toen. Oud-Tragosvoorzitter Niels van de Ven vulde aan: “Een Tragoslid zei laatst: al heb je vier ogen en maar één arm, het gaat om het voorzittersvestje.” Hij wilde maar zeggen: macht erotiseert.

“Als wij nu grappen zouden maken over het voorzittersvestje en vrouwen, dan zou dat wel eens op een relletje uit kunnen lopen”, denkt Zonneveld. Van Wel: “De maatschappij is anders, grappen over vrouwen zijn not done.” Opmerkingen worden snel verkeerd uitgelegd. Zelfs hun interview over het Maastrichtse studentenhuisvestingsbeleid - studenten worden door de gemeente te veel gezien als noodzakelijk kwaad, vinden de verenigingen - leverde een hausse aan negatieve reacties op. “We werden aangesproken als Stijntje en Jorisje op social media, kregen te horen dat volwassen mensen ook moeten slapen, dat niveau. Ongefundeerd en ongenuanceerd.”

Ze liggen onder een vergrootglas, beamen ook Maaike van Griethuysen en Catrien de Vries, de voorzitters van Saurus en Tragos, en dat maakt een mens voorzichtiger. Zo gaat niet meer iedere titel voor een feest ongecensureerd de deur uit. Van Griethuysen: “Daar let je op. We hebben nu ‘Zuipen in het Zuiden’. Dat vonden we kunnen. Klinkt ook lekker.”

Die voorzichtigheid begint al als Observant ingaat op de uitnodiging (het waren de verenigingen die het voortouw namen) voor een interview. Als duidelijk is dat de redactie onder andere wil terugkijken op de ontgroeningsincidenten van de afgelopen tijd, schrijft De Vries: “Ik wil echter wel van te voren al aangeven dat ik niet inhoudelijk in zal gaan op eventuele incidenten bij mijn eigen vereniging.”

In het eerste half uur van het gesprek moet De Vries,  meer dan de anderen, steeds lang nadenken, zeker als we naar voorbeelden uit de praktijk – wat is er veranderd aan de ontgroeningen, aan andere tradities, wat hebben jullie onder druk van de publieke opinie aangepast - vragen. Later, als het ijs allang is gebroken, zal ze zeggen: “Ik zou het complete antwoord kunnen geven, maar dat wil ik niet doen. Veel dingen zijn echt iets van onze vereniging, daarmee kom je niet naar buiten.”

De nieuwe tijdgeest dwingt hen om kritisch naar zichzelf te kijken. Dat is geen ramp, vinden de vier. Ook de verenigingen moeten met de tijd mee. Zo moeten tradities een toegevoegde waarde hebben, zegt Van Griethuysen. Wat is dat, een toegevoegde waarde? “Er moet een verhaal achter zitten, het is veel meer dan een gewoonte die uit gemakzucht is ontstaan.” De Saurusvoorzitter wijst op het niet al te frisse rode bestuursjasje dat ze draagt. “Het is traditie om dit jasje maar één keer per jaar te wassen, het liefst in de Maas. Aan het einde van je bestuursperiode schrijf je je naam erin. Toen mijn moeder laatst vroeg of ze het even zou wassen, was mijn antwoord: nee, dat kan echt niet. Maar nu het steeds vaker warm is, trek ik mijn jasje - tegen de oude gewoonte in - wel uit als ik tijdens wedstrijden met de boten mee fiets. Die traditie verwatert.”

Soms gaat de aanpassing vanzelf. Zo behoort het bij Tragos tot de mores dat tiendejaars studenten door de eerstejaars de kroeg in worden gedragen. De Vries, grinnikend: “Die zijn bijna uitgestorven. Laatst kwam er een lid van het jaar 2008/2009 binnen. Op de vraag of hij op de schouders van eerstejaars de kroeg in wilde, zei hij: ‘Sssst, zeg maar niet dat ik al zo oud ben.’”

Soms is het een bewuste keuze. Zo heeft Tragos de koers wat betreft de werving van eerstejaars verlegd. De Vries: “Minder uitdagen, meer uitnodigen. Vroeger moest een aspirant-lid aantonen waarom die bij Tragos zou horen, nu laten wij zien waarom hij of zij bij ons hoort. En dat het waardevol is om lid te zijn, je leert zoveel in korte tijd en de saamhorigheid is groot. Wij leren aankomende leden om trots te zijn op hun vereniging.” Voor alle duidelijkheid: dit nieuwe beleid heeft niets te maken met een terugloop in het ledenaantal. De instroom is redelijk stabiel, bij alle vier trouwens. Al merken de voorzitters dat eerstejaars wel twee keer nadenken voor ze de stap naar een lidmaatschap zetten. En ook sponsors twijfelen soms of ze hun naam aan een studentenvereniging willen verbinden.

 “We zijn heel bewust bezig met het branden van Tragos”, vervolgt De Vries. “We schrijven niet alleen ‘kom zuipen’ op onze site, maar laten heel duidelijk aan de buitenwereld zien dat we veel meer doen dan dat. We deden altijd al veel meer, maar nu vertellen we het ook. Dingen worden snel opgeblazen in de media, dat moet je altijd in je achterhoofd houden.”

Zoals in de tv-uitzending van Rambam (dat tv-programma ging undercover tijdens de ontgroening in diverse steden, niet in Maastricht), in het begin van dit jaar. Zonneveld van KoKo, de enige van de vier verenigingen die niet aan ontgroening doet: “Negatieve berichten stralen ook op ons af, we worden over een kam geschoren. Rambam was er bewust op uit om studentenverenigingen kapot te maken. Later bleek er weinig van hun verhaal te kloppen.”

Met al dat gedoe ga je je afvragen of ze het ook nog een beetje leuk hebben, daar op die sociëteiten. Zeker wel, benadrukken alle vier de voorzitters. De Vries: “Het is een plek waar alles kan. Ik vind de opbouw van een avond altijd heel mooi. Rond acht uur komt iedereen binnen – dan nog normaal functionerende mensen in de maatschappij. Een paar uur later rijdt er iemand rond op een kinderfietsje, wordt er curling gespeeld met bierflessen en zijn in één hoek alle mensen wit omdat iemand meel mee heeft genomen. Voor de wet zijn we volwassenen, maar de vereniging is een plek waar je nog kind kunt zijn.”

Ook als het om meer serieuze zaken gaat, is het lidmaatschap nog altijd een pre, vindt men aan tafel. “Je komt veel verschillende soorten mensen tegen, daar leer je mee omgaan”, zegt Zonneveld. “Je kunt op een informele manier de sociale grenzen opzoeken. Ga je daarover heen, dan word je teruggefloten.” “Het is een goede oefening voor later”, vindt De Vries. “Je wilt met z’n allen iets creëren waar iedereen steeds naar terug wilt keren. Als je ruzie met iemand hebt, sta je daar volgende week ook weer vlakbij te borrelen. Je moet het uitpraten.” “Je leert spelenderwijs heel veel soft skills”, zegt Van Wel.

Die komen dan weer van pas bij het solliciteren. “Je ziet soms dat iemand die zich puur op zijn studie heeft gefocust, alleen maar over z’n scriptie kan praten”, zegt Van Wel. “Terwijl een sollicitatiegesprek vaak informeel is – ik ken iemand bij wie het vooral ging over zijn bijbaantje als frietenbakker. Het zijn dat soort dingen die je steeds makkelijker afgaan als je bij een vereniging zit, merkt Zonneveld. “Neem het geven van een presentatie. Als je net op de universiteit zit, bereid je je daar enorm op voor, nu doe je het gewoon.” Ook het netwerk speelt een rol – veel oud-Tragoten en -Circumflexleden komen bijvoorbeeld bij Deloitte of Randstad terecht.

Zullen de verenigingen ook in de toekomst genoeg leden kunnen trekken? Bestaan ze over tien jaar nog? Van Wel: “Absoluut. Het gaat altijd in golfbewegingen, maar over het algemeen kunnen studentenverenigingen de tand des tijd doorstaan. We hebben genoeg innovatievermogen.” Zonneveld ziet dat de druk op studenten hoog is, te hoog. “De rek is eruit, we kunnen niet in twee jaar een bachelor halen.” In een tijd waarin van studenten verlangd wordt dat ze iets naast hun studie doen, heeft het lidmaatschap meerwaarde vindt hij.

Ook over de oprukkende internationalisering van de UM, maken ze zich geen zorgen. Ze zullen zich aanpassen – Saurus werkt tijdens de introductie bijvoorbeeld met taalbuddy’s die belangrijke mededelingen vertalen voor de internationale eerstejaars – maar overstappen op Engels zit er niet in. “Ik merk dat mensen het juist de charme van een vereniging vinden dat ze snel Nederlands leren”, zegt Van Griethuysen. “Ik denk dat dat ons juist uniek maakt”, voegt De Vries eraan toe. “Onze Nederlandse leden vinden het ook heel fijn om ’s avonds op de kroeg Nederlands te praten, juist omdat ze de hele dag al in een Engelstalige omgeving zitten”, zegt Zonneveld. De behoefte om een andere taal te spreken moet vanuit de leden komen, vindt Van Wel. “We kunnen wel zeggen: vanaf nu praten we Engels, maar als niemand daar de meerwaarde van ziet, gebeurt het toch niet.”

Cleo Freriks en Riki Janssen

De opmars van de vrouwen

Ten tijde van het Observant-interview acht jaar geleden waren er nog geen vrouwelijke voorzitters, inmiddels is de verdeling gelijk. ‘Vrouwen zijn minder ambitieus’ klonk het toen en ‘mannen nemen nu eenmaal sneller iets van mannen aan’. Dat laatste merkt Van Griethuysen wel eens. “Dan heb ik het gevoel dat ik een beslissing meer moet uitleggen. Maar het heeft ook z’n voordelen. Wij kunnen meer op het gevoel spelen.” De Vries: “Ik merk dat het handig is om niet altijd rechtstreeks de confrontatie aan te gaan.” Zij denkt niet dat vrouwen minder ambities hebben, maar wel dat het ze ontbreekt aan voorbeelden. “Als je al drie jaar lid bent en je hebt nog nooit een vrouw als voorzitter gezien, dan ga je het ook niet zo snel zelf doen. Je raakt juist geïnspireerd door je vrienden en dispuutsleden.” Van Wel denkt dat er een kern van waarheid in die verklaring zit. De Vries ziet ook dat mannen eerder roepen dat ze ooit praeses willen worden. “Het gevaar daarvan is dat een vrouw dan sneller denkt: o, mijn jaargenoot gaat dat al doen, dan word ik wel voorzitter van een commissie.”

Sommige incidenten bij verenigingen in het land waren seksistisch van aard – denk aan het uitreiken van een sletbokaal en het zingen van liedjes met woorden als ‘hoer’ erin. Hoe zouden de dames aan tafel daarop reageren? “Dat verschilt per geval”, zegt Van Griethuysen. “Wij zingen ook wel eens dat wij de vrouwen van het naaiatelier zijn die willen naaien en de mannen van het landbouwatelier die willen zaaien. Meestal zet een vrouw ‘m in en dan gaat het om het hardst. Daar is volgens mij niets seksistisch aan. Iets wat wordt opgeschreven, zoals die sletbokaal, daar zou ik meer moeite mee hebben.”

De Vries: “Ik heb een dergelijk incident niet meegemaakt, maar ik zou er hard op reageren. Of dat komt omdat ik een vrouw ben of vanwege de tijdgeest, dat weet ik niet. Als iemand ergens door gekwetst wordt en het heeft verder geen meerwaarde, dan zie ik geen enkele reden om ermee door te gaan.” Iets wat Van Griethuysen alleen maar kan beamen.

Joris van Wel, voorzitter SV Circumflex, lid sinds 2014, derdejaars fiscaal recht

Maaike van Griethuysen, voorzitter MSRV Saurus, lid sinds 2014, alumna International Business

Stijn Zonneveld, voorzitter SV KoKo, lid sinds 2014, derdejaars International Business

Catrien de Vries, praeses MSV Tragos, lid sinds 2014, alumna University College Maastricht

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)