Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Zo veel ogen op ons gericht: doodeng”

“Zo veel ogen op ons gericht: doodeng” “Zo veel ogen op ons gericht: doodeng” “Zo veel ogen op ons gericht: doodeng”

Photographer:Fotograaf:

Alanna en Tessa

UCM-studenten voor de klas op middelbare school

Hoe vind je een goed onderwerp voor een academisch onderzoek? Hoe lees je op een efficiënte manier een wetenschappelijk artikel? En hoe houd je middelbare scholieren hierbij gemotiveerd? Met deze vragen en meer klopte een docent van het Porta Mosana College in Maastricht aan bij het University College Maastricht (UCM). Alanna Staunton en Tessa Haugh, beiden derdejaars, wilden dat varkentje wel wassen.

Het Applied Research & Internship Project (ARI) van het UCM geeft studenten de kans om hun kennis toe te passen in de praktijk en helpt externe klanten bij het oplossen van een probleem. Een van deze cliënten was Casper Gardeniers. Naast docent is hij bij het Porta Mosana College coördinator van het ‘Cambridge Global Perspectives’ (GP): een driejarig pre-academisch vak voor de bovenbouw tto (tweetalig onderwijs). Hij wilde een nieuwe impuls aan zijn vak geven en zocht creatieve studenten als docent.

Een paar weken voor de start van hun stage kregen Staunton en Haugh de syllabus van het GP-programma. Hoe ze de inhoud hiervan aan de scholieren overbrachten was aan hen; ze kregen alle vrijheid. Al op dag één werden Staunton en Haugh in het diepe gegooid. Moederziel alleen voor zo’n dertig 4-vwo’ers. “Zo veel ogen op ons gericht: doodeng.”, aldus de Britse Staunton en Amerikaanse Haugh. In totaal gaven ze aan vijf klassen les.

Afvalbakken
Hun eerste opdracht: hoe vind je een goed onderwerp voor een wetenschappelijk onderzoek bijvoorbeeld? Haugh: “Tijdens de lockdown raadden we de scholieren - toen ging alles ging via zoom - aan om te wandelen en foto’s te nemen. Ook van dingen die irrelevant lijken. Op veel foto’s viel op dat het in Maastricht wemelt van de afvalbakken. Zo ontstond een discussie over afval in de wereld.” Vervolgens wezen ze de scholieren op de sociale media. Kijk eens kritisch naar Instagram en Facebook, was de opdracht. Wat vind je daar? Staunton: “We spraken over een foto van een blond meisje met een trui van de Zara. Het gesprek ging al snel over fast fashion en schoonheidsidealen. Van bijna alles kun je een ‘mondiaal onderwerp’ maken. Deze manier van kijken komt ze goed van pas als ze naar de universiteit gaan.”

Geslaagde lessen, vertellen ze trots, waar ze zelf ook veel van leerden. Hoe bereik je bijvoorbeeld de scholieren? In het begin probeerden ze hen met humor op hun hand te krijgen. In hun geval niet de juiste manier, lachen ze. Ze zetten memes (grappige plaatjes) in en probeerden het met Nederlandse gezegdes. “Nog geen glimlach”, zegt Staunton.

Citaties
Zich kwetsbaar opstellen bleek veel effectiever. Zo vertelden ze onder andere over hun eigen blunders en academische foutjes. Zo zat Haugh de dag voor een deadline van ’s ochtends vroeg tot sluitingstijd in de universiteitsbibliotheek omdat ze de citaties voor haar paper nog in orde moest maken. “Dat deed ik achteraf in plaats van tijdens het schrijven. Door zulke dingen te delen creëer je begrip en vertrouwen.” En, ook niet onbelangrijk: “Je krijgt er zoveel zelfvertrouwen van”, zegt Haugh.

Een van de belangrijkste vindingen van het duo: de ‘evi-dance’. Een stappenplan van zes treden dat scholieren helpt bij hun literatuuronderzoek: 1. Bekijk de samenvatting/abstract. 2. Lees de laatste paragraaf in de introductie. Enzovoorts. De ‘dans’ staat groot op hun kersverse website, het eindproduct van hun ARI-project. Haugh: “We vonden de woordspeling (evi-dance) heel origineel bedacht van onszelf, maar ook hier lachten de scholieren niet om.” Maar het werkte wel. “Bij het stappenplan hoort een informatiekaart waarop scholieren hun zoektocht bij kunnen houden. Heel makkelijk toepasbaar. De school blijft het gebruiken”, vertelt Staunton.

Big sister effect
Voor Arie van der Lugt, begeleider van het duo bij het UCM, is dit ARI-project “echt een van de highlights van het onderwijs in coronatijd. Wat ik heel erg bijzonder vind is de enorme groei in de ontwikkeling van deze twee studenten en hoe ze zich opstelden tijdens de lessen.” Deze rol kun je het best beschrijven als het ‘big sister effect’, zegt Gardeniers. “Ze hebben de kennis om de scholieren wat te leren en zijn slechts een paar jaar ouder. Ze zijn daarom heel benaderbaar. Zij overbruggen de kloof tussen de leerlingen en de docent. Het nieuwe ARI-project staat al gepland.”

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

2021-03-05: Ben Perry
Ik ben heel blij met deze vorm van internationale samenwerking tussen tto en de universiteit. Ons vak Global Perspectives leent zich ervoor, het biedt kansen aan stagiaires om iets te leren en samen te werken met 'locals' en ook onze leerlingen groeien erdoor. Kortom: win-win voor iedereen! Vraagt om een vervolg.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)