Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“We moeten Chinese studenten en promovendi niet stigmatiseren”

“We moeten Chinese studenten en promovendi niet stigmatiseren” “We moeten Chinese studenten en promovendi niet stigmatiseren”

Photographer:Fotograaf:

Li Guanzhou en Guo Haijun, website Tsinghua University in Beijing

 

De kritiek op China zwelt aan, UM haalt toch banden aan

MAASTRICHT. Hoewel er steeds meer kritiek komt uit - onder andere - de academische wereld op samenwerking met China, haalt de Universiteit Maastricht de banden aan en verwelkomt ze dit jaar zo’n zeventig Chinese beurspromovendi, 50 procent meer dan vorig jaar. “Je moet ze niet stigmatiseren, je moet samenwerken op basis van wederzijds respect.”

Vorig jaar streken 47 beurspromovendi uit China neer in Maastricht, dit jaar - de inschrijving sloot op 30 maart jongstleden - rekent de UM op zeventig kandidaten. Die groei heeft alles te maken met de stijgende belangstelling bij Maastrichtse faculteiten én Chinese jonge onderzoekers, vertellen collegevoorzitter prof. Martin Paul en prof. Harry Steinbusch, voorzitter van het Maastrichtse China-team. De faculteiten schreven maar liefst 220 onderzoeksprojecten, een stuk meer dan vorig jaar, en heel wat meer dan het handjevol van zeven jaar geleden. Toen, in 2014, ging de UM voor het eerst met het Chinese Scholarship Council (beurzenverstrekker CSC: zie kader 1) van de Chinese overheid in zee. Als eerste Nederlandse universiteit.

De Chinese kandidaten kiezen een land en een project, waarna een sollicitatieprocedure volgt. Tot voor kort koos de helft - vijfduizend - voor de VS en Australië, maar door de politieke onmin sinds Trump is daar een eind aangekomen. Andere landen, zo ook Nederland, profiteren daarvan.

Dubbeltje op de eerste rij

De groeiende belangstelling bij de faculteiten is niet verrassend, vinden de twee. “Het zijn heel goede mensen, afgestudeerd aan een Chinese universiteit die hoog scoort in de Shanghai Ranking. Je haalt kwaliteit binnen, maar ook onze ambassadeurs van morgen. Zowel in zakelijk als diplomatiek opzicht. Via hen kunnen onze studenten en onderzoekers straks terecht aan een topuniversiteit voor een stage of onderzoek.” Steinbusch, hoogleraar cellulaire neurowetenschappen, werkt al jaren samen met wetenschappers uit China. Hij ziet onder andere grote kansen voor het medisch onderzoek: “Wij willen graag werken met grote cohorten. Die hebben zij. En ze willen graag met ons samenwerken.”

Los daarvan lijkt de UM met deze promovendi financieel voor een dubbeltje op de eerste rang te zitten. China betaalt vier jaar lang de beurs (1350 euro per maand), de UM biedt het eerste jaar gratis onderdak in het Guesthouse en zorgt voor de onderzoeksfaciliteiten. Is de promotie een feit, dan wacht de universiteit een promotiebonus van het Rijk van zo’n 60 duizend euro. Dat is geen winst, zegt Paul: "Het is een vergoeding achteraf voor gemaakte kosten." De inkomsten en uitgaven zijn in balans, benadrukt  Steinbusch: “Wij steken er net zoveel geld in als China, denk alleen al aan supervisie, congresbezoek en promotiekosten. Alles op basis van wederzijds vertrouwen.” Desondanks ‘kost’ een Chinese promovendus een stuk minder dan bijvoorbeeld zijn Nederlandse collega die geen beurs maar een gewone aanstelling heeft.

Moet de UM dit willen?

Maar wegen deze voordelen op tegen alle risico’s? Moet de UM zo’n instroom van jonge onderzoekers wel willen nu de kritiek op China aanzwelt? Of het nu gaat om academische vrijheid (leerstoel Chinese Taal en Cultuur, Groningen: zie kader 2), censuur en beïnvloeding van medewerkers en studenten (Confucius Instituut Groningen: zie kader 2), mensenrechten (Oeigoeren, Hongkong), of het misbruiken van wetenschappelijke kennis (Technische Universiteit Delft: zie kader 2).

“Wij doen geen zaken met de staat”, reageert collegevoorzitter Paul stellig, “maar met de hoger onderwijsinstellingen. Die universiteiten worden gecheckt door de Nederlandse overheid en door de inlichtingendienst AIVD. Wij doen bijvoorbeeld geen zaken met afgestudeerden van een militaire academie.” En, vult Steinbusch aan: “Het zijn ónze onderzoeksprojecten. En wij selecteren de kandidaten, daarvoor gebruiken we onder andere een checklist van het ministerie. Wij hebben met iedere belangstellende - de Chinese afgestudeerde kiest een project uit onze lijst op de website - een tot twee uitgebreide persoonlijke interviews. Wij zoeken mensen die bij ons passen, die open het gesprek in gaan, de Engelse taal beheersen, onderzoekservaring hebben, met goede cijfers en belangstelling voor het probleemgestuurd onderwijs. Wij willen jonge onderzoekers die voor hun mening durven uitkomen en openstaan voor andere visies.”

Maar honderd procent zekerheid heb je nooit, klinkt het. Paul: “Er kunnen altijd onderzoeksresultaten misbruikt worden, maar dat gebeurt ook door niet-Chinezen, door burgers van andere totalitaire landen. We zijn waakzaam, kennisveiligheid is belangrijk, maar tegelijkertijd willen we ook openstaan voor samenwerking. Wij zoeken naar de juiste mix op basis van de China-strategie van de Nederlandse overheid.”

Kwaadwillend

Hun visie vindt weerklank bij vertrekkend directeur Freddy Weima van internationaliseringsorganisatie Nuffic. In een vorige week in Observant verschenen interview zegt hij over de samenwerking met bijvoorbeeld Rusland en China: “Je kunt je niet van die landen afwenden. Je moet kennis hebben van de Russische en Chinese taal en cultuur, alleen al omdat die landen veel invloed hebben op het wereldtoneel.” En op de vraag of we de grenzen niet moeten dichtgooien: “Dan schiet je met een kanon op een mug. Je moet alert blijven, maar er zijn in Nederland zo’n vijfduizend Chinese studenten en je moet niet doen alsof die allemaal kwaadwillend zijn.”

Big brother

Dat laatste is Steinbusch en Paul uit het hart gegrepen. “We moeten de Chinese studenten niet stigmatiseren”, klinkt het. “We moeten hen met respect bejegenen, op basis van gelijkwaardigheid.” Het beroemde (en beruchte) Nederlandse vingertje dat anderen graag op hun fouten wijst, mag wat Steinbusch betreft dan ook achterwege blijven. “We moeten onze studenten niet in een hoek drijven. Als ze net in Maastricht zijn, alleen, zonder familie, soms getrouwd, soms met kinderen, en iemand begint over de mensenrechten rond de Oeigoeren of de politieke situatie in Hongkong, dan is de eerste reactie vaak: ik ben trots op mijn land. We duwen ze dan in de rol dat ze hun land moeten verdedigen. Laat dat vingertje, dan komt die discussie vanzelf op gang. Ik praat in China ook over mensenrechten, maar altijd op basis van gelijkwaardigheid.”

Martin Paul herkent het gevoel: “Ik was als postdoc in de VS, in de tijd dat Duitsland nog was opgedeeld in Oost en West. Op het lab waar ik werkte sprak een hoogleraar mij aan: ‘Where are you from?’ Ik zei: Heidelberg, West-Duitsland. Waarop hij vroeg: ‘East and West: Who are the good guys? Who the bad guys?’ Ik voelde me toen als Duitser aangevallen. Ik ben het debat aangegaan, ik vind dat je elkaar met respect moet bejegenen, dat betekent op de eerste plaats de wil om naar elkaar te luisteren in plaats van meteen te oordelen.”

Los daarvan is het van belang dat de nieuwkomers goed integreren. Steinbusch: “Wij hebben een buddy-systeem en koppelen iedere Chinese PhD-kandidaat aan een student uit een ander land. We hebben een actief introductieprogramma en het eerste jaar wonen ze in het Guesthouse. Verspreid, niet met alle Chinezen op een gang. Ze maken kennis met verschillende culturen. En daar wordt gediscussieerd over allerlei onderwerpen.” Daar is noch hij, noch Paul bij. Paul: “Het is geen big brother is watching you.”

Trouw aan de staat

Goed, elkaar met respect bejegenen, daar zal niemand tegen zijn. Maar dan nog een ander punt: een afgestudeerde krijgt alleen een CSC- beurs als blijkt dat hij of zij, maar ook zijn of haar familie, trouw is aan de communistische partij en de staat China. Steinbusch, nuchter: “De studenten die naar ons komen, studeerden aan een topinstelling. Als je daar binnenkomt, dan weet je zeker dat je ouders een band hebben met de partij, anders kom je daar niet terecht. Hoe briljant je ook bent.”

Het is juist goed dat deze groep naar Maastricht komt en ondergedompeld wordt in “onze maatschappij en cultuur”, vindt Paul. “Hun blik wordt daardoor breder. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor studenten uit Saoedi -Arabië. Laatst kwam ik een afgestudeerde Saoedische geneeskundestudent tegen. ‘Het was mijn beste ervaring ooit, ik heb zoveel geleerd in Maastricht’, zei die. En natuurlijk is er veel politieke discussie, maar het is belangrijk dat de overheden die discussie voeren en dat het niet over de ruggen van deze jonge mensen gebeurt.”

Asian hate

Nog een laatste punt. Racisme is uit den boze, benadrukken de twee. Ze wijzen op de Asian hate die sinds de coronapandemie overal in de wereld opduikt en die Chinezen huiverig maakt om naar het buitenland te gaan. In Maastricht zijn er intern vragen over de komst van zo’n grote groep PhD’s, weet Steinbusch. Dat mag, maar hij ontwaart ook Asian hate binnen de universiteitsmuren. Dat zou niet moeten mogen.

 

Nederland populair bij Chinese studenten: op plaats zeven wereldwijd 

(kader 1)

Jaarlijks stuurt het Chinese Scholarship Council (CSC) van de Chinese overheid tienduizend afgestudeerden naar het buitenland voor een promotieonderzoek. Zij krijgen vier jaar lang een beurs; de mensen die naar Nederland komen ontvangen 1350 euro per maand van het CSC.

Tot voor kort - lees het pre-Trump-tijdperk - gingen vijfduizend van hen naar Amerika en Australië, maar door de politieke onmin is daar een eind aangekomen. Andere landen, zo ook Nederland, profiteren daarvan.

Het Nederlandse hoger onderwijs heeft een “heel goede naam” in China, zegt Harry Steinbusch, die veel contacten heeft in Azië en al jaren samenwerkt met onderzoekers uit onder andere China en Japan. Nederland is in trek bij de studenten en staat op de zevende plaats in de ranglijst van meest populaire landen. Op nummer één staat het Verenigd Koninkrijk, gevolgd door Australië en Nieuw-Zeeland.

In Nederland gaat Wageningen aan kop, daarna Delft, Amsterdam (UvA), Groningen en op nummer vijf Maastricht.

 

 

Steeds meer zorgen over samenwerking China, een onvolledige opsomming

(kader 2)

In Groningen heeft de universiteit zeer onlangs besloten om de leerstoel Chinese Taal en Cultuur niet meer mede te laten financieren door de koepelorganisatie van de Chinese Confuciusinstituten, Hanban. De hoogleraar, zo stond in het contract, mocht het imago van China niet schaden. Dat valt niet te rijmen met academische vrijheid en wetenschappelijke integriteit.

Er zijn zo’n vijfhonderd Confuciusinstituten verspreid over de hele wereld. Zij hebben tot doel de taal en cultuur van Volksrepubliek China onder de aandacht te brengen en het imago van China te verbeteren. In Nederland is er een Confuciusinstituut in Groningen en een in Maastricht (deze heeft een band met Zuyd Hogeschool, niet met de UM). Leiden zei in 2019 de samenwerking op omdat “de activiteiten van het instituut niet meer passen in de China-strategie van de UL”. In Groningen, zo kwam onlangs weer in het nieuws, zou er sprake zijn van censuur en beïnvloeding van medewerkers en studenten. Ook Chinese studenten die niet verbonden zijn aan het instituut zouden in de problemen komen als ze onderzoek doen naar gevoelige onderwerpen zoals de politieke situatie in Hongkong of de onderdrukking van een islamitische minderheid, de Oeigoeren.

De Amsterdamse universiteiten, UvA en VU, werken sinds 2020 samen met techgigant Huawei dat 3,5 miljoen investeert in een lab voor kunstmatige intelligentie. De Tweede Kamer heeft hierover vragen gesteld, niet in de laatste plaats omdat Huawei wereldwijd onder vuur ligt vanwege mogelijke staatsspionage.

Delta, het onafhankelijk medium van de Technische Universiteit in Delft, publiceerde vorige maand een serie artikelen over de samenwerking tussen Delft en Chinese universiteiten. Belangrijkste boodschap: promovendi en gastonderzoekers van de Chinese militaire academie NUDT deden of doen onderzoek naar radartechnologie, quantum computers, modellen voor oorlogssimulaties, kortom allerlei onderwerpen die zowel civiele als militaire doelen gebruikt kunnen worden.

De Chinese communistische partij probeert grip te krijgen op landgenoten die elders, dus ook in Nederland, wonen, blijkt uit recent Leids wetenschappelijk onderzoek. Onderzoeker Frank Pieke in de Volkskrant eind maart 2021: “Beijing verwacht van Chinezen, of ze nu de Nederlandse nationaliteit hebben of hier tijdelijk zijn voor studie of werk, dat ze loyaal zijn en de standpunten van het Chinese beleid onderschrijven.”

De Tweede Kamer vindt dat China genocide pleegt op de Oeigoeren. Een van de indieners van die motie, Sjoerd Sjoerdsma (D66) mag nu het land niet meer in. In Hongkong legt China de democratie aan banden en breidt stap voor stap zijn macht uit.

Meer weten? Lees ook het interview met Freddy Weima, vertrekken directeur van Nuffic.

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

2021-04-12: Shenghua Zong
I am from China and now am a postdoc in the UM. It is indeed a valuable studying experience.

Glad to see that the leaders in UM hold an positive opinion on the phenomenon and also has their own insights in the current critisms.

I was moved by the sentence: "We shouldn't corner our students. When they have just arrived in Maastricht, alone, without family, sometimes married, sometimes with children, and someone starts talking about the human rights...".
It is the very turth of what I was facing during my study here. I totally agree that it is alwasys important to communicate with respect and equlity.

Another point I want to add is that, these yound talent students are not only gaining knowleages from Netherlands, but also are contributaing to their academic areas, together with their supervisors and colleagues from Netherlands or the other countries of the world. And this is really what I, as a researcher, am proud of!

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)