Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Alles is gericht op zo min mogelijk beweging”

“Alles is gericht op zo min mogelijk beweging”

Photographer:Fotograaf: simonegolob.nl

Schrauwen en Hesselink: twee oraties over diabetes

Diabetes. Eén miljoen Nederlanders lijdt eraan, en nog zorgwekkender: één op de drie kinderen zal ermee te maken krijgen. Wat moet er gebeuren? Een gesprek met Patrick Schrauwen en Matthijs Hesselink, een geslaagd onderzoeksduo dat al jarenlang speurt naar de oorzaken van deze welvaartsziekte. Beiden aanvaarden in april het hoogleraarschap.

Allebei hoogleraar, in dezelfde maand: dat kan geen toeval zijn.

Matthijs Hesselink: “Nee, in zekere zin niet. Patrick en ik zijn een jaar of vier geleden door de toenmalige faculteit gezondheidswetenschappen uitgekozen voor een talententraject, zoals dat heette, met als eindstation het hoogleraarschap. We waren met z’n drieën, samen met Luc van Loon. We hebben nog overwogen om een driedubbele oratie te houden, maar dan moesten we genoegen nemen met twintig minuten per persoon, en niet een uur, zoals gewoonlijk.”

Patrick Schrauwen: “Dat vonden we zonde, want een oratie is toch een moment van exposure waarop je jezelf en je vakgebied wil laten zien. Aan een dubbeloratie hebben Matthijs en ik ook gedacht, maar los van het duo heeft ieder zijn eigen inbreng. Matthijs is ook nog vakgroepvoorzitter, dus ik denk dat hij ook ‘bewegingswetenschappen’ voor het voetlicht wil brengen.”

Hesselink knikt.

 

Wat maakt jullie een geslaagd duo?

Hesselink: “We vertrouwen elkaar, weten wat we aan elkaar hebben. En als er iets is, dan hebben we het daarover.”

Schrauwen: “De functie van vakgroepvoorzitter (niet van Schrauwen, die bij humane biologie zit, red.) vergt veel tijd. Dat zet de samenwerking soms onder spanning. Net zoals het geven van onderwijs dat kan doen. Het liefst zou ik me alleen bezighouden met onderzoek, maar dat gaat nu eenmaal niet.”

Hesselink: “We laten het in ieder geval niet oplopen. Beiden hebben we baat bij onze samenwerking. Wat ons zo sterk maakt, is dat we complementair zijn.”

Schrauwen: “Ik ben humaan bioloog en ga uit van de hele mens. Ik werk met proefpersonen die ik, om maar eens wat te noemen, bepaalde voeding geef, van wie ik de vetverbranding meet en later pas het spierweefsel onder de microscoop leg. Matthijs werkt andersom, hij begint op celniveau in de spier en past zijn bevindingen daarna toe op mensen. Dit is allemaal wat kort door de bocht, maar goed.”

 

Zijn jullie vrienden? Komen jullie bij elkaar over de vloer?

Schrauwen: “Ja, maar we lopen die niet plat. We fietsen vooral samen, al is dat ook alweer een tijdje geleden.”

Hesselink: “Bij elkaar over de vloer… dat klinkt zo klef. We hebben vooral dezelfde uitlaatklep: fietsen.”

Schrauwen: “Belangrijker is dat we hetzelfde denken over wetenschap. Als je wilt meetellen tegenwoordig heb je twee dingen nodig: een sterke focus en een grote groep onderzoekers. We zijn nu met vijftien.”

Hesselink: “Iedereen bestudeert verschillende processen maar die vallen allemaal onder de paraplu van ‘insulineresistentie in de spier’. Daar richten wij ons op, en dat blijven we ook doen. Het veld is constant in beweging, er gebeurt van alles, maar het is onverstandig om met elke hype mee te gaan. We hebben een aio gehad die geïnteresseerd raakte in de rol van ontstekingen bij het ontstaan van diabetes. We hebben daarmee geworsteld, je gunt iemand zijn ontwikkeling, maar we hebben het toch afgehouden.”

Schrauwen: “Wil je uitblinken, dan moet je je specialiseren. Dat is de reden dat steeds meer goede onderzoekers met ons willen samenwerken.”

 

Zijn jullie weleens bang dat je je op de verkeerde hypothese richt en op een dood spoor zal belanden?

Schrauwen: “Wat ik zorgwekkend vind is dat belangrijke tijdschriften vooral artikelen plaatsen die de heersende theorie bevestigen. Je ziet de laatste jaren een vloed aan publicaties die de zogeheten ‘diacylglycerolhypothese’ bevestigen. Terwijl studies die vraagtekens bij deze hypothese zetten, zoals die van ons, vanuit wetenschapsfilosofisch gezichtspunt misschien nog wel belangrijker zijn. Wij hebben weleens meegemaakt dat een studie van ons, met ‘negatieve’ uitkomsten dus, niet werd geplaatst. Als je je hoofd boven het maaiveld uitsteekt, kan het eraf worden gehakt. Dat is wat wij doen. Genuanceerd, dat wel.”

Hesselink: “Die nuance is vaak ver te zoeken in het huidige wetenschapsklimaat. De tijdgeest vraagt om concrete resultaten. De specifieke condities, waarin een bevinding geldt, de mitsen en de maren, worden steeds vaker weggelaten.”

Schrauwen: “Ik schrijf dat ook in mijn oratie. Net als in de politiek scoort een ongenuanceerde boodschap tegenwoordig goed in de wetenschap. Maar het leidt zelden tot echte oplossingen.”

 

Wat is volgens jullie de oorzaak van diabetes, zonder al te ‘fundamenteel’ te worden?  

Schrauwen: “Van de mensen met type 2 diabetes, de variant die het gevolg is van een ongezonde leefstijl, heeft 80 procent overgewicht. Belangrijk hierbij is: waar zit dat vet? Stapeling onder de huid is niet zo erg, wél in de spieren en organen. En nog erger is het als die vetopslag niet wordt gebruikt, als de patiënt dus weinig beweegt. Tot zover zijn onderzoekers het eens. Het hedendaagse debat draait om de vraag: hoe kan het dat spieren waarin vet ligt opgeslagen minder insuline opnemen? Welk stofje is de boosdoener? Is dat ‘diacylglycerol’? Of spelen de zogeheten ‘ontkoppelingseiwitten’ een hoofdrol?

 “Suikerziekte is eigenlijk een ongelukkige term gezien het belang van vetten. Het is namelijk niet zo dat mensen ziek worden van suiker maar van vet eten. Ook de term ‘ouderdomssuiker’ is niet meer van deze tijd. Jonge kinderen hebben het al.”

 

Hoe ernstig is de opmars van diabetes?

Schrauwen: “Heel ernstig. Op dit moment zijn er één miljoen Nederlanders die eraan lijden en er komen elk jaar zeventigduizend patiënten bij. De grote angst is natuurlijk: wat gaat de ziekte met onze kinderen doen? Wat zijn de effecten op latere leeftijd? De prognose van recent Amerikaans onderzoek is dat één op de drie kinderen in zijn leven diabetes krijgt. Dat is dramatisch.”

Hesselink: “Er zijn ook al berichten dat obese pubers minder vruchtbaar zijn. Maar goed, met alleen maar negatieve verhalen schieten we niets op. Vroeger in de 16e en 17e eeuw kwam obesitas in kringen van de bourgeoisie ook vaak voor. Je ziet het op schilderijen uit die tijd, zeker op die van Rubens. Overgewicht was mooi. Op een gegeven moment is dat ten goede gekeerd.”

Schrauwen: “De mens past zich altijd aan, maar dat gaat niet van vandaag op morgen. We zijn biologisch zo uitgerust dat we kunnen overleven in tijden van schaarste. Nu worden we ineens geconfronteerd met een overvloed aan eten. Logisch dat dit gepaard gaat met welvaartsziekten.”

 

Wat moet er gebeuren?

Hesselink: “Het is heel moeilijk om de cirkel te doorbreken. Veel mensen zien overgewicht in de eerste plaats als een esthetisch en niet als een medisch probleem. Ze kiezen voor een dieet in plaats van meer beweging. En dan heb ik het niet over hardlopen, want dat is geen pretje met 120 kilo. Gewoon meer lopen. Het vereist een leefstijlverandering. En bovendien: de beloning van bewegen is laag. Je wordt er fitter van maar niet per se slanker. Je hebt nog steeds hetzelfde postuur. Maar ondertussen kan meer beweging wel diabetes voorkomen en zelfs genezen. Een goed initiatief is het programma Beweegkuur van het ministerie van Volksgezondheid waarbij mensen door de huisartspraktijk worden ondersteund.”

 

Redden we het met dit soort programma’s?

Schrauwen: “Die programma’s zijn prima, maar de kern van het probleem zit dieper. Kijk eens waar mensen zich tegenwoordig aan ergeren. Aan files en te weinig parkeerplaatsen. En wat doet de politiek? Die knalt er weer een partij asfalt tegenaan. Je hoort politici zelden roepen: ‘Mensen, we willen dat u de fiets pakt!’ Alles wat wij doen, is gericht op zo min mogelijk bewegen.”

Hesselink: “Vraag eens aan de receptie van een gemiddeld hotel waar de trap is. Of ze weten het niet, of je belandt bij een groezelige brandtrap waar zelden iemand komt.”

Schrauwen: “In Amerika, waar ik acht maanden onderzoek heb gedaan, is het nog erger. Wie boodschappen doet, parkeert zo ongeveer in de supermarkt. Neem je de fiets, dan ben je al zes keer doodgereden. Nederland steekt daar gunstig bij af, hoewel we Amerika toch meer en meer achternagaan. Op middelbare scholen staat gymnastiek al jaren onder de druk, zwemmen ook, terwijl kinderen juist zo met beweging in aanraking komen.”

Hesselink: “Mijn dochters zitten samen met het buurmeisje op balletles in Houthem. Dat is tien minuten met de fiets. Laatst regende het. ‘Breng jij ze of ik’, vroeg de buurvrouw. Kom op zeg.”

 

Maurice Timmermans

Patrick Schrauwen (1971, Hoogerheide) houdt op 15 april de oratie Over een zoete ziekte en vette jaren, en aanvaardt daarmee de leerstoel ‘Metabole aspecten van type 2 Diabetes Mellitus’. Schrauwen studeerde en promoveerde aan de Universiteit Maastricht en viel al snel op door de vele prijzen en subsidies die hij in de wacht sleepte. In 2002 kende de KNAW hem een Academy-fellowship toe. In 2008 ontving hij een Vici-subsidie van NWO voor zijn onderzoek naar de oorzaken van diabetes. Specifieker: waarom werken de mitochondrieën (de energiecentrales in de cel) bij type 2 diabetespatiënten minder goed?

Matthijs Hesselink (1968, Bemmel) zal op 28 april zijn inaugurele rede houden, getiteld Beter in beweging. Zijn leerstoel luidt ‘Bewegingswetenschappen’. Ook Hesselink is eigen kweek. Hij studeerde gezondheidswetenschappen, promoveerde bij Carim en kreeg daarna bij Nutrim een aanstelling als onderzoeker en in 2000 als universitair docent. In 2005 ontving hij een Vidi-subsidie van NWO voor onderzoek naar het ontstaan van diabetes, preciezer, naar de link op celniveau tussen haperende mitochondrieën en insulineresistentie. Sinds 2007 is hij voorzitter van de vakgroep bewegingswetenschappen.

Beiden houden van fietsen en trainen regelmatig samen.

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)