Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Personeel kan lot meer in eigen hand nemen

Nieuw HRM-beleid

MAASTRICHT. Een mensvriendelijker personeelsbeleid met meer ruimte voor de eigen ontwikkeling van de medewerkers. Zo valt de grote lijn in het nieuwe HRM-beleid te karakteriseren. En ook: meer aandacht voor zowel jong als ouder personeel, en een serieuze poging om meer vrouwen te werven en binnenboord te houden.

De plannen voor het wetenschappelijk personeel (wp) kwamen al een klein half jaar geleden naar buiten; nu is de nota van HRM-directeur André Koehorst uitgebreid met paragrafen over ondersteunend personeel, ‘diversiteit’ en leeftijdsbeleid.

Voor het wp wil men minder tijdelijke banen, en, als het toch onvermijdelijk is, langer durende aanstellingen. Geen baantjes van een half jaar meer. Verder wordt korte metten gemaakt met de praktijk dat wetenschappers lang in onzekerheid verkeren of ze al dan niet een vaste baan krijgen en hogerop kunnen. De tenure track procedure binnen de UM wordt uniform: men krijgt na zes jaar de beloofde positie, mits uiteraard aan duidelijke criteria is voldaan, en ongeacht of het personeelsplan van de faculteit voorziet in die functie. Een vaste commissie beoordeelt de kandidaat, en die commissie bestaat voortaan voor minimaal 30 procent uit vrouwen. Dit om mogelijke gender-vooringenomenheid enigszins te doorbreken.

Een belangrijk uitgangspunt van de nota is dat de persoonlijke ontwikkeling van medewerkers voorop staat. Want, zo luidt de redenering, daar profiteert zowel de medewerker als de universiteit van. Men heeft dus recht op een “duidelijk loopbaanperspectief”, de UM zal faciliteiten bieden om die ontwikkeling mogelijk te maken maar de ‘regie’ blijft in handen van de medewerker zelf. En voor wie toch alleen een tijdelijke baan heeft weten te bemachtigen geldt dat de UM zich verantwoordelijk voelt om mensen zo goed mogelijk voor te bereiden op de arbeidsmarkt ‘buiten’.

Ook het ondersteunend personeel (obp) heeft recht op begeleiding in de loopbaan, klinkt het in de intussen door het college van bestuur goedgekeurde nota. De mobiliteit onder het obp is gering, zowel horizontaal, op gelijk niveau dus, als verticaal. Dat kan bestreden worden door - voor wie dat wil - meer aan deskundigheidsbevordering te doen: laat mensen eens op andere soortgelijke plekken rondkijken, wissel taken met collega’s. En wie het talent heeft en echt hogerop wil, krijgt daar ondersteuning bij van de leiding.

Twee thema’s zijn verder van belang: wat doen we met een vergrijzend personeelsbestand? En hoe krijgen we meer vrouwen in huis? Wat dat laatste betreft mikt de UM op een ‘gelijk speelveld’: de kansen voor vrouwen mogen niet minder zijn dan die voor mannen. Werving, selectie, beoordeling en bevordering, het moet allemaal transparanter en met inachtneming van de specifieke situatie waarin veel vrouwen verkeren. Dus beoordeel prestaties zo nodig in relatie tot de deeltijdbaan, zorg dat er rekening wordt gehouden met de balans tussen werk en privéleven.

Dat laatste moet sowieso geen dode letter blijven, zo blijkt uit de nota, niet alleen voor vrouwen. De UM gaat onderzoeken of nieuwe instrumenten soelaas kunnen bieden om die balans gezond te houden, zoals de mogelijkheid om meer flexibiliteit in werktijden en arbeidsuren te creëren. Dat zal niet zonder slag of stoot gaan: veel leidinggevenden “zijn hier terughoudend in”, heet het. Verder is deeltijdpensioen voor oudere werknemers eventueel een optie.

Wat hen betreft komen er wellicht meer opties: toch weer een vorm van vroegpensioen, en voor hen die juist ook na hun pensioen willen doorwerken de mogelijkheid om dat daadwerkelijk te doen. Ook dat zal echter niet makkelijk gaan. Het algemene beleid is gericht op een evenwichtige verdeling van jongere en oudere werknemers, dus wie langer door wil gaan mag geen jongeren in de weg zitten. En een tweede voorwaarde: het salaris mag niet uit de eerste geldstroom komen, het overheidsgeld waarmee universiteiten worden gefinancierd. Men zal dan dus ergens subsidiepotjes moeten vinden. Voor wetenschappers is dat wellicht nog een optie, voor obp lijkt het nagenoeg onhaalbaar.

Gezondheid is, zeker gezien de vergrijzing, eveneens een belangrijk thema in het nieuwe personeelsbeleid. Mensen moeten bij voorkeur duurzaam inzetbaar blijven, maar ook voor jongere werknemers geldt dat de UM hen aan zal sporen tot een gezonde levensstijl.

De nota besluit met enige zelfkritische bespiegelingen over de HRM-afdeling binnen de UM. Die gaat een belangrijke rol spelen in de uitvoering van het beleid, maar is daar misschien qua omvang en kwaliteit nog niet goed voor toegerust. Een werkgroep gaat daar naar kijken. Tijdens eerdere besprekingen van de plannen is bovendien regelmatig kritiek geuit op de “inefficiënte en complexe HRM-procedures”. De afdeling, zo meldt de nota, steekt de hand en eigen boezem en zal waar nodig de zaken stroomlijnen.

 

Wammes Bos

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)