Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Imago's oppoetsen door kunst te kopen

Imago's oppoetsen door kunst te kopen

Photographer:Fotograaf: Voorbereidingen voor de Tefaf 2016/ Loraine Bodewes

Waar komt al dat geld dat in de kunstmarkt wordt gepompt eigenlijk vandaan? “Over die vraag discussiëren we veel te weinig. Het gaat om veel en soms dubieus geld.” Olav Velthuis, universitair hoofddocent aan de Universiteit van Amsterdam en gespecialiseerd in economie en culturele sociologie, is keynote spreker tijdens de MACCH-conferentie op 18 en 19 maart in het Bonnefantenmuseum. Over het witwassen van reputaties in de kunstmarkt.

“Aan de bovenkant van de kunstmarkt bevinden zich verzamelaars die echt puissant rijk zijn, mensen met miljoenen aan vermogen. Dat vind ik op zichzelf al problematisch. Als je ergens economische ongelijkheid terug ziet komen dan is het wel op de kunstmarkt”, zegt Olav Velthuis (1972) die zowel een achtergrond heeft in kunstgeschiedenis als in economie. “Uit schattingen van veilinghuizen blijkt dat zo’n honderd tot tweehonderd mensen op aarde meer dan 100 miljoen dollar voor een kunstwerk willen uitgeven. De groep waar ik het in mijn keynote over heb, is groter. Het Amerikaanse magazine Art News stelt jaarlijks een lijst samen van de tweehonderd belangrijkste kunstverzamelaars. Ik heb gekeken naar de wijze waarop ze hun geld hebben verdiend en hoe het wordt beheerd. Daarvoor heb ik gebruik gemaakt van openbare bronnen, zoals artikelen in de media, maar ook verslagen van rechtszaken, bijvoorbeeld over corruptieschandalen, belastingontduiking of insider trading (met voorkennis handelen op de beurs).”
Met de meeste verzamelaars is weinig aan de hand, slechts een minderheid heeft een problematische achtergrond. Lees: die hun geld hebben verdiend op een “minder legitieme manier”.
Grensgevallen zijn er natuurlijk ook. Sommige praktijken lijken raar of dubieus, maar zijn toch legitiem. Zoals een Amerikaanse kunstverzamelaar die zijn geld haalt uit agressieve free fight evenementen. “In de staat New York is de vechtsport verboden, maar in andere Amerikaanse staten niet.”
Velthuis wil “niet met de beschuldigende vinger wijzen”, maar een discussie starten over waar het geld in de kunstmarkt vandaan komt. “Je kunt als kunstenaar best zeggen dat je je werk niet aan zo’n verzamelaar wil verkopen. Maar dat wordt niet gezegd. Er zijn weinig kunstenaars die er überhaupt vanaf weten. Er is echt een gebrek aan informatie. Anderen steken hun kop in het zand.”
Een ander voorbeeld. De Russische miljardair Abramovitsj, eigenaar van de Engelse voetbalclub Chelsea, koopt veel kunst en steekt geld in de ontwikkeling van de kunstwereld in Rusland. Zo financierde hij bijvoorbeeld het belangrijkste privémuseum, the Garage Museum of Contemporary Art in Moskou. Detail: “Zijn rijkdom heeft hij vergaard in de jaren negentig toen in de voormalige Sovjet-Unie staatsbedrijven in de uitverkoop gingen die op een dubieuze manier bij een kleine groep mensen terecht kwam.”
“Ik heb niet de illusie dat een veilinghuis gaat zeggen: ‘Met die Abramovitsj doen we geen zaken meer’. En dat is ook niet wat ik wil. Misschien zijn er wel die zeggen: ‘Ach ja, zo ging dat in de jaren negentig in Rusland, toen waren de tijden heel anders.’  Nog een – specifiek eentje waarbij de geruchtenmachine op volle toeren draait: de Oekraïense miljardair Viktor Pinchuk. Hij zou zich door een pr-bedrijf hebben laten adviseren om met kunst zijn reputatie op te vijzelen. Een goed voorbeeld van het witwassen van reputaties, zegt Velthuis. “Mensen hebben geen beste reputatie door een zaak waarmee ze zich hebben ingelaten en willen hun imago oppoetsen door kunst te kopen. Daar zit een sociaal motief achter, een van de drie motieven die ik grosso modo onderscheid bij de aankoop van kunst, naast het financiële en het esthetische motief.”

MACCH conferentie over fair and just practices

Tijdens de TEFAF – van 11 tot en met 20 maart – houdt the Maastricht Centre for Arts and Culture, Conservation and Heritage (MACCH) haar jaarlijkse conferentie. Deze keer in het Bonnefantenmuseum met als thema: fair and just practices.
In dit centrum werken onderzoekers van vier Maastrichtse faculteiten ( cultuur- en maatschappijwetenschappen, rechten, School of Business and Economics en Humanities and Sciences) sinds vorig jaar formeel samen op het gebied van kunst- en erfgoedonderzoek. Ook Stichting Restauratie Atelier Limburg en het Sociaal Historisch Centrum zijn aan MACCH gelieerd. Het centrum heeft een sterke onderzoekspoot – zowel op eigen initiatief als in opdracht (services) – en is betrokken bij het onderwijs. Een van de successen is het binnenhalen van een Europese subsidie voor NACCA: vijftien PhD-kandidaten zijn aangesteld voor dit project op het gebied van ‘conservering en hedendaagse kunst’. Daarnaast gaan ook studenten aan de slag, zoals bij een haalbaarheidsonderzoek voor een euregionale museumpas (in samenwerking met 'grensinstituut' ITEM).”
De conferentie vindt plaats op 18 en 19 maart; www.maastrichtuniversity.nl/macch

Op 18 maart vinden ook twee oraties plaats, van prof. Pip Laurenson en prof. Rachel Pownall

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)