Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Ongeluk

Ongeluk

Medewerkerscolumn

Ze ademde snel, maar zelfs dat was onvoldoende. Ze zag asgrauw. “Er was niks maar ze begon opeens te bloeden”, fluisterde de verpleegkundige ontdaan. “Infuus, lab met stolling en zuurstof”, zei ik terwijl ik ging zitten. “Tensie en pols?” “90 over 40, 120.” “Oké, dan direct naar verloskamer voor bewaking, OK op de hoogte brengen, we komen er misschien zo aan.” “Extra stolbuis voor mij”, zei ik terwijl de buisjes vol liepen.

Even later arriveerde de patiënte op de verloskamer. Ze bloedde langs de zojuist geprikte infuuslijnen. In bed lag ook een plas bloed. “Bradycard”, riep de verpleegkundige terwijl ze de apparatuur voor foetale bewaking aansloot. “90 over 40, hartslag 130”, riep ze daarna, “saturatie 89 procent”. “Twee cm ontsluiting”, siste ik. “We kunnen dit niet langs de natuurlijke weg oplossen.” Ik haalde de stolbuis uit mijn broekzak. “Geen stolsel”, stelde ik vast. “Bel de IC”, zei ik tegen mijn meegelopen collega, “zwangere, 41 weken, moederkoekloslating, vruchtdood en waarschijnlijk vruchtwater in bloedsomloop, stolt niet meer, bloed spontaan en zuurstofgehalte daalt”.

Het ging snel, heel snel en ondanks onze handelingen liet ze op de IC het leven, samen met haar kind. In enkele uren van blijde verwachting naar dood. Nooit zal ik de totale ontreddering van haar partner vergeten, die wanhopig ontroostbaar met zijn hoofd tegen de deurpost bleef slaan terwijl hij prevelde: “Saddam heeft gelijk, wij zijn slechte mensen, anders overkomt ons dit niet.”

Net in Nederland, hun pasgeboren dochter een jaar daarvoor verloren, niet eens tijdens de dodelijke gif aanvallen maar door bevriezing tijdens de daaropvolgende vlucht door de bergen van Noord-Irak met zijn bitterkoude nachten. En dan, in veronderstelde veiligheid, getroffen door dit onvoorstelbaar ongeluk.

Zelfs nu, ruim twintig jaar later, raakt het me nog altijd. Als ik aan vluchtelingen denk, dan zie ik deze mensen voor me, die alles wat hen dierbaar was achterlieten en een enorm risico namen hun verschrikkelijk onveilig geworden bestaan in te ruilen voor een ongewisse toekomst als, mochten ze het redden, tweederangs burger in een vreemd land.

Vrijwel alle vluchtelingen die ik daarna nog heb ontmoet, vertellen vergelijkbare verhalen. Het is spijtig dat de compassie die zo veel landgenoten voelen uit het zicht raakt door onhandig gemaakte keuzes in de opvang van vluchtelingen en de uitvergrote twijfelachtige beweegredenen van enkelen. Want ik deel graag een stukje van mijn geluk met hen met zo veel ongeluk.

Marc Spaanderman, hoogleraar verloskunde

Deze column is geschreven op persoonlijke titel.

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

2016-03-17: Danielle Verstegen
Die laatste zin is me uit het hart gegrepen. Ik denk dat iedereen die vluchtelingen kent vergelijkbare verhalen hoort....Dit verhaal is geen uitzondering, dat is misschien nog wel het ergst.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: