Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Mythe: op de verklaring van een ooggetuige kun je blind vertrouwen

Mythe: op de verklaring van een ooggetuige kun je blind vertrouwen

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts/ Simone Golob

Naar het rijk der fabelen

Het is een bekend stramien in misdaadseries: het politieonderzoek naar een moord, verdwijning of wat dan ook, is op een doodlopend spoor terecht gekomen en de rechercheurs zitten met de handen in het haar. En net voor ze de moed opgeven, meldt zich ineens die ene getuige waardoor de zaak in een stroomversnelling komt en binnen de kortste keren wordt opgelost.

De realiteit is doorgaans weerbarstiger, betoogt rechtspsycholoog Melanie Sauerland. “ Eén belangrijke verklaring is volgens mij dat we veel vertrouwen hebben in ons geheugen. We overschatten het zelfs. Het geheugen is namelijk niet statisch. Herinneringen kunnen met de tijd veranderen en als het ware een eigen leven gaan leiden.” Ze wijst daarbij op het 108 jaar oude werk On the Witness Stand door Hugo Münsterberg, pionier in de toegepaste psychologie en destijds docent aan Harvard. “Om de feilbaarheid van het geheugen te demonstreren voerde hij een paar experimenten uit met een collegezaal vol studenten. Zo liet hij ze bijvoorbeeld vijf seconden naar een vel met vijftig willekeurig geordende zwarte vierkanten kijken. Daarna moesten ze vertellen hoeveel vierkanten ze hadden gezien. De studenten gaven toen zeer uiteenlopende antwoorden (van 25 tot 200, red.). ”

Kortom, een getuigenverklaring is niet per se waar, maar de oorzaak daarvan ligt volgens Sauerland  in de eerste plaats bij de manier waarop de getuigenis wordt afgenomen en niet bij de getuige zelf.  “Herinneringen kunnen sterk veranderen door externe beïnvloeding. Wat dat  betreft zijn het de praktijken en procedures die de ‘bad witness’ maken. In de moordzaak van Olof Palme (Zweedse premier, doodgeschoten in 1986, nooit opgehelderd) had zijn weduwe aanvankelijk een heel vaag signalement opgegeven. Dat werd vreemd genoeg steeds concreter gedurende de twee jaren erna. Er werd toen ook een verdachte gepresenteerd. Alleen bleek uiteindelijk dat de ontwikkeling van het signalement door de weduwe duidelijk is beïnvloed door foto’s die haar door de politie getoond werden.”

Sauerland was in haar studietijd zelf ook eens getuige. Ze zat als passagier in een bus die op een auto reed. “Een vriendin en ik kregen, nadat we ons als getuige hadden gemeld, weken later een formulier waar allemaal vragen op stonden die we niet meer goed konden beantwoorden. Bijvoorbeeld of het wegdek nat of droog was. Er stond niets op het formulier in de trant van ‘als je het niet zeker weet, ga dan niet gokken’. Op die manier worden mensen uiteindelijk gemotiveerd om zoveel mogelijk dat ze herinneren daadwerkelijk te vertellen. Ook datgene dat ze zich niet goed herinneren. ”

Veel gerechtelijke dwalingen worden veroorzaakt door foutieve identificaties in de line-up, een identificatietoets waarbij een getuige de dader moet herkennen uit een rij met anderen. “Hier kan van alles mis gaan bij de uitvoering. In 2009 was er in Spanje een zaak waarin een dader door twee slachtoffers als ‘zwarte’ werd omschreven. Een zwarte verdachte werd toen als enige van zijn huidskleur in een line-up met latino-verdachten gezet. Iedereen die het signalement van de dader kende, kon hier de zwarte verdachte eruit pikken. Ook als die men niet op de plaats delict aanwezig was.”

Hoe kan er dan voor gezorgd worden dat getuigen en hun verklaringen betrouwbaarder worden? “Voor line-ups heeft de Nederlandse politie een Handleiding confrontatie van 300 pagina’s, maar die is niet wettelijk bindend. Hoewel die handleiding nuttige instructies bevat, is volgens Sauerland niet alles wat daarin staat correct. Wat belangrijk is, is dat eventuele biases bij de rechercheurs worden gecorrigeerd. De drang om bestaand bewijs te bevestigen (de investigator bias) kan bijvoorbeeld worden gecorrigeerd door een line-up dubbelblind uit te voeren. Dan weet de persoon die namens de politie de line-up uitvoert ook niet wie de verdachte is. De getuige moet zich daar dan ook van bewust zijn. Over het algemeen is het vooral van belang dat getuigen geen extra informatie gevoerd krijgen, en dat vragen en instructies open zijn.” Aan de andere kant hoort Sauerland ook vaak dat verklaringen van ooggetuigen nóóit te vertrouwen zijn. Dat gaat haar ook weer te ver. “Zolang de verklaringen onder de juiste omstandigheden op een verantwoorde manier worden afgenomen, zonder suggestie, zouden die betrouwbaar moeten zijn.”

Dit is een serie waarin wetenschappers mythes over hun vakgebied naar het rijk der fabelen verwijzen

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: