Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Daar is toch gaar geen plaats?

Daar is toch gaar geen plaats?

Photographer:Fotograaf: Simone Golob

Hoe zou het gegaan zijn, daar in de bestuurskamers op het tweede verdiep van onze Berg? Zou hij erg op zijn kop hebben gekregen?

“Potztausend, Luc, het is ja alles loik en aardig dat je nu rector bent en dat je hat gesagt dat je niet op de Laden ging passen, maar du kannst es auch übertrieben nicht? Mein Gott, ik word nu al monaten lang aan mijn kopf gesauert over die 25.000 studenten. Ik wìll gar niet soviel studenten! Zegst du mal was, Andreke!”

De handen ten hemel geheven banjert Germanicus door zijn kamer, knalt de deur open naar de secretariële voorpost om daar een paar extra meters te maken. De dames krimpen in elkaar als hij stampvoetend langs stormt. Luc maakt intussen hevig aantekeningen, André schraapt net zijn keel als Germanicus verder buldert: “En het aller-allerschlimmste is wel dat je ons afschildert als een stelletje immorele Buben die sich gar niks aanziehen von das Umfeld! Dat we wel groeien sòllen omdat wir anders die Limburgers in die kou laten staan! Dat het onzere morele pflicht is omdat wir anders, wie sagst du das, ein elitaar Insel zijn in een zee van armoed! Een Mont-St.Michel die oprijst uit die zee, waar de bedelaars aan de poorten komen kloppen als ze al niet verdronken sein in het treibzand! Hoe kan een mensch denn noch gegen jouw plannetjes zijn, mit goed fatsoen? En das laat je dan auch noch in die krant abdrücken! Verdammt mal André, zeg nu endlich auch ’s etwas!”

André huivert en zegt met trillende stem: “Ja Luc, ook vanuit mijn verantwoordelijkheid voor financiën, personeel en algehele besparingen kan ik niet anders dan dringend adviseren om je plan weer in te trekken. Kun je niet zeggen dat je - sorry hoor -  nog onervaren was en er nu heel anders over denkt?”

Germanicus: “Und hebst du dann keen gefoel voor de Elend die we over die stad zouden brengen mit jouw voorslag? Waar moeten al die studenten en studentinnen wonen? Daar is toch gaar geen plaats? En dan die überlast!! Iek vorzie opstand onder de burger en burgerinnen!” Luc maakt nog steeds ijverig notities. Germanicus ontploft: “Wat sitzt dich nou te schreiben weil ik rede, gottimhimmel!!!”

 

Of ging het zo? Een paar maanden geleden?

“Also meine heren, al dat gedonnerwetter rund de sporthalle und die Tapijn hat ons gelernt dat het met de gemeinte niet immer bekwaam kirschen essen is, of wie sagen jullie das hier. Terwijl wir, dat is ja klaar, graag alle onderstutzing willen van onze overheden die we maar nodig kunnen hebben bij toekunftig beleid, nah? Kunnen wir geen liszt bedenken om ze uber die brücke te lokken?  Luc, jij bent neu, jij bent frisch, bedenk etwas!”

En Luc bedenkt zijn groeisprong, de gemeente tuint er met open ogen in, Germanicus bezoekt hoogstpersoonlijk herr bürgermeister Hoes en wijst met een elegant gebaar op zijn postuur: “So wie ich, so moes die oeni auch werden, was du, Onno??” En Onno schrijft het in een beleidsplan: hoera, eindelijk groeit er weer eens wat in Maastricht! Het College van Bestuur bedankt de gemeente vervolgens hartelijk voor de positieve attitude jegens de UM, daar zullen ze in de toekomst graag gebruik van maken, maar nu gaat het feest even niet door, foutje bedankt!

 

Nee, toch maar het eerste scenario, denkt u niet? Luc zit intussen nog steeds driftig te schrijven. Germanicus springt uit zijn vel: “Was is das doch was du da schreibst!?!?”

Luc: “Awel voorzitter, ik maak notities voor ‘ne kolommeke in de krant. Ik heb alweer een nieuw planneke.”

 

Albert Bergbroeder

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: