Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Stukje ijzer

Stukje ijzer

Photographer:Fotograaf: Simone Golob

Ik was laatst naar de orthodontist. Eigenlijk ben ik al jaren bevrijd van het (voorheen) maandelijkse beugels-aandraaien en in aardbeienklei happen, maar er was iets misgegaan. Om mijn tanden na duizenden euro’s aan priegelwerk recht te houden was er tijdens mijn laatste bezoek een ijzeren draadje achter mijn tanden geplakt, en dit draadje was nu afgebroken. Paniek, want dat is funest voor het behoud van een aangelegd engelengebitje.

Om te voorkomen dat ik helemaal naar Amsterdam moest reizen had ik eerst de Maastrichtse tandarts gebeld. Toen ik verslag deed van de voltrokken ramp zuchtte de vrouw aan de andere kant van de lijn hoorbaar. “Heeft u het afgebroken stukje ijzer bewaard?” Nee dat had ik niet. “Dan kost het aanbrengen van een nieuw spalkje 150 euro.” In de hoop minder te hoeven betalen belde ik vervolgens mijn eigen orthodontist in Amsterdam. Ik kon diezelfde week nog langskomen.

Zo zat ik op een druilerige donderdagmorgen tussen de tieners in de wachtkamer. Ik telde de keren dat ik hier zenuwachtig de Cosmogirl had gelezen. Minstens twintig. De witte deur naast de stoelen bood toegang tot een fotokamer, waar ik ooit mijn hoofd had gestoten aan een röntgenapparaat.

“Cááá-to?” De baliemedewerkster was nog steeds dezelfde doorrookte vrouw met eekhoorntjesrood haar. Ze gaf me een geplastificeerd papiertje met daarop een dikgedrukt nummer. Ze zag mijn verbaasde blik. “Stoel vijf schat” en ik volgde haar priemende vinger richting de trap.

Eenmaal boven nam ik ongemakkelijk plaats. De setting was compleet anders: geen aparte behandelkamertjes meer, maar zes losse stoelen op een rij. Een minuscule afstand van 90 centimeter scheidde mij van een blond knaapje met te grote schoenen (links) en een Amsterdamse student met een aardappel in zijn keel (rechts). Terwijl wij stil lagen, zoefden zes dames met roze shirtjes van de ene naar de andere kant van de ruimte, ondersteund door krukken op wieltjes. Het deed denken aan een mierenkolonie.

Birgitta, mijn vaste orthodontiste en tevens de opperbaas van dit micro-ecosysteem, rolde haar kruk mijn kant op. Ze had wel iets weg van een mierenkoningin, zo autoritair en strak als ze eruitzag. Ik had haar jaren geleden een keer zien joggen in het Amsterdamse bos: geen grammetje vet. Met drie snelle handbewegingen plakte ze een nieuw ijzerdraadje achter mijn tanden. Klaar.

Een maand later kreeg ik de rekening. Die druilerige donderdag had mij honderd euro gekost, exclusief de vijftig euro die ik neer had moeten tellen voor de treinreis. Het is een duur grapje, zo’n engelengebitje. Misschien begin ik later ook wel mijn eigen mierenkolonie, want Birgitta is ongetwijfeld stinkend rijk.  

Cato Boeschoten

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: