Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Wij laten elkaar vrij, zijn niet jaloers en [lacht] gunnen mekaar een uitstapje”

 “Wij laten elkaar vrij, zijn niet jaloers en [lacht] gunnen mekaar een uitstapje”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Gerald Bouwels (1958, Heerlen)/ medewerker ADP (Archief, Documentatie en Post)/ ongehuwd samenwonend met Lei/ woont in Kerkrade

Grote liefde? Daar heb je er maar één van. Mijn grote liefde is Lei. Wij zijn 33 jaar samen en dat is in onze kringen niet gangbaar. De meeste relaties stranden voortijdig. Onze sleutel tot succes? Wij laten elkaar vrij, zijn niet jaloers en [lacht] gunnen mekaar een uitstapje.
Het is verboden om over mijn buik te praten. Helemaal niet, ik praat er zelf nog het meeste over. Ik heb diabetes, toen ik me daarvoor een paar jaar geleden bij een deskundige  - de suikerfee - meldde, zei ze: je moet afvallen. Vervolgens schreef ze allemaal pillen voor waar je dik van wordt. Uiteindelijk woog ik 108 kilo. Ik ben met de medicijnen gestopt en viel twaalf kilo af, maar ja, toen was mijn suiker weer enorm gestegen. Mensen zijn wel eens bezorgd, en natuurlijk, ik kan op water en brood overgaan, maar ik wil ook een beetje genieten van het leven.
Ik blijf in iedere situatie rustig. Nou, dat valt nog wel eens tegen. Voor ik de suiker onder controle had, kon ik opeens heel boos worden. Daar had ik dan naderhand spijt van. In onze relatie kan het ook wel eens botsen, al is dat sinds de komst van onze Italiaanse waterhonden stukken minder. We genieten zo van die dieren dat zaken niet meer zo hoog oplopen. Jip is nu een jaar, Joep bijna 2,5. We hebben hun manden op onze slaapkamer staan, maar ’s ochtends liggen die twee op bed. Ja, dan is het bed vol. We lachen er vaak om: zullen wij dan maar in de mand gaan liggen? 
De UM is de beste werkgever. Ja, dat vind ik wel. Je krijgt veel kansen om je te ontwikkelen, de sfeer is prettig en je hebt vastigheid. Een tijd terug kon ik op detacheringsbasis les gaan geven in de jeugdgevangenis in Cadier en Keer. Onderwijs is een oude liefde. Die detachering duurde maar een maand, toen kwam ik gillend terug. Ik werd knotsgek achter die gesloten deuren.
Grootste verdriet? Dat mijn zus in 2011 op haar 56e is overleden aan acute leukemie. Zij poetste bij ons, ik zag haar vaak, ze was echt een goedzak, je zou nooit ruzie met haar krijgen. We hadden een ongecompliceerde band, ik mis haar nog steeds. Mijn moeder is 65 geworden, zij stierf plotseling, tijdens het koken. Mijn vader is op mijn tiende ook plotseling overleden (47 jaar), hij werd niet goed op zijn werk, zakte in elkaar en was twee minuten later dood.  
Als kind …
ging ik altijd op vakantie bij de familie Ketelaars in Geffen, een dorp in Brabant tussen Den Bosch en Oss. Ik was zeven toen ik voor de eerste keer op de boerderij logeerde. Ik was dol op de koeien, mocht al heel jong zelfstandig de wei in om te kijken of ze nog genoeg water hadden. Ik molk ze vanaf dat ik tien, elf was. Het is mijn tweede thuis geworden, een volledig gezin, de vader boer en veel thuis, heel gezellig, heel warm. Toen de vrouw des huizes overleed reageerde ik heel emotioneel, voor mij was zij een soort moeder. Een paar jaar geleden hebben we ons ‘vijftig jaar familie zijn’ gevierd, georganiseerd door Lei en ikzelf.
Zitten is het nieuwe roken. Ik rook al twaalf jaar niet meer, maar ik zit veel op het werk. Lei en ik hadden twee jaar lang een abonnement op de sportschool, het laatste jaar zijn we niet geweest. Toen hebben we maar opgezegd. We stimuleren elkaar daarin niet. Zegt de een: ‘Heb jij zin? Ik niet.’ Zegt de ander: ‘Nee, ik ook niet.’ Ik wandel wel met de honden, als ik ze soms zie rennen en genieten word ik emotioneel en blij.
Leukste stad van Nederland? Den Bosch. Maastricht is ook leuk, maar kan qua sfeer en vooral gastvrijheid niet tippen aan Den Bosch. De Bosschenaar is naar buiten gericht. Voor de Maastrichtenaar blijft iemand van buiten altijd iemand van buiten.
Uit de kast komen was een makkie. Nee. Mijn moeder heeft me ooit - ik was achttien of zo - gevraagd of ik homo was, een vriendin van een vriend van mij had me in een homotent gezien en die vriend had mijn moeder ingeseind. Ik heb ontkend. Ik voelde gêne en was bang om mensen te verliezen. Dat was ten onrechte. Ik heb niemand verloren. Toen ik op mijn 25e, 26e het huis uit ging, kreeg ik van mijn moeder alvast de uitzet, ik zou immers nooit gaan trouwen.
Ik ben een schoolmeester in hart en nieren. Ja, maar het is er nooit écht van gekomen. Ik heb de pedagogische academie afgemaakt en daarna tien jaar vervangen maar nooit een vaste baan kunnen bemachtigen. Na mijn afstuderen moest ik eerst in militaire dienst terwijl de rest van mijn klas een baan in het onderwijs kreeg. Mijn kapitein bij de infanterie in Den Bosch was Peter van Uhm, de voormalige commandant der strijdkrachten. Wij moesten twee weken naar Roosendaal voor een commando-opleiding. Je werd daar afgeknepen, dat wist iedereen. Van Uhm regelde dat we niet hoefden te gaan. Wij blij. Een tijd later, tijdens een oefening in Duitsland, stonden we op appel. Het was vijftien graden onder nul toen onze kapitein zich opeens begon uit te kleden. In onderbroek en hemd en met gestrekte armen zei hij: ‘Ik voel me in mijn hemd gezet want jullie moeten toch naar Roosendaal.’ Wij zijn gaan zingen: ‘Laat de kap niet in zijn hempie staan.’ Dit fragment staat in zijn biografie Ik koos voor het wapen. Ik word er nog emotioneel van. Het is een geweldige vent. Hij stond echt voor zijn manschappen, was recht door zee. Hij heeft zijn zoon in Afghanistan verloren, dat gun je niemand, maar hoe hij daarmee is omgegaan: petje af. Ik kreeg bij het afzwaaien van hem de ‘tevredenheidsbetuiging’ omdat ik door het opzetten en schrijven van het compagnieblad had bijgedragen aan de goede sfeer.
In een volgend leven word ik astronaut. Ik schreef vroeger als kind al naar de NASA in Houston, ik was en ben gek van ruimtevaart. Ik weet niet hoeveel spreekbeurten ik daarover heb gehouden, allemaal met het materiaal dat Houston mij toestuurde. Mijn Engels is goed, mede daardoor. Ik ben onlangs nog naar een lezing van André Kuipers geweest; die oneindigheid van tijd en ruimte blijft trekken. De aarde is maar een puntje. Ik geloof niet in de schepping, wel in de oerknal.

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)