Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Carnaval

Carnaval

Medewerkerscolumn

Volgend jaar zal ik er toch weer bij zijn. “The gate is closing in five minutes”, wordt er omgeroepen. De intercontinentale luchthaven van LA is altijd druk. Ik was van plan niet meer naar dit jaarlijkse wereldcongres te gaan. Maar deze ochtend heeft dat ene mooie verhaal buiten mijn professionele interessegebied het verschil gemaakt.

Ik ga naar huis, daar is het carnaval. Ieder jaar vraag ik me hardop af of ik er gewoon niet mee moet stoppen. Herrie alom, druk, uitbundig, vermoeiend. Geen weldenkend mens wil carnaval vieren, toch? We musiceren al samen vanaf onze tienertijd. Jaarlijks besluiten we weer op te treden en diep ik mijn bandtenue op.

Het Dobbertje is het prototype kleine-café-aan-de-haven. De tijd staat hier al decennialang stil. Ooit lag het aan een drukke, buiten de stadsmuren gesitueerde getijdenhaven. Die is na de oorlog grotendeels gedempt. Alleen de huizen verraden dat hier ooit een haven is geweest. Door haar excentrische ligging ten opzichte van het stadscentrum komen hier met name lokale mensen, ook tijdens carnaval.

Uitgeblazen hangt de trombone zwaar aan mijn linkerarm. Terwijl ik vanuit het hoge deel van het Dobbertje over de mensen uitkijk, vraag ik me vertwijfeld af wat ik hier eigenlijk doe. Het is half een ‘s nachts. Hard wordt er geschud aan mijn vrije rechterarm. “Artstikke gèèf” komt er in accentloos dialect uit zijn mond, terwijl hij naar de kastelein kijkt en er een voor mij bestelt. ”Doe maar water”, corrigeer ik, “ik moet nog rijden”. “Gij zijt ier ielek jaar mee de vastenavend”, stelt hij vast, “wij ok, ik zie oe ier alle jare”. Hij kijkt naar zijn secondant, die lachend knikt, maar niets zegt. “Stamkroeg?”, vraag ik en ze lachen beiden bevestigend hun grotendeels afwezige tanden bloot. Ik proost op hun gezondheid en geef ze een hand. “Frans”, zegt de een, “P-P-P-P-Peter” zegt de tweede man. “Nou Frans, Peter, oe ist?” vraag ik, en de daaropvolgende twintig minuten worden door het duo omstandig ingevuld en gunnen ze me een inkijkje in hun wonderbaarlijke bestaan, levens waarin de tijd ook stil lijkt te hebben gestaan.

Mijn band maakt aanstalten te vertrekken naar de volgende gelegenheid. “Peter, Frans, het was me een genoegen”, zeg ik, terwijl ik beide mannen een hand geef. Ze knikken instemmend terwijl ze me hard op de schouders slaan. Buiten blaast een gure wind over de gedempte haven. Volgend jaar zal ik er toch weer bij zijn.

Marc Spaanderman, hoogleraar verloskunde

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

2017-08-27: Bart
Dag Marc,
Heel toevallig kom ik dit verhaaltje online tegen. Zeer waarschijnlijk zal je me niet meer kennen; zo ongeveer 40 jaar geleden (!) zaten we samen op AMV les op de Prinses Margrietschool in BoZ en hadden we blokfluitles op het Juvenaat bij mevr. Smagge 😀
Je hebt een mooie carrière gemaakt zie ik. Super hoor. Wellicht kom ik je dan nog eens met Vastenavend tegen. Het ga je goed - oudoe Bart

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: