Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“In 2010 liep de UM voorop. Nu niet meer”

“In 2010 liep de UM voorop. Nu niet meer”

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

Duurzaamheidsbeleid heeft impuls nodig

En daar zijn ze dan: grote mannen met grote bakken. De afvalscheiding is begonnen. Waar moeten die drie bakken voor plastic, restafval en papier staan? De mannen kijken op een plattegrond van deze specifieke kantoorruimte. Precies in de hoek die als bestemming is ingetekend, zit iemand achter zijn bureau. En die vindt dat niet leuk. Dan maar ergens tegen een muur. Nog geen tien minuten later - het lijkt wel een militaire operatie - komt een groepje van vier UM-medewerkers de oude prullenbakken weghalen. Ze lopen voor op schema, zegt een van hen. Hoe dat komt? “We hadden op meer tegenstand gerekend, maar de mensen reageren soepel.” Geen gevechten om de prullenbakken dus.

Met de nu in gang gezette afvalscheiding is een belangrijke stap gezet in het duurzaamheidsprogramma van deze universiteit. In 2030 wil de UM klimaatneutraal opereren, zo zegt het jongste Strategisch Programma. En dan gaat het over meer dan afval scheiden en recycleren. Het gaat ook over gasgebruik, elektriciteit, water. Het gaat over zonnepanelen en geïsoleerde muren, en over dubbel glas. Probleem daarbij, zo bleek onlangs tijdens een presentatie voor een commissie van de universiteitsraad, is dat de universiteit veel oude gebouwen bewoont die vaak ook nog eens een monumentale status hebben. Dat betekent, zo zei de vicevoorzitter van het college van bestuur Nick Bos, veel moeizame gesprekken met de gemeente: “Die weigert steeds vergunningen”, bijvoorbeeld voor maatregelen aan het SBE-gebouw, Tongersestraat 53. Het staat bekend om z’n kou in de winter en de hitte in de zomer. In dat gebouw werkt ook U-raadslid Dirk Tempelaar. “We praten al jaren over maatregelen, waarom duurt het allemaal zo lang”, vroeg hij zich af.

UM-duurzaamheidsadviseur Marc Fischer: “Daarom hebben we het maar eens omgedraaid en zijn we met de gemeente gaan praten over wat er wèl mogelijk is.”

Of die benadering heel veel oplevert is de vraag. Wat T53 betreft, daar mogen bijvoorbeeld zonnepanelen op het dak worden geplaatst, maar alleen op het dak aan het binnenplaatsje. De tuinkant is taboe, want daar zouden de panelen zichtbaar zijn. (Hetzelfde geldt voor het SSC-gebouw, Bonnefantenstraat 2, waar ook alleen het dak aan de binnenplaats een paar zonnepanelen mocht hebben. Daar zijn ze geplaatst.)

De komende jaren kunnen ook op andere panden zonnepanelen worden neergezet: het bestuursgebouw op de Minderbroedersberg, de universiteitsbibliotheek en Kapoenstraat 2. Zeker is het allemaal nog niet. Fischer: “We moeten zien of het de moeite waard is, we gaan een kostenbatenanalyse maken.”

In Randwijck is de nieuwe sporthal - bij nieuwbouw is zoiets een stuk eenvoudiger - van zonnepanelen voorzien, maar daar lijkt het bij te blijven. Fischer: “Op de daken van UNS 40, 50 en 60 staan te veel installaties, die op hun beurt weer schaduw opleveren, om daar nog zinvol panelen bij te kunnen plaatsen.”

Tot nu toe is de opbrengst dus gering: waar de UM jaarlijks 19 miljoen kilowatt-uur aan elektriciteit verbruikt, levert de sporthal 155 duizend KWh en het Bonnefantenklooster 17 duizend. Samen een magere 1 procent van het totale UM-verbruik.

Een ding is dan duidelijk: van zonnepanelen moet deze universiteit het niet hebben. Waarvan wel? Van energiebesparing bijvoorbeeld. In het Skillslabgebouw is overal led-verlichting geïnstalleerd, en dat kan op termijn ook in andere panden. Isolatie werkt ook, maar ook daar gelden de restricties van monumentenzorg. Neem weer T53. Dubbel glas mag daar niet van de gemeente, behalve in de ramen van de Jezuïetenvleugel, waar vroeger de bibliotheek was. Muurisolatie? Fischer: “Ook dat is niet gemakkelijk, de muren zijn massief, dat betekent dat er aan de binnenkant een wand tegenaan gebouwd moet worden.”

Verder wordt overwogen om voortaan ’s avonds een deel van het gebouw af te sluiten, om zo energie te besparen.

 

 

Zonder gas

Toch is het de bedoeling dat de UM over een paar jaar, in 2020, van 1 procent hernieuwbare energie naar 35 procent gaat. Dan gaat het wel om eigen productie, zegt Fischer. Dat kan alleen samen met andere partijen, is nu al de conclusie. Investeren in windenergie via externe partners in Limburg  is een optie.

Maar er moet meer gebeuren om de CO2-voetafdruk te verminderen. Die ligt nu op 16 miljoen ton CO2 per jaar. Daarom moet onder meer het gasgebruik omlaag. Wanneer verwarmingsketels vervangen worden kan dat, zoals nu al de praktijk is, in de vorm van een aantal kleinere ketels die in ‘cascade’ geschakeld zijn: dan branden alleen die ketels die op dat moment echt nodig zijn.

De ambitie echter is om het op termijn helemaal zonder gas te doen. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van warmtepompen die buitenlucht verwarmen tot minder hoge temperaturen dan de gasinstallaties nu doen. Dat betekent wel dat alle radiatoren aan dit nieuwe systeem moeten worden aangepast: meer en waarschijnlijk grotere radiatoren zijn dan nodig.

Verder is de UM met de gemeente in gesprek over de stadsverwarming die papierfabriek Sappi nu reeds via een buizenstelsel levert aan bijvoorbeeld Mosae Forum en het stadhuis.

Aansluiting van UM-gebouwen daarop kan alleen als er voldoende ‘kritische massa’ is, zegt Fischer.

 

Gestegen

Dat er maatregelen nodig zijn blijkt wel uit de statistieken: het verbruik van elektra, water en stookenergie (per student/medewerker dan wel per vierkante meter) is de laatste jaren, ondanks maatregelen, niet gedaald en soms zelfs gestegen. Een verklaring? In ieder geval de nieuwe laboratoria in Randwijck van de universiteitshoogleraren, de instituten Merln en M4I. Fischer: “Daar is veel onderzoeksapparatuur die veel energie gebruikt en warmte produceert die weer moet worden gekoeld.”

En levert een ‘warmetruiendag’ iets op? Ja dus. Een graad minder stoken betekent gemiddeld 6 procent minder energiegebruik; afgelopen februari is bij de UM zelfs een besparing van 23,4 procent gehaald ten opzichte van een vergelijkbare vrijdag.

Ook het watergebruik zou omlaag moeten. Vorig jaar is dat juist toegenomen. Fischer: “De meeste besparing valt in de toiletgroepen te halen. Maar dat is gecompliceerder dan het lijkt. Neem het doorspoelen van de wc’s met een keuzeknop waardoor je meer of minder water gebruikt. In de praktijk leverde dat meer verstoppingen op. Dus die keuzeknop is afgeschaft. En wat betreft de waterkranen, we voeren nu discussies met de technische mensen van de Facilitaire Dienst over doorstroombegrenzers op de kranen.”  

Veel hangt ook af van het gedrag van de medewerkers en studenten, zegt Fischer. Sociaal-psycholoog prof. Gerjo Kok gaat daar onderzoek naar doen. Fischer: “Het is een dilemma. Als je, om elektriciteit te besparen, bewegingssensoren ophangt die het licht regelen, verander je niets aan het gedrag van mensen. En dat zou juist wel moeten.”

Een belangrijk deel van de CO2 voetafdruk komt door vliegreizen: 11 procent. Fischer: “In de praktijk is dat meer, dit zijn alleen de reizen die via door de UM geregelde reisbureaus gaan, ik vermoed dat het eerder 15 tot 20 procent is.”

Maar een centraal UM-beleid om vliegen tegen te gaan of te compenseren, is er niet, zegt hij. Fischer: “Alles overziend heeft het duurzaamheidsbeleid echt weer een impuls nodig.”

 

Hoe doet de UM het verhoudingsgewijs in Nederland? Niet al te best, meldde een door de UM ingehuurde duurzaamheidsadviseur, Fennet van de Wetering, in de U-raadscommissie. In 2010 liep de UM nog voorop met een Green Office, maar op dat punt is ze alweer ingehaald. In datzelfde jaar won de UM ook de eerste plaats in de SustainaBul, een door studenten opgestelde ranglijst van universiteiten en hogescholen. Maar in 2016 komt de UM niet eens meer voor in de top 15 daarvan, liet Van de Wetering weten. Zij onderscheidt drie rollen op het gebied van duurzaamheid: de defender, die netjes wet- en regelgeving volgt; de follower, die echt bezig is met duurzaamheid zoals de UM nu in het Strategisch Plan, en de leader. Die laatste loopt echt voorop, verzint nieuwe dingen. “In 2010 was de UM een leader”, zei Van de Wetering. Maar nu niet meer. “Afvalscheiding, dat is wel het minste wat je kunt doen, dat is een defender-ding”, klonk het. Uit haar rondgang door de UM concludeerde ze dat de studenten willen dat de UM weer een leader wordt: “Dan moet je dus kiezen op welk gebied, want je kunt niet alles.”

Collegelid Nick Bos was zeer geïnteresseerd, maar ook bezorgd: “Wat betekent dit? Ik bedoel: wat kost het?”

Wordt vervolgd dus.

 

 

 

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

2017-04-07: Werner Teeling
Echt wat duurzaams doen? Minder vlees eten. Of gewoon geen vlees. Kan prima.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)