Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Mijn artiestennaam is Xangô”

“Mijn artiestennaam is Xangô”

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Mark van der Linde (Middelburg, 1980)/ woordvoerder, persvoorlichter/ getrouwd met Jolanda, zoon David (9), dochters Gwen (6) en Nele (2)/ woont in Maastricht

Is er wel eens verwarring met royaltydeskundige Marc van der Linden? Soms. Dan vragen mensen van de pers of ik familie ben. Nee dus, je schrijft onze namen ook heel anders.
Op welk moment komt het kind in je bovendrijven? [Denkt even na]. Poeh, ik denk toch als ik bezig ben met mijn platenverzameling. Ik ben opgegroeid in Zeeland, we gingen nooit op vakantie, we hadden een schuurtje in Dishoek; één keer per jaar brachten we daar, fietsend, allerlei strandspullen naartoe. Daarna hoefden we niet meer te sjouwen. Op het strand zocht ik van alles bij elkaar, van scheermessen tot slagpennen en kwallen. Dat verzamelen zat er toen al in. Ik heb nu zo’n duizend platen, en ja, allemaal voor gebruik. Als ik ze niet meer leuk vind, gaan ze de verkoop in. Mijn eerste single, van U2, kocht ik in de jaren negentig. Pas jaren later ben ik echt een vinylliefhebber geworden.
Grote liefde: Jolanda. We zijn dertien jaar samen. Tijdens mijn studie geschiedenis, in Groningen, werkte ik bij een callcenter. Zij was teamleider. Ik houd van haar eerlijkheid, openheid en eigenwijze karakter. Ik herinner me hoe we in Groningen stil stonden met haar oude Kevertje uit 1973. Zaten we vast in de Steentilstraat – iedereen die ooit in het centrum van Groningen is geweest, kent deze eenrichtingsstraat. Wij met ons tweeën duwen. Zegt een oude man: “Tja, dat gebeurde vroeger niet zo vaak met die autootjes.” Waarop Jolanda roept: ‘Vroeger wisten ze ook wanneer ze hun bek moesten houden.’ Geweldig! Een ander zou zich voor haar schamen, ik niet.
Wat kunnen journalisten van pr-mensen leren? Ik heb een master journalistiek gedaan. Mijn ultieme droom was buitenlandcorrespondent, maar onze zoon David werd vrij snel geboren en Jolanda wilde niet meer weg uit Nederland. Limburg – ik kreeg een baan bij De Limburger – werd het compromis [glimlacht]. In mijn carrière ben ik steeds meer richting communicatie, strategie en brand publishing gegaan. Ik wilde journalistieke processen in de communicatiewereld introduceren. PR-mensen hebben, beter dan veel journalisten, de doelgroep voor ogen waarvoor ze schrijven. Menig journalist volgt vooral de eigen drive, wil zijn eigen ei leggen. Bezigheidstherapie, noem ik dat. In de wereld van de vrouwenbladen gaat het overigens wel goed, zij weten heel goed door wie ze gelezen worden.
En omgekeerd: wat kunnen pr-mensen van journalisten leren? Meer in verhalen denken en niet in catchy key messages. Ik probeer dat zelf ook te doen. Ik heb als woordvoerder aan deze universiteit vaker de voorpagina van De Telegraaf gehaald dan als journalist, haha. Ik houd me als woordvoerder vooral bezig met wetenschap, ik kom dan ook vaak op Randwyck. Ik probeer regelmatig nieuwe, bijzondere of mooie onderwerpen boven water te halen, koppel er maatschappelijke relevantie aan en probeer het verhaal te verkopen aan kranten en bladen. Ja, altijd met een positieve insteek. Wat zegt men ook alweer? ‘Journalistiek is wat niemand gepubliceerd wil zien, de rest is pr’.
Zitten is het nieuwe roken. Met roken ben ik 2,5 jaar geleden gestopt. Toen mijn zoon zei dat ik stonk, ging er een knopje om. Ik stopte meteen, cold turkey. Ik heb één zwak moment gehad, na een bijeenkomst in het klooster in Wittem. In een benzinestation, een paar honderd meter verderop, kocht ik een pakje. Ik beleefde de sigaret alsof ik weer veertien was. Afschuwelijk, het pakje vloog direct de prullenbak in. Verder beweeg ik voldoende. We hebben geen auto, doen alles op de fiets. Ik kom ook uit een autoloos gezin.
Op de middelbare school vond ik maar weinig vakken boeiend. Nee hoor, ik vond heel veel leuk. Ik kreeg zes uur per week Latijn, een fantastisch vak. Duits was ook favoriet, maar dat ging me vooral gemakkelijk af. Ik was toen al een beetje met muziek bezig, met hiphop platen die een vriend na een vakantie in Amerika – zijn familie woonde in San Francisco – mee naar Nederland had genomen. Heel cool. In hiphop gebruiken ze veel samples uit de jaren zestig en zeventig, uit de soul en funk. Via mijn transistor luisterde ik naar de Duitse zender Einslive die dit soort muziek, in tegenstelling tot de Nederlandse zenders, regelmatig draaide. Doordat ik de radio uit gemakzucht de hele dag op Einslive liet staan, leerde ik Duits.
Mijn grootste mislukking: Niet echt een mislukking, maar wel mijn grootste frustratie: ons huishouden van Jan Steen. Ik vind dat de sfeer vooral fijn moet zijn, muziekje erbij. Mijn moeder was vroeger vrij netjes, maar ik weet niet of het bij mij erin zit. Het leidt wel eens tot kleine conflicten met Jolanda. Als er bijvoorbeeld een plintje loszit, kan dat een half jaar blijven liggen. Ik houd niet van klussen; timmermannen moeten ook werk hebben. Mijn zoon zegt dat we een ‘wilde tuin’ hebben. Ik kan hem geen ongelijkheid geven.
Heb je ooit iets gedaan wat je kinderen niet zouden mogen? Dat ligt aan het kind. Ik ben altijd een redelijk zelfverzekerd mannetje geweest. Mijn ouders zeiden: ‘Je mag zijn wie je bent’. Wat anderen van me vonden, interesseerde me niet. In de hogere klassen zaten we met enige regelmaat in de coffeeshop, potje schaken of poolbiljarten. Als mijn kinderen niet makkelijk zijn te beïnvloeden, dan zie ik geen gevaar. Of ze zelfverzekerd zijn? Redelijk. Jolanda is dat minder dan ik. Haar voordeel is wel dat ze een antenne heeft voor ‘gevoelige’ dingen die beter niet gezegd kunnen worden. Die mis ik soms.
Bij wie zou je backstage willen? Gilles Peterson, dj bij de BBC. Hij is een trendsetter en verantwoordelijk voor een hele beweging van jazz, funk en soul. Hij draaide Amy Winehouse al jaren voor haar doorbraak. Peterson is ook altijd op zoek naar de verhalen achter Latijns-Amerikaanse muziek: opstand, emancipatie van de zwarte bevolking. In Groningen had ik een eigen programma bij de lokale OOG radio; iedere maandagavond draaide ik van tien tot middernacht een selectie van funk, soul en Braziliaans. Ik heb toen veel contacten gelegd met dj’s uit het buitenland. Ik draai nu nog af en toe, op festivals en in jazzclubs. Mijn artiestennaam is Xangô. Een carrièreswitch heb ik nooit overwogen, daarvoor zit Braziliaanse muziek toch te veel in een niche.
Wanneer was je voor het laatst ontroerd? Op 5 mei. Ik keek naar Schindler’s List, een film over de Tweede Wereldoorlog. In de laatste scène leggen joodse overlevenden steentjes op het graf van hun ‘redder’, de Duitse Oskar Schindler. Ik heb de film vaak gezien, maar bij deze beelden moet ik iedere keer weer huilen. Ik huil zelden, zelfs als er iets ergs gebeurt in familiekring. Juist bij mooie dingen kan ik volschieten.

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)