Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Fake it till you make it

Fake it till you make it

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

De zeven zonden van Latin danser Zef Orbons
  • Hebzucht. Voor alle duidelijkheid: Latin dance is géén ballroom [zodat we weten waar we het over hebben, lacht Zef Orbons. Hij danst de rumba, samba, jive, cha cha en paso doble]. Ik heb er altijd graag mooi willen uitzien, ik houd van stijlvol. Dus als je hebzuchtig uitlegt in termen van kleding, als het mooiste van het mooiste, dan zeg ik ja. Gelukkig heb ik een sponsor, Rumoer, die ook de styling doet van het televisieprogramma Dance Dance Dance. Een blouse en broek kosten al gauw 200 euro per stuk. De schoenen zijn 150 euro, die moet ik wel zelf betalen. Daar komen privélessen en treintickets bij omdat ik regelmatig bij mijn danspartner in Den Haag train. Ja, dansen kost je een vermogen. Mijn ouders hebben me altijd geholpen. In dat opzicht ben ik verwend. Als je me vraagt wat ik écht zou willen hebben, antwoord ik: een Aston Martin. Die ga ik nóóit verdienen met dansen, ik ben geen profvoetballer. Ik heb niet voor niets gekozen voor een studie ernaast.
     
  • Gulzigheid. Ik eet niet veel fast food, maar houd wel van een Big Mac op z’n tijd. Moet je eens naar de dichtstbijzijnde McDonalds gaan na een wedstrijd, dan zit het daar vol met dansers. Iedereen in de schmink, niemand durft zich te vertonen in een mooi restaurant. Vroeger was ik flinker, ik weeg nu zeventig kilo en dat is prima. Ik eet gezond, veel koolhydraten. Wie denkt dat dansen geen topsport is, nodig ik graag uit op de dansvloer. Je zet al je spieren aan het werk. Biertjes drink ik zo nu en dan, maar niet daags voor een wedstrijd. Pepmiddelen heb ik nooit gebruikt. Als het aankomt op doping is de danswereld heel strikt, bij grote toernooien wordt er altijd op doping getest. Tijdens het laatste NK stond ik zelf nog op de reservelijst voor een test; ik ben uiteindelijk niet opgeroepen.
     
  • Onkuisheid. Latin dansers zijn close met hun danspartner, dus het gebeurt meer dan eens dat er iets moois uit voortkomt. Het is mij ook gebeurd. Uiteindelijk is het meisje uit de danswereld gestapt en hebben we onze relatie verbroken. Nu ben ik alweer twee jaar samen met Larissa, ook professioneel danseres, maar niet mijn danspartner. Ze is heel knap en studeert aan de universiteit van Rotterdam. Ik hoef niet bang te zijn dat ze ervandoor gaat met haar partner. Hij valt op mannen, heb ik geluk [glimlacht]. Vaak zijn dansers niet preuts. Er is maar één kleedkamer voor mannen en vrouwen samen. Vroeger heb ik ook wel wat gescharreld. Ik nam niet de tijd voor een hechte relatie, ik was te veel bezig met school en trainen.
     
  • Jaloezie. Ik ben een beetje jaloers, maar laat het niet altijd merken. Ik vertrouw Larissa, maar als ze te close wordt met een ander begint het bij mij te jeuken. De Italiaan Nino Langella is mijn grote voorbeeld. Hij heeft drie WK-titels op zijn naam. Ik benijd zijn souplesse en techniek. Hij danst alsof het hem helemaal geen moeite kost. Of dansers in zijn algemeenheid afgunstig zijn? Zeker, hoewel het minder wordt in de hogere klassen. Daar heeft men meer respect voor elkaar. Niet dat iemand een ander opzettelijk laat struikelen, maar sommigen knallen gewoon door op de dansvloer, terwijl je ook om de ander heen kunt.
     
  • Luiheid. Ik heb niet altijd zin om te studeren of op te ruimen. Maar tijdens mijn trainingen geef ik de volle 100 procent, op alle onderdelen. Ik heb iets minder met improviseren, ik ben een econoom hè, ik houd van getallen, van vastigheid.
     
  • Woede. Ik kan slecht tegen liegen en achterbaksheid. Een ex-danspartner had vaak smoesjes om niet te hoeven trainen – hoofdpijn, pijn aan haar voeten – om vervolgens af te spreken met haar vriend. Wees eerlijk, houd me niet aan het lijntje. Woedend ben ik nooit, maar als de juryuitslag me niet aanstaat, moet je me even met rust laten. Ik ben dan vooral kwaad op mezelf omdat ik iets wilde bereiken en het niet heb gehaald.
     
  • Hoogmoed. Ik ben erg competitief, ik dans om te winnen. Ik probeer mijzelf zo goed mogelijk te verkopen. Fake it till you make it is hét credo in de danswereld en daar doe ik aan mee: lagen schmink om mijn gezicht, een zwart lijntje onder mijn ogen. Ik houd er niet zo van, maar in de spotlights kom je niet weg met een bleek gezicht.

Zef Orbons, 22, derdejaars Econometrics & Operations Research, geboren in Maastricht, woont in Maastricht

Traint zo’n 12 uur per week. Danst bij dansschool Clara Lamar in Sittard, en in Den Haag onder leiding van de coach van zijn danspartner Claudia van der Helm. Traint voor het Nederlands Kampioenschap in 2018

Beste prestaties tot nu toe: 3 keer winnaar NK (debutanten 4, C en A) en 5e plek bij het laatste NK in de hoogste klasse

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: