Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Ik heb geen hartelijke band met mijn ouders”

“Ik heb geen hartelijke band met mijn ouders”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Antwan Maar (49, Landgraaf)/ medewerker postkamer, sinds 2015/ getrouwd met Maril, haar twee kinderen heten Maarten (32) en Joost (34)/ woont in Landgraaf

Het leven neemt soms dramatische afslagen. Op mijn 18e speelde ik in het eerste van Roda. Ik verdiende 100 duizend euro per jaar maar zat meestal op de reservebank. Ik was linksback en moest Eugène Hanssen, mister Roda destijds, voor laten gaan. Op een zaterdagavond reed ik met de auto naar Schinveld om vrienden op te zoeken, en ineens knalt er iemand met 80 km per uur in mijn zijdeur. Ik vloog meteen naar de bijzit, maar bleef bij volle bewustzijn. Ik kon alles nog bewegen, maar toen de brandweer me bevrijde, klapte mijn been naar achter. M’n heup bleek verbrijzeld. Na een operatie met platen, pinnen en schroeven herstelde ik verrassend snel. Ik hervatte de looptraining bij Roda en droomde nog steeds van een basisplaats bij Feijenoord, de club die de mouwen opstroopt en de kop nooit laat hangen. Maar toen maakte ik een groeispurt en bleef één been achter, het verschil was 3 centimeter. Einde carrière. Ik heb daarna de MTS afgemaakt als elektricien.

Ik ben het zwarte schaap van de familie. Ja, dat klopt eigenlijk wel. Ik voel me mijn leven lang al ondergewaardeerd in het gezin. Mijn zus, twee jaar jonger, was de oogappel van m’n ouders. Ik kom uit een arbeidersgezin, m’n vader heeft in de mijn gewerkt en daarna bij de PTT. Ik heb altijd moeten vechten voor erkenning, nooit complimenten. Mijn zus kreeg zakgeld, ik niet. Ik werkte vanaf mijn tiende bij de SRV-man [een mobiele supermarkt]. Ik was als kind altijd op pad en zat vaak bij m’n opa. Van hem heb ik de liefde voor de tuin geërfd. Mijn ouders zie ik nog steeds, maar ik heb geen hartelijke band met ze.

De dood loert overal en altijd. Dat kun je wel zeggen. Dertien jaar geleden is m’n zus vermoord. Door haar man, in het huis van mijn ouders. Het begon allemaal toen hij werd ontslagen bij NedCar. Hij ontmoette verkeerde vrienden, die dure auto’s stalen om ze in het Oostblok te verkopen. Op weg naar Polen verloor de man van mijn zus de macht over het stuur en vloog over de kop. Hij maakte zich uit de voeten en kwam met de trein terug. Zijn vrienden wilden echter geld zien. Na een tijdje zag hij geen uitweg meer, laadde zijn geweer en reed naar het huis van m’n ouders. Daar zaten mijn zus en een collega, na een late dienst, om de baby van anderhalf op te halen. Hij schoot eerst de collega dood en toen mijn zus. Mijn moeder haastte zich naar beneden en zag hoe hij zichzelf om het leven bracht. Het dochtertje lag boven te slapen. Nog elke morgen groet ik mijn zus als ik langs haar foto loop. Als kind stond ik altijd voor haar klaar. Dat ze voorgetrokken werd heb ik haar nooit kwalijk genomen. Kon ze zelf niets aan doen.

Mijn held. Dat is mijn vrouw. Ik ken haar al vanaf mijn 16e, we woonden in dezelfde wijk. We verloren elkaar uit het oog en kwamen elkaar jaren later – ik was 32 en zij 41- tegen op de markt. Ze had een klote-huwelijk achter de rug, werd geestelijk en lichamelijk ‘vermeubeld’ door haar man. Nu was ze gescheiden, en ik was vrijgezel. Vóór kerst spraken we af voor een kop koffie. Ik smolt toen ik zag hoeveel moeite ze had gedaan om een kerstkaart in m’n bus te gooien. Ze was door dat huwelijk vrij gesloten maar sinds we bij elkaar zijn, is ze opgebloeid. Ik bewonder haar ontzettend. Ze staat altijd voor iedereen klaar, is positief, lief, en een goede moeder.

Er gaat niets boven een bloemkool uit eigen tuin. Ik heb, zoals gezegd, alles van mijn opa geleerd. Ik ben elke dag in m’n tuin bezig, waar ik alle stress van me af schud. Hij is één hectare groot, waarvan 300 m2 moestuin. Daar heb ik knolselderij, courgette, venkel, rode bieten, noem maar op. Ook zonnebloemen, daar begint het leven mee, met de zon. Ik begin de dag altijd met een lach, ben nooit negatief, geen zin in. Behalve de moestuin hebben we nog 550 m2 wei, met fruitbomen en zo’n dertig kippen en een handvol konijnen. We eten alleen vlees uit de eigen tuin. Voor vijftien medewerkers op de Berg neem ik elke week voor een prikkie een doosje eieren mee.

Eigenaardig trekje. Ik ben nogal perfectionistisch, wil altijd alles in orde hebben. De tuin moet strak zijn, mijn werk moet piccobello zijn en m’n haar moet goed zitten. Ik heb er niet echt last van. Als het niet lukt, maak ik me daar niet druk om. Ik bedoel, als ik in de tuin wil werken en het begint te regenen, dan is het helaas pindakaas.

Verslingerd aan... Stockcar-racen. Op mijn zesde ging ik al met mijn vader naar het circuit in Baarlo. Bij een formule-1 wedstrijd sta je driehonderd meter van de baan, bij stockcar-racen sta je erbovenop. Je kunt ook makkelijk de pit in lopen, waar je de monteurs ziet sleutelen en de olie ruikt. Van mijn 14e tot mijn 26e heb ik zelf gereden, op het circuit van Posterholt, dat nog bestaat. Veel circuits in Nederland zijn opgedoekt. Auto’s hebben me altijd gefascineerd. Ik heb zelf nog een paar oudjes in de garage staan.

Allergisch voor... Mensen die me een mes in de rug willen steken. Ja, figuurlijk, mensen die achter je rug om hele verhalen afsteken. Als ik een probleem heb met iemand, dan ga ik erop af, praat ik erover. Zo los je dingen op.

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: