Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Vermijd woorden als ‘verkeerd lichaam’”

“Vermijd woorden als ‘verkeerd lichaam’”

Photographer:Fotograaf: wikipedia.org

Pulse-symposium Transgender vanuit een medisch perspectief

Een vriendelijk bedoeld ‘dag mevrouw’ doet zeer, je bent immers een meneer. Met dit korte gedicht – geschreven in de periode vóór zijn transitie – wil transgender Jean Lautenslager laten zien hoe beladen sommige woorden zijn. Hij was een van de sprekers op het symposium ‘Transgender vanuit een medisch perspectief’, dat geneeskundestudievereniging Pulse afgelopen woensdag organiseerde ter ere van hun tweede lustrum.

Soms weten kinderen al heel jong dat ze transgender zijn, soms komt iemand er pas op latere leeftijd achter, vertelt Lautenslager, secretaris van patiëntenvereniging Transvisie. “Ieder proces is anders.” Zelf wist hij het al op jonge leeftijd. “Toen ik 3 was, bad ik iedere avond dat ik ’s ochtends wakker zou worden als een jongen. Ik speelde altijd met jongensspeelgoed en vroeg mijn moeder – ik ben opgegroeid in de jaren vijftig toen meisjes nog bijna altijd een rok droegen – zodra ik thuis kwam van school of ik een broek aan mocht.”

Het leidde tot eenzaamheid. “Met de meisjes had ik niet zoveel en de jongens wilden niet met me spelen. Later, op de middelbare meisjesschool, waren mijn klasgenoten bezig met hun eigen vrouwelijkheid en seksualiteit te ontdekken. Ik maakte geen contacten. Ik voelde me een soort mol, ik dacht: als ik jou niet zie, dan zie jij mij ook niet. Het was vreselijk eenzaam. Ik kon dat, maar ik denk dat veel andere transgenders het niet kunnen.”

Op zijn 32e meldt Lautenslager zich voor een transitie, maar gaat er uiteindelijk niet mee door. “Ik was bang, maar ook niet tevreden met wat de medische wereld in de jaren tachtig te bieden had.” Hij mat zich een androgyne rol aan, totdat het niet meer ging. “Ik werd in het hokje lesbisch gestopt, terwijl ik in mijn hoofd hetero was. Iedere keer dat ik in de spiegel keek schrok ik: in mijn hoofd was ik een vent van twee meter met brede schouders.”

Ruim twintig jaar na zijn eerste aanmelding, kiest Lautenslager alsnog voor een geslachtsverandering. “Toen ging ik het voor het eerst aan mensen vertellen. Ik was heel zenuwachtig om het tegen mijn toen 92-jarige moeder te zeggen. Haar reactie: ‘je bent een sufferd dat je het nu pas doet, nu ben je een oude man’.”

Artsen en psychologen verwachten van transgenders dat ze vanaf het moment dat ze met de hormoonkuur beginnen in het gewenste geslacht gaan leven. “Maar je uiterlijk verandert niet zo snel. Het duurt acht weken voordat je stem begint te dalen. Je mag pas na een jaar je borsten laten verwijderen, maar je krijgt wel al gezichtsbeharing. Ik voelde me zo bloot. Iedereen kan zien dat je een vrouw bent, maar je moet je voorstellen als man. Het duurde anderhalf jaar voordat mensen meneer in plaats van mevrouw tegen me zeiden. En al die tijd heb je enorm lange tenen.”

In transitie gaan, betekent opnieuw opgroeien. “Je bent opgevoed in een ander geslacht met alle verwachtingen en rolmodellen die daar bij horen. Het is heel fijn om soms iets aan een biologische man te kunnen vragen: hoe werkt dat eigenlijk? Ook je seksualiteit ontwikkelt zich opnieuw. Vaak is die eerder niet tot bloei gekomen omdat je in een lichaam zat waar je niks mee kon.”

Lautenslager had veel steun aan het contact met lotgenoten en pleit ervoor dat ervaringsdeskundigen opgenomen worden in de transgenderteams. “Die moet de transgender helpen om meer zelf aan het roer te staan en voor vol te worden aangezien. Ik was 54 en ik moest mijn moeder meenemen naar de psycholoog zodat ze met haar over mij konden praten. Dat heb ik geweigerd.” Hij vindt dat genderdystrofie (zie kader) uit het psychiatrisch handboek DSM moet worden gehaald. Het leidt volgens hem tot een ironische situatie. “Je moet voor je transitie aan een psycholoog bewijzen dat je aan de ene kant een psychische stoornis hebt, maar aan de andere kant stabiel genoeg bent om het proces aan te kunnen.”

Ook vindt hij dat de wachttijden omlaag moeten. “Het duurt gemiddeld 57 weken voordat iemand op intakegesprek kan. Op het moment dat iemand zich aanmeldt, zit het vaak al tot hier.” Vervolgens duurt het zo’n drie jaar totdat er geopereerd kan worden en ook dat proces duurt een paar jaar. “Vijf, zes jaar waarin iemands leven eigenlijk stil staat.”

De transgenderzorg wordt nog steeds verder uitgebreid. Het Transgenderteam Zuid-Limburg bestaat bijvoorbeeld pas sinds februari van dit jaar. Een goede ontwikkeling vindt Lautenslager, want er moet wat hem betreft nog veel gebeuren. “Er is te weinig psychologische begeleiding tijdens en na de transitie, te weinig nazorg na de operatie en te weinig voorlichting over de lichamelijke en seksuele gevolgen.”

Tot slot heeft hij nog wat tips voor de artsen in spé en mensen in het algemeen in de omgang met transgenders. “Vermijd woorden als ‘verkeerd lichaam’. Dit is mijn lichaam. Het had kenmerken die ik niet prettig vond, maar het is nog steeds het lichaam waarmee ik het moet doen in dit leven. Praat ook niet over ombouwen, vraag niet naar de oude naam en naar welke operaties iemand heeft laten uitvoeren. Als iemand nog in transitie is, spreek diegene aan in de gekozen gender. Bij twijfel, sluit aan bij de woorden die de transgender zelf gebruikt.”  

Wat weten we over transgenders?

Het thema van het Pulse-lustrum is ‘Into the Unknown’ , en onbekend is het onderwerp van transgenders voor de medische studenten, zegt organisator Anne Hermans aan het begin van het symposium. Ondanks dat geslachtsveranderende operaties in Nederland sinds de jaren zeventig mogelijk zijn. “Het komt niet in het curriculum voor, wat best vreemd is, want tijdens je coschappen krijg je er wel mee te maken. Wat wordt er van jou als arts verwacht? Hoe ziet de zorg eruit? Waar zitten de knelpunten?”

Vaak is het ook voor medisch specialisten nog zoeken, zegt Joep Roeffen, klinisch psycholoog en oprichter van het Transgenderteam Zuid-Limburg, tijdens het openingscollege. Het is bijvoorbeeld onduidelijk waarom iemand transgender is. “We denken dat het iets te maken heeft met een soort mutatie in de hormonale ontwikkeling in de eerste drie maanden van de zwangerschap.”
Over de rol van de opvoeding is discussie, net als over de vraag of genderdysforie, de officiële medische term voor het gevoel dat mensen hebben als hun geboortegeslacht niet past bij het geslacht dat zij ervaren en (willen) uiten, een psychische aandoening is of niet. “Deskundigen wereldwijd zijn hier tot op het bot over verdeeld. In Nederland staat het in het psychiatrisch handboek DSM.”
Ook onduidelijk is hoeveel transgenders er eigenlijk zijn. “We zien ieder jaar forse toenames in het aantal aanmeldingen voor een transitie, maar we weten niet hoeveel mensen zich nog niet hebben aangemeld”, zegt Roeffen.

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)