Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Een bestuurder moet niet uitleggen waarom iets niet lukt. Een bestuurder moet leiderschap tonen”

“Een bestuurder moet niet uitleggen waarom iets niet lukt. Een bestuurder moet leiderschap tonen”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Truze Lodder (69) vertrekt als voorzitter van de raad van toezicht. “Ik ben makkelijk van praten, een beetje barok. Dus houd je dit verhaal een beetje leuk? Anders krijg ik straks bij mijn afscheid toespraken met: wat een kreng was dat!” Ze lacht, trekt een quasi gepijnigde blik. Geen nood, het stuk verschijnt pas twee dagen later.

De interviewsessie in een vergaderkamertje op de Berg opent met een onverwacht tafereel. Dat er een fotograaf zou komen, daar had Truze Lodder niet aan gedacht. “Dan had ik misschien iets moois aangedaan.” Maar dit broekpak wat ze aanheeft is toch gewoon mooi? “Ja, dat is ook weer waar. Een echte Frans Molenaar. “ Later vertelt ze hoe dat zo is gekomen (“kleding is mijn enige extravagantie”), eerst loopt ze met de fotograaf mee naar een andere plek in het gebouw, komt dan terug voor nog wat laatste foto’s. Daar volgt ze als een volleerd mannequin de instructies: “Graag daar staan, beetje naar links draaien, nog iets meer, ja zo, nu omdraaien”; het gaat vlot, met een professionele glimlach op het gezicht. Dit zal niet de eerste keer zijn.

Hartelijk lachen

Toezichthouder is ze vaker geweest, niet alleen bij de UM. Haar cv vermeldt verschillende functies, onder meer bij het Van Gogh Museum, “maar de grootste waren wel bij Van Lanschot Bankiers en bij de NS.” Bij die laatste vertrok ze vorig jaar als president-commissaris.
Die ervaring, zegt ze, nam ze mee toen ze op verzoek van toenmalig bestuursvoorzitter Jo Ritzen in 2007 bij de UM begon. De omgeving was vreemd, “ik moest hartelijk lachen toen hij belde, ik had nooit een universiteit van binnen gezien”. Ze liet zich duchtig inwerken.
De laatste vier jaar was ze voorzitter van de raad. En vooral die periode, zegt ze vol overtuiging, had ze nooit willen missen. “Als voorzitter kom je aanzienlijk dichter bij wat er in zo’n organisatie gebeurt. Ik was altijd een oplettend lid van de raad van toezicht, maar nu werden diepere lagen aangeboord. Het contact is intensiever, je invloed is groter, je kunt effectiever zijn.”
Het college van bestuur, zo staat er geschreven, heeft de plicht de raad van toezicht te informeren. “Maar in de periode dat ik gewoon lid was, zag ik geen informatie die van dieper uit de universiteit kwam.” Dat heeft ze veranderd, als voorzitter. “Ik voer zelf gesprekken met het tweede echelon, met faculteitsbesturen, met directeuren. Het college weet dat; we verrassen elkaar niet, is de afspraak.” Een belangrijke directeursfunctie binnen de UM? Zoiets wordt extra besproken. Die bij HRM bijvoorbeeld, waar het college de afgelopen jaren niet de meest gelukkige hand van benoemen heeft gehad. “We houden de vinger aan de pols. Vorig jaar hebben we een keer met de voltallige raad van toezicht over de situatie bij HRM gesproken. Ik ga dan ook praten met zo’n directeur.”

Bbbbbrrrrum

Voor wie het nog niet wist, de scheidende voorzitter van de raad van toezicht is niet van het soort dat baantjes verzamelt en zich daar leuk voor laat betalen. Als dat al zou kunnen tegenwoordig, gezien alle gedragscodes en wettelijke restricties die het opstapelen van commissariaten en andere toezichtfuncties heel moeilijk maken. Lodder komt uit een arbeidersgezin en heeft zichzelf zonder universitaire graad naar de top gewerkt. Haar laatste grote baan was een gecombineerde directiefunctie bij de Nederlandse Opera en het Muziektheater Amsterdam. Toch: “Ik geef niet veel om geld, heb maar een klein pensioen, ik ben niet met status bezig. In kringen van bestuurders en toezichthouders ben ik een beetje atypisch.” Want voor haar, ze benadrukt het meermalen, is er maar één ding dat telt: de inhoud. En dan graag de héle inhoud.
“Je kunt je werk natuurlijk beperkt houden tot wat er in de wet staat over de taken van een raad van toezicht. En wat in de Bbbbbrrrrum staat natuurlijk.” (Het bestuurs- en beheersreglement van de UM, afgekort tot BBRUM. Ze rilt demonstratief van afschuw. Lodder houdt niet van “regeltjes en formuliertjes”.)
“Dat is een minimumopvatting. Ik vind dat je veel meer moet doen.” Als voorzitter is ze menig UM-zaaltje binnengestapt, met die kwieke, ietwat gehaaste pas die haar zo kenmerkt. Op zoek naar de ‘diepere lagen’. En ze sprak wekelijks, meestal telefonisch, met collegevoorzitter Martin Paul.
Gelukkig, zegt Lodder, is de informatie die het college verstrekt tegenwoordig beter dan voorheen. Dat komt in belangrijke mate door de nieuwe rector magnificus, die in september 2016 aantrad, Rianne Letschert. “Zij gaat dieper de faculteiten in.”
Niet dat er voor die tijd niets uit kwam. “Het bewustzijn was er al, maar ze heeft het proces versneld. Zoiets geeft veel rust voor een raad van toezicht, omdat het college nu echt weet wat er in de instelling speelt.”
Dat was dus wel eens anders. Dan hoorde Lodder te vaak dat “iets niet gelukt was, met een plan van acht jaar geleden bijvoorbeeld! Ik vind: een bestuurder moet niet gaan uitleggen waarom iets niet gelukt is, een bestuurder moet leiderschap tonen. Leiderschap begint met je gedrag. Ik ben erg van leading by example. En ik moet zeggen: dat zie ik in toenemende mate bij dit college.”

Dynamiek

Wie er in dat college van bestuur zit, ook daarover gaat de raad van toezicht. En dus ook over herbenoemingen. De laatste betrof die van Nick Bos. “Dan is het niet: iemand doet het goed en mag wel blijven. Het zijn echt geen hamerstukken. Als wij positief zijn toetsen we onze mening toch nog aan die van anderen; als we negatief zijn hoeft dat niet, dan weten we het zelf wel. Niet alleen bij de universiteitsraad, die heeft hier adviesrecht, maar vooral ook bij mensen die rechtstreeks met dat collegelid te maken hebben. We gaan breed de organisatie in.”
Één benoeming springt eruit in de voorzittersperiode van Lodder: die van rector Rianne Letschert. Haar komst, zei een enthousiaste Lodder vorig jaar, zou de dynamiek in het college gaan veranderen. Een jonge (40) vrouw; het was tot dan toe ongekend. En ja, de dynamiek is enorm veranderd, zegt ze: “Ze zijn alle drie verschillend, maar hun eigenschappen zijn complementair. Ze versterken elkaar en ze gunnen elkaar alles. Martin Paul is heel snel, heel intelligent, heel gedreven; Rianne wil ook snel vooruit, en Nick Bos vraagt zich dan af hoe je de mensen meekrijgt, of er draagvlak is, of iets een duurzame oplossing is. Ze hebben hun taken nu zo verdeeld dat ze allemaal doen wat ze leuk vinden, waar ze sterk in zijn. Echt, de energie en de vreugde spatten ervan af. Je voelt geen enkele spanning.  En ik heb het anders meegemaakt.”
Lodder refereert onder meer aan de niet heel florissante verstandhouding tussen Martin Paul en Letscherts voorganger als rector, Luc Soete. “Niets negatiefs over hem, ik was een fan van Luc. Maar de optelsom van de drie werkt nu beter.”
 

Gerespecteerd

In haar werkgeversrol voert Lodder functioneringsgesprekken met de leden van het college van bestuur. Negatief kunnen die gesprekken de laatste jaren niet geweest zijn: de lofprijzingen aan het adres van het college buitelen over elkaar. “Ik ben blij dat ik wegga op een moment dat ik zie dat het goed gaat. We horen als raad uit onze verschillende netwerken dat dit een zeer gerespecteerd bestuur is. Ik merk het ook als ik bij de landelijke vergadering van de voorzitters van raden van toezicht ben. Je moet eens zien met hoeveel respect ze mij daar behandelen! Omdat ik van de UM ben.”
Binnen de universiteit zijn de verhoudingen eveneens verbeterd. “Er was altijd spanning tussen centraal en decentraal, het college en de faculteiten. De decanen en het college zitten samen in het managementteam, en daar zie je de laatste jaren dat het bewustzijn groeit dat ze niet alleen voor de eigen faculteit moeten opkomen maar juist ook voor het geheel. Dat ze elkaar kunnen versterken. Er is veel meer samenhang en saamhorigheid. Dat vind ik een mooie ontwikkeling.”
Wispelturig

Wat nog wel te wensen overlaat is de aanwezigheid van UM-wetenschappers in landelijke organisaties als NWO, en in de media. Een man als UCM-dean Mathieu Segers is uiterst zichtbaar, maar lijkt een uitzondering. Speelt de afstand tot het westen van het land een rol? “Lulkoek”, flapt Lodder er uit; er moet gewoon meer aan de weg worden getimmerd.
Het beeld klopt niet voor de UM-bestuurders, die vertonen zich genoeg in het land, vindt ze. Maar dat de voorzitter van het college, Martin Paul, ook internationaal een rol van betekenis speelt, verdient uitdrukkelijk aparte vermelding. “Hij wordt komend jaar voorzitter van de WUN, het Worldwide Universities Network, dat is fantastisch! Bedenk wel, Martin is de enige Nederlander - ja, hij is een echte Nederlander geworden -  die het zo ver schopt, wereldwijd!”

Ze is trots op deze universiteit. En op wat er komen gaat. Het aan elkaar knopen van de op Europa gerichte activiteiten, de versterking van de Brusselse ‘campus’. En een Sciencefaculteit, “of spreek ik nu voor mijn beurt? Nou ja.”
Ze heeft wel wat zorgen over de toekomst. De politiek is wispelturig en onbetrouwbaar, wie garandeert dat studenten uit de EU voor eeuwig onder dezelfde voorwaarden kunnen studeren als Nederlanders? Dat kan consequenties hebben voor deze universiteit met haar vele buitenlandse studenten. “Je moet zorgen dat iedereen het belangrijk vindt dat je blijft, je positie moet onbetwist zijn.” Ze merkt dat anderen ook trots zijn op de UM, de burgemeester incluis. “Maar dat zie ik niet terug. Waarom hangt er geen bord bij het binnenrijden van de stad met Maastricht Universiteitsstad? In Leiden doen ze dat wel.”

Driftige passen

Lodder neemt geen blad voor de mond, daar staat ze om bekend. Ze is fel, “Ik laat het zien als ik gepassioneerd ben”, zei ze vier jaar geleden bij haar aantreden als voorzitter tegen Observant. “Maar ik ben nooit boos.” Dat lijkt Pierre Audi te bevestigen. De bekende regisseur en artistiek directeur bij De Nederlandse Opera werkte vijfentwintig jaar met haar samen. Hij liet eind 2012, bij het vertrek van Lodder, in NRC Handelsblad optekenen dat hij veel van haar had geleerd en “nooit ruzie” met haar had gehad; “dat is heel raar”.
Nooit boos? Geen ruzie? Deze verslaggever herinnert zich nog levendig hoe Lodder hem na een stevige woordenwisseling in de hal van het Vrijthoftheater, waar de opening van het academisch jaar 2016-’17 werd gevierd, toebeet dat ze “ met leuke mensen ging praten”, en met driftige passen weg beende. Het dispuut dat daar aanleiding toe gaf ging over de benoeming van de nieuwe rector, Rianne Letschert, die immers niet uit de eigen UM-gelederen kwam. Lodder had een prominente rol gespeeld in haar benoeming. In Observant was de stelling verdedigd dat de interne reglementen van de UM (de BBRUM) dat niet toestonden. Hier was sprake van enig bending the rules, zo bevestigden juristen. En als een raad van toezicht de regels al niet hoog hield, wie dan wel?
Lodder blijkt het voorval in eerste instantie vergeten (“Ik? Ruzie gehad met jou? Nou ja, ik ben vergevensgezind”) maar het onderwerp beroert haar nog steeds: “Ik heb waarschijnlijk vuur gespuwd hè? Luister, zelfs de minister heb ik in Utrecht vanaf een podium horen zeggen dat ze in Maastricht ondanks de formaliteiten iets verstandigs hadden gedaan. Rianne is toch een fantastische rector? Mensen die zich alleen maar aan regeltjes houden, daar kan ik zo boos om worden! De inhoud gaat bij mij altijd vóór de regeling. Toen ik bij de Opera werkte moest er een keer van de arbeidsinspectie ineens een hek om een bepaalde scène. De zanger moest zogenaamd beter beschermd worden. Hij werd er alleen maar onzeker van. Veiligheid gaat ook bij mij vóór alles, maar hier vond ik dat het artistieke moest prevaleren. Het is een rechtszaak geworden. Pas zeer onlangs, vijf jaar na mijn vertrek, zijn wij in hoger beroep in het gelijk gesteld.”
Terug naar de UM: moet niet juist de raad van toezicht toezien op handhaving van de regels? “Handhaving? In het verkéér ben ik voor handhaving, zodat we elkaar niet allemaal doodrijden. Verder moet je gewoon doen wat goed is. Tussen zwart en wit zoek ik het verantwoorde grijs.”
Behalve dus in haar kleding. Hoe zat dat met die Frans Molenaar? “Ik houd van exclusief, bij van alles maar zeker in mijn kleding. Ik droeg al dingen van Mart Visser, bij een operapremière kwam Frans Molenaar een keer op me af en zei: ‘Ik kan jou ook wel kleden. ’ Zo is dat ontstaan. Frans is nu al weer een tijdje dood. Wist je trouwens dat ik na het overlijden van mijn eerste man getrouwd ben met de vader van Mart Visser? Leuk hè?”

 

 

 

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

2017-12-17: Truze Lodder
Jammer dat er (nog) geen Engelstalige versie is voor buitenlandse studenten en medewerkers.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: