Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

70.000 ambulanceritten voor nop

70.000 ambulanceritten voor nop

Photographer:Fotograaf: Thinkstock

Wel of geen hartinfarct: huisartsen tasten vaak in het duister

Is pijn op de borst een voorbode van een hartinfarct? Bij gebrek aan een snelle test sturen huisartsen elk jaar 70 duizend patiënten onnodig naar het ziekenhuis. Per ambulance, want dat moet. Kosten: 140 miljoen euro. Huisartsonderzoeker Robert Willemsen ging op zoek naar een test. Vorige week is hij cum laude aan de UM gepromoveerd.

Stel: een man van 61, een roker, meldt zich rond het middaguur op de huisartspraktijk. Hij is vanochtend wakker geworden met pijn op de borst. Een drukkende pijn. Verder heeft hij geen klachten, niet misselijk, niet gebraakt, niets. Het is een verhaal dat Robert Willemsen wekelijks te horen krijgt op zijn spreekuur in Nazareth.

En steeds is dan de cruciale vraag: is de drukkende pijn op de borst een voorteken van een hartinfarct of niet? “Je vraagt of de patiënt er al eerder last van heeft gehad, waar de pijn precies zit, enzovoort. Als hij een specifiek plekje op de ribben aanwijst, dan weet je dat een tussenribspiertje dwarsligt. Spreekt iemand van een brandend gevoel achter het borstbeen, vooral na het eten, dan is de maag waarschijnlijk de boosdoener.”

Maar wat als deze aanwijzingen ontbreken? Een huisarts kan besluiten om een hartfilm te maken, al kun je je afvragen wat daar het nut van is. “Je wilt het liefst een infarct uitsluiten en dat lukt niet met een ECG. Zeker in de eerste uren van de klachten geeft dat te weinig informatie.”

Lang verhaal kort: een huisarts kan maar moeilijk inschatten of een patiënt gevaar loopt of niet. Hij weet alleen dat het negen van de tien keer loos alarm is. Toch neemt hij het zekere voor het onzekere en stuurt de patiënt naar het ziekenhuis. Dat moet per ambulance, voorschrift, wat in de spreekkamer meteen tot een hoop discussie leidt.

“Zo’n man uit Nazareth komt op zijn fiets naar de praktijk om gerustgesteld te worden, en nu is hij er kennelijk zo beroerd aan toe dat hij vanuit de praktijk met zwaailichten naar de cardioloog moet. Daar belandt hij ook nog eens op de hartbewaking, een intensive care-afdeling met toeters en bellen. Dat maakt op de meeste mensen veel indruk, ook omdat het hun hart betreft.”

Los van de belastende ervaring voor de patiënt, zijn de kosten aanzienlijk. Het korte verblijf in het ziekenhuis kost tweeduizend euro. Jaarlijks is er zeventigduizend keer niets aan de hand, wat neerkomt op 140 miljoen euro.

Wat te doen? Het is een discussie die onder artsen al een halve eeuw sleept. De oplossing lijkt binnen handbereik maar dat is schijn, zegt Willemsen. “De cardioloog heeft namelijk een test die binnen een paar uur uitsluitsel geeft. Bij een hartaanval lekt namelijk het eiwit troponine uit de hartcellen in het bloed. Dat is een betrouwbare marker, maar huisartsen schieten daar niets mee op omdat er geen sneltest voorhanden is. Het bloed moet in het lab worden geanalyseerd.”

Tijdens zijn promotieonderzoek had Willemsen zijn hoop gevestigd op het eiwit H-FABP (heart-type fatty acid-binding protein), omdat dit wel geschikt leek voor een sneltest. De resultaten vallen echter tegen: de test zit er te vaak naast. “We weten niet goed waarom. De marker deed het op voorhand goed, net als het apparaat. Wellicht zijn onze patiënten moelijker te vangen  dan die van de cardioloog. De laatsten zijn zieker, hebben hogere spiegels van de geteste eiwitten in het bloed en zijn daardoor makkelijker te traceren.”

In totaal melden zich in Nederland jaarlijks 860 duizend mensen met pijn op de borst. Verreweg de meesten - 740 duizend – worden door huisartsen gerustgesteld (niets aan de hand) en dus niet doorverwezen. Bij drieduizend van hen gebeurt dat ten onrechte. “Dat is spijtig, maar al met al moet je concluderen dat huisartsen heel vaak de juiste beslissing nemen. Als ze niet verwijzen, dan hebben ze het in 99 procent van de gevallen bij het rechte eind. Met hun niet-pluisgevoel is weinig mis.”

Lees hier over de 737 vragen die huisartsen onderzocht willen hebben

Flashmob-onderzoek naar pijn op de borst

Kunnen een paar vragen misschien helpen om te bepalen of patiënten met pijn op de borst al of niet naar het ziekenhuis moeten? In het buitenland wordt zo’n setje  van elf vragen - de Marburg Heart Score - al langer gebruikt. Is die, eventueel in verkorte vorm, geschikt voor de Nederlandse setting? Om dat te achterhalen zette huisartsonderzoeker Jochen Cals een zogeheten flashmob-onderzoek op poten. Als eerste in huisartsenland.

Bij een flashmob-onderzoek verzamelt een grote groep professionals in korte tijd een minimale hoeveelheid data per patiënt om antwoord te krijgen op één klinische vraag. In dit geval legden 250 huisartsen de internationale vragenset voor aan in totaal 265 patiënten die met pijn op de borst verwezen werden naar de cardioloog. Dat gebeurde allemaal in twee weken. In combinatie met de einddiagnose – wel of geen infarct – moet binnenkort blijken of het vragenlijstje een betrouwbare voorspelling geeft.

Een flashmob-onderzoek vereist aardig wat PR, zegt Cals. “Maar het voordeel is dat je professionals makkelijker over de streep trekt om mee te werken.” Cals raakte geïnspireerd door een flashmob-onderzoek uit 2017, met als vraag: hoe goed slapen patiënten op verpleegafdelingen? Gecoördineerd door internisten van de VU en de Erasmus Universiteit vulden patiënten in veertig ziekenhuizen op dezelfde dag een vragenlijst in over slaapkwaliteit.

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)