Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

VSNU-nota internationalisering verandert niets voor UM

MAASTRICHT. Er mogen nog veel meer studenten uit het buitenland hierheen komen, zeggen universiteiten en hogescholen in een gezamenlijke beleidsnota. Maar dan willen ze meer geld krijgen en beter kunnen selecteren. De Universiteit Maastricht blijft haar eigen koers varen, zegt bestuursvoorzitter Martin Paul: “Dit document verandert voor ons niets.”

Terwijl er steeds meer stemmen opgaan dat de ‘verengelsing’ van het hoger onderwijs doorslaat, houden universiteiten en hogescholen een pleidooi om nog veel verder te gaan met internationalisering van het onderwijs. Ze hebben hun nota aan minister Van Engelshoven overhandigd.

Denk aan de voordelen van internationalisering, zeggen de onderwijsinstellingen. De samenleving vergrijst en op de arbeidsmarkt ontstaan allerlei tekorten. Waarom zouden we geen buitenlandse studenten werven om in het gat te springen?

Ook zou het onderwijs beter worden van internationalisering. Studenten leren immers omgaan met andere culturen, raken bekend met tradities uit andere landen en kunnen beter uit de voeten op de internationale arbeidsmarkt.

Er zijn misschien ook wat problemen met internationalisering, maar die kan de politiek volgens deze notitie best oplossen. Kwestie van de wetten en regels een beetje aanpassen, zodat het hoger onderwijs meer vrijheid krijgt om te ‘sturen’.

Volgende maand stuurt minister Van Engelshoven een brief naar de Tweede Kamer waarin ze haar visie op internationalisering en Engelstalig onderwijs uiteen zet. Vandaar dat de lobby van de onderwijsinstellingen op volle toeren draait.

Dat er steeds meer buitenlandse studenten komen, presenteren ze als een onontkoombaar feit waar je goed mee om moet gaan. Eén op de drie universitaire docenten is ook international, net als de helft van alle promovendi. Zolang universiteiten en hogescholen de juiste middelen in handen hebben om de kwaliteit te bewaken, komt het goed.

Wat doe je bijvoorbeeld als er te veel buitenlandse studenten naar een opleiding komen, of als het aantal Nederlanders te klein dreigt te worden? Dan moet je kunnen ingrijpen, is de gedachte. Geef universiteiten en hogescholen de mogelijkheid om op nationaliteit te selecteren, zodat de ‘international classroom’ divers genoeg blijft.

Ook willen opleidingen een Nederlandstalige én een Engelstalige variant kunnen aanbieden: Nederlanders hebben dan altijd toegang (via de Nederlandstalige track) en voor de Engelstalige variant kun je een studentenstop hanteren. Zo blijft het hoger onderwijs ook in de toekomst voor Nederlandse studenten toegankelijk, zelfs bij een vloedgolf van buitenlandse studenten.

Gevolgen voor UM

Wat was de inbreng van de UM in de discussie binnen de VSNU? Collegevoorzitter Martin Paul wijst er op dat veel van de problematiek rond internationalisering vooral speelt bij de universiteiten die relatief recent op buitenlandse studenten mikken. En bij instellingen die met een toevloed van studenten van buiten Europa te maken hebben, vooral de technische universiteiten. Paul: “Die kunnen een probleem hebben als er bijvoorbeeld zo veel Chinezen komen dat er voor Nederlandse studenten minder ruimte overblijft. Wij kennen dat probleem niet, die groep omvat bij ons maar zo’n 9 procent van de buitenlanders, de rest is Europees. En die kun je niet weigeren ook al zou je dat willen, of je moet uit de EU stappen. Op basis waarvan kun je de instroom van buiten Europa reguleren? Is dat niet strijdig met Europese regels? Nee, dat is het niet, heb ik in de VSNU gezegd, in Duitsland hanteert men al jaren een lijst: welke studenten uit welke landen hebben dezelfde rechten als Duitse studenten? Dan gaat het over de EU en landen als Noorwegen en Zwitserland, voor alle andere kun je als instelling een quotum vaststellen. Dat mag volgens Europees recht.”

Europese toekomst

Al met al, verklaart Paul, is het beleidsstuk van het gezamenlijke Nederlandse hoger onderwijs “geen reden iets aan het strategisch programma van de UM te veranderen”. Integendeel bijna, intussen is duidelijk dat de UM zich meer en meer op een Europese toekomst richt. Paul is samen met een aantal andere universiteiten, onder meer in Madrid, Bremen en Antwerpen, bezig met een plan voor een ‘Europees universitair netwerk’. Dit mede naar aanleiding van een beroemde speech van de Franse president Macron vorig jaar september aan de Sorbonne. De Europese Unie stimuleert de oprichting van dat soort netwerken, die in 2024 uitgegroeid moeten zijn tot wat dan ‘Europese universiteiten’ kan worden genoemd. Met een ‘Europees statuut’ en eventueel Europese financiering. Het gaat om instellingen die gezamenlijke onderwijs- en onderzoeksprogramma’s willen opzetten, gericht op Europa. Onderwijs zal in ten minste twee talen plaatsvinden, de studenten reizen langs de deelnemende universiteiten, wellicht komen er gezamenlijke diploma’s. De plannen worden op zijn laatst in oktober ingediend bij de Europese Commissie. Worden ze gehonoreerd, dan krijgt men een miljoen euro om de zaken verder te ontwikkelen. Later wordt dat meer, verwacht Paul. Opvallend: in het consortium onder leiding van de UM zit ook een Britse universiteit, uit Essex. Paul: “Brexit of niet, Britse universiteiten horen ook bij Europa.”

HOP/ Wammes Bos

 

.

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: