Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Aan het handje of je neus stoten

Aan het handje of je neus stoten

Photographer:Fotograaf: Pixabay

Grote verschillen in aanwezigheidseisen in de bachelor

Eén onderwijsinstelling met zes faculteiten die allemaal hetzelfde onderwijssysteem hoog in het vaandel hebben. Het probleemgestuurd onderwijs (PGO) is het paradepaardje van de Universiteit Maastricht. In onderwijsgroepen van twaalf tot vijftien studenten discussiëren over een voorbeeld uit de praktijk om je zo de leerstof eigen te maken. Voor een goedlopend debat met verschillende perspectieven is aanwezigheid van studenten cruciaal. Maar moet je dat verplicht stellen in de bachelorfase? De ene faculteit vindt van wel, de andere niet.

Extra vrije dagen
Bij geneeskunde en gezondheidswetenschappen (GW) van de Faculty of Health, Medicine & Life sciences (FHML) zijn ze het strengst. Daar moeten studenten bij alle onderwijsgroepen aanwezig zijn. “En we verwachten actieve participatie, anders kan de tutor de aanwezigheid alsnog niet aftekenen”, zegt Guy Plasqui, voorzitter van de examencommissie van deze bachelors van GW. “Dat is heel erg streng en schools, maar PGO werkt niet als mensen niet komen. In het oude reglement was de norm 75 procent. In een blok van acht weken waren de laatste twee onderwijsgroepen vaak (bijna) leeg. Studenten zien het vaak als extra vrije dagen in plaats van een vangnet voor als er een keer een goede reden is om niet te komen.”

Enthousiast en betrokken
Op diezelfde faculteit, bij biomedische wetenschappen (BMW), denken ze er alweer heel anders over. “Bij 100% aanwezigheid is iedereen er wel, maar als niemand zijn mond opendoet, werkt het niet”, zegt Sylvia Heeneman, voorzitter van de examencommissie bij de bachelor BMW. Daar geldt 75 procent aanwezigheid bij de onderwijsgroepen. Om actieve deelname te stimuleren hebben ze er sinds twee jaar het multisource feedbacksysteem (MSF); goed voor vier studiepunten in het eerste jaar. “Van verschillende personen – de tutoren en medestudenten – krijgen studenten feedback over hun aanwezigheid, participatie, professionaliteit, et cetera”, legt Heeneman uit.
De Faculty of Arts & Social Sciences (Fasos) heeft het losgelaten; van studenten wordt verwacht dat ze altijd komen, maar een formele aanwezigheidsplicht is er niet. “Juist dan zitten er enthousiaste en betrokken studenten in de onderwijsgroepen”, vertelt Jessica Mesman, portefeuillehouder onderwijs bij Fasos. “Aanwezigheid is bij ons je eigen verantwoordelijkheid, maar als studenten niet komen, gaat de mentor, tutor of studieadviseur met ze in gesprek. Als er motivatie- of privéproblemen zijn, willen we dat graag weten; misschien kunnen we iets voor ze betekenen.”

Intrinsieke motivatie
“Studeren aan een universiteit betekent dat je leert omgaan met zelfstandigheid”, vindt ook Sjoerd Claessens, opleidingsdirecteur bij de rechtenfaculteit; daar is evenmin aanwezigheidsplicht. “Ik vind het belangrijk dat studenten een intrinsieke motivatie ontwikkelen om aanwezig te zijn en actief bij te dragen. Als ze denken zonder te kunnen, is het goed als ze een keer hun neus stoten en een drie incasseren.”
Die intrinsieke motivatie is ook bij psychologie en neurowetenschappen (FPN) erg belangrijk. “Die ontstaat vanzelf als studenten de waarde van de groepsprocessen gaan inzien, en de verantwoordelijkheid die zij hierin hebben”, zegt Linsey Raymaekers, voorzitter van de examencommissie bij de bachelors van FPN. Daarvoor moeten studenten natuurlijk wel eerst een paar vakken het PGO-systeem ervaren. Om het zekere voor het onzekere te nemen, hebben ze er daarom een aanwezigheidsverplichting: afhankelijk van het totale aantal bijeenkomsten in een blok, mogen studenten er nul, een of twee missen. “Als tutoren het PGO vanaf het begin volgens de regels en op een leuke manier brengen, zien studenten die meerwaarde vanzelf en dan komen ze ook wel. Een goede PGO-sessie zou na een paar vakken zelfs zonder tutor moeten kunnen.” Daarnaast komt er bij PGO veel meer kijken dan alleen zelfstandigheid. “We bereiden studenten voor op de arbeidsmarkt; werkgevers willen niet alleen dat je (op tijd) komt, maar ook dat je in groepsverband kan werken. In onderwijsgroepen krijgen studenten dit aangeleerd.”

Hogere cijfers
Schitteren door afwezigheid betekent bij verschillende faculteiten: geen studiepunten of geen tentamen doen. Bij rechten kunnen studenten “nul keer naar de onderwijsgroepen komen en toch deelnemen aan het tentamen”, zegt Claessens. “Je kunt je afvragen waarom deze studenten voor een universiteit met PGO hebben gekozen, maar als ze het toch halen, hoor je mij niet klagen. De praktijk leert wel dat mensen die niet komen het vaak niet halen.” Bij Fasos is deze relatie onderzocht door onderzoekers Patrick Bijsmans en Arjan Schakel. Hun conclusie – positief geformuleerd – is kraakhelder: studenten die vaker naar de onderwijsgroepen komen, halen vaker hun bindend studieadvies (BSA), meer studiepunten en hogere cijfers.

Simpel en aantrekkelijk
Zoveel opleidingen, zoveel aanwezigheidsregels. Zou een universiteitsbreed beleid niet beter zijn? Nee, klinkt het. Raymaekers: “Ik houd van simpel, dus een UM-breed beleid klinkt aantrekkelijk, maar de autonomie van de faculteit is belangrijk. Overal spelen andere issues.” Claessens: “Het type student en het formaat, de aard en de inhoud van opleidingen verschillen gewoon te veel. Ik ben groot voorstander van beleid per faculteit.”

De regels per faculteit:

  • FASoS: Geen aanwezigheidsplicht, maar presentie wordt wel geregistreerd. Er vinden tutor- of mentorgesprekken plaats wanneer een student nauwelijks verschijnt.
  • FPN: Afhankelijk van het totale aantal bijeenkomsten in een blok, mogen studenten nul, een of twee sessies missen, mits zij zich persoonlijk en op tijd afmelden. Bij practica en vaardigheidstrainingen geldt: 100 procent aanwezigheid.
  • LAW: Geen aanwezigheidsplicht; bij practica kan aanwezigheid wel worden verplicht.
  • SBE: Blokcoördinatoren mogen zelf beslissen. 75 procent is het meest gangbaar; bij vaardigheidstrainingen of presentaties is aanwezigheid verplicht.
  • FSE:
    • Data science and Knowledge Engineering: 70 procent in jaar één voor lectures en onderwijsgroepen. In jaar twee en drie wordt alleen aanwezigheid geëist bij projecten en vaardigheidstrainingen.
    • De Colleges & het Maastricht Science Program: Minimaal 85 procent aanwezigheid bij tutorials. Tussen 70 en 85 komen studenten in aanmerking voor een inhaalopdracht.  
  • FHML:
    • Biomedische Wetenschappen: 75 procent; met een multisource feedbacksysteem om actieve participatie te stimuleren. Daarbij wordt vooral gekeken naar de ontwikkeling van de student over de lange termijn. Bij practica moeten studenten altijd aanwezig zijn.
    • Gezondheidswetenschappen: 100 procent bij de onderwijsgroepen; tussen 75 en 100 procent is er de mogelijkheid om een inhaalopdracht te maken.
    • Geneeskunde: 100 procent voor de onderwijsgroepen. Studenten worden door de tutor via een portfoliosysteem op professioneel gedrag beoordeeld. Participatie en aanwezigheid horen daarbij. Aan dit portfolio zijn studiepunten verbonden. 
Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)