Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Onmisbaar voor rugbyclub Maraboes: Vito Bosch

Onmisbaar voor rugbyclub Maraboes: Vito Bosch

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

Zege(n) voor de club

“Felix Dübbers hoopt dat hij niet meer dan 95 kilo weegt”, leest Teun van der Velden voor uit Observant 33. “Wij hopen juist dat Vito niet minder dan 85 kilo gaat wegen. Dan zou hij niet meer bij de Dikke Nichten horen.” De Dikke Nichten, dat is de harde kern van studentenrugbyclub Maraboes. Eisen voor lidmaatschap: loyaal aan de vereniging, een beetje Nederlands spreken en de weegschaal tot boven de 85 kilo laten uitslaan. ‘Zegen voor de club’, Vito Bosch, hoort er uiteraard bij.

Bosch begon met de sport in Utrecht. “Ik liep tijdens de Inkom daar een paar rugbyers tegen het lijf en het leek me wel wat.” Toen hij na een jaar naar Maastricht switchte kwam hij bij de Maraboes terecht, waar hij nu teamcaptain en penningmeester is. Gevraagd naar de reden waarom Bosch is uitgekozen tot onmisbare speler van de club, blijft voorzitter Valentin Ciocan even stil. “Hij is de penningmeester en we hebben nog geld, dus dat is mooi meegenomen.” Dan grinnikt hij. “En hij heeft rood haar.” De rode krullen van Bosch zijn een running gag binnen de club. “He eats souls” en “I’ve got gingervitis”, roepen zijn maten regelmatig waarbij ze verwijzen naar tekenfilmserie South Park (voor wie de aflevering niet kent: google South Park en Ginger Kids). Of dit altijd zo gaat, wil de verslaggever weten. Bosch zucht diep. “Ja.”

Gelukkig weet teamgenoot Van der Velden ook een aantal serieuze redenen op te noemen voor Bosch’ uitverkiezing. “Als er iets moet gebeuren, pakt hij dat op. Hij heeft teamspirit en de juiste mentaliteit op het veld: geen gerotzooi, focussen. Hij heeft nooit een slechte wedstrijd, geeft zich altijd helemaal. En hij kan goed tackelen.” Dat laatste is een belangrijke taak voor de voorwaartsen – de positie waar Bosch op speelt. “Wij staan in de scrum (als iedereen tegenover elkaar staat en de bal probeert te veroveren door te duwen en trekken), tackelen de tegenstanders en proberen de bal veilig te stellen als een van ons onderuit gehaald wordt.” “We beschermen de kleinere spelers”, zo omschrijft Ciocan het.

Bosch, Van der Velden en Ciocan (die ook vóór spelen) zijn inderdaad geen kleine jongens. Levert dat brede postuur nog iets op in de kroeg? Bosch houdt zich op de vlakte: “Er zijn meisjes die op het rugby-ding vallen, maar we zijn allemaal andere types.” Ciocan heeft alweer pretlichtjes in zijn ogen. “Voor hem maakt het zeker uit. Hij heeft rood haar. Had ik dat eigenlijk al gezegd?”

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)