Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Ik kom uit een druk gezin waar alles kon en mocht”

“Ik kom uit een druk gezin waar alles kon en mocht”

Kijk ik om me heen, sta ik midden in mijn leven (Loesje)

Achternaam: Boon * Voornamen: José (artiestennaam Josu) Evelien * 20 jaar * In het dagelijks leven: derdejaars gezondheidswetenschappen en zwemcommissaris Tiburon * Woonplaats: Maastricht * Geboren in Leeuwarden * Burgerlijke staat: verliefd op Raymond

 

 

 

TOEN

Commentaar. Ik was geen lastige puber, maar als ik iets vervelend of onredelijk vond, zei ik er iets van. Als een leraar strafwerk gaf om een voor mij onduidelijke reden, kreeg hij commentaar. Ik zat op het atheneum in Doetinchem, waar we op mijn derde naar toe zijn verhuisd. Ik hoefde er niet veel voor te doen – en dat deed ik dan ook niet, haha. Ik had een vaste club vrienden, maar eigenlijk kon iedereen goed met elkaar opschieten. We maakten geen onderscheid tussen populaire en minder populaire mensen.            

Zwemfamilie. Ik kom uit een druk gezin waar alles kon en mocht. Mijn ouders zijn geweldig, ik kan altijd bij ze terecht en ga, als het uitkomt, elk weekend naar huis. Als ik ze een rapportcijfer moet geven, wordt het een 9 of een 10. Mijn broers en ik zaten op zwemmen. Roland, de oudste (we schelen vier jaar), zwom op topniveau en trainde tien keer per week. Jeroen (twee jaar ouder) en ik zo’n vier keer. Ik zat daarnaast ook nog op paardrijden. Mijn ouders probeerden er zoveel mogelijk bij te zijn, en dat terwijl ze beiden fulltime werkten – moeder deed de administratie in een verpleegtehuis, vader was manager van een telecombedrijf. Ik zwem nog steeds, maar ik ben geen talent. Op de lange afstanden ben ik een ‘dieseltje’, dat gaat wel goed. Maar sprinten, nee, niets voor mij.               

Slaapwandelen  Ik slaapwandel of praat in mijn slaap. Vlak voordat ik naar Maastricht verhuisde – wat ik nogal spannend vond – hoorde mijn moeder me elke nacht rondspoken. Ik herinner me ook dat ik met groep 8 op kamp was, ’s nachts naar de leiding liep en een verhaal afstak over een touw of zoiets. Ik kan stress goed verborgen houden, maar in drukke tijden, als ik tentamens moet maken of een paper moet afronden, spookt het door mijn hoofd.                         

 

NU

Leukemie. In maart is mijn oom overleden aan leukemie. Hij werd er al drie jaar voor behandeld en na een stamceltransplantatie vorig jaar leek het heel goed te gaan. Zijn tweede kleinkind heeft hij helaas net niet kunnen zien, maar hij wist wel of het een meisje of een jongetje werd. Als enige! Zelfs de ouders wisten het niet. De verloskundige mocht het geheim met hem delen.      

The Voice of Holland Als ik niet studeer, ben ik bezig met Tiburon, de Maastrichtse zwemvereniging, of met muziek. Als kind zong ik in een kinderkoor, mocht ik zelfs solo in de kerk. Ik kan me er nog steeds over verbazen dat ik zonder zenuwen voor zoveel mensen durfde te zingen. Op een gegeven moment stapte ik eruit, zo’n koor was niet meer zo cool. In de eerste van de middelbare school mochten we tijdens muziekles een lied zingen. Klasgenoten reageerden enthousiast: ‘José, hier moet je echt iets mee doen’. Ik ben zangles gaan volgen. Mijn ouders vonden het prima, moedigden me aan, stonden altijd vooraan met optredens, maar hebben me nooit gepusht. Ik moest het zelf willen, dan was het oké. Ik speelde in een paar bandjes, trad ook op, maar ik heb er weinig mee gedaan sinds mijn verhuizing naar Maastricht. Af en toe treed ik op met een goede vriend, een gitarist. Met Koninginnedag hebben we gespeeld in het Goffertpark in Nijmegen, covers, onder meer van Adele. Ik bewonder haar. Ze is zichzelf, zingt puur vanuit haar gevoel, en maakt er geen poeha van, zoals de jury vaak roept in programma’s als The Voice of X Factor. De kandidaten moeten alles kunnen: dansen én zingen en met hier en daar ook nog een goede uithaal. Dan denk ik: muziek is geen show, muziek is wat je voelt. Ik zie mijzelf niet deelnemen aan zo’n programma. Ik houd niet van mensen die te koop lopen met hun zangtalenten. Maar misschien ben ik wel te bescheiden.    

Uitstelgedrag. Ik wil verder in de muziek, maar durf de stap niet te zetten. Ik zeg steeds tegen mijzelf: ‘Ooit komt het wel …’.

 

STRAKS

Vleugel Ik zou graag een vleugel willen kopen. Nu heb ik een stage piano, een bak met zware toetsen. Ik heb pianoles gevolgd, geen klassieke les, maar vooral om mijzelf te begeleiden tijdens het zingen.       

Ziekenhuis Manager in een ziekenhuis, ja, dat lijkt me wel wat. Ik vind gezondheidswetenschappen heel leuk, maar ik weet eigenlijk helemaal niet waar ik terecht ga komen. Het kan nog alle kanten op. Als ik de kans krijg, schuif ik mijn studie aan de kant voor een zangcarrière. Mijn oude zangleraar opperde ooit om de vooropleiding van het conservatorium te volgen, maar ik wilde niet eindigen als muziekleraar op een middelbare school. Om echt ver te komen, moet je geluk en talent hebben. Zoals Miss Montreal, Sanne Hans, die toevallig van de Rockacademie is geplukt.             

Angst Ik ben best wel bang voor de toekomst. Toen ik hier kwam studeren, wilde ik het liefst terug naar huis, naar mijn vertrouwde leventje, gezellig met z’n vijven thuis. Na het recente overlijden van mijn oom besef ik opnieuw dat alles heel kwetsbaar is.

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)