Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

‘Mijn patiënt doet dat niet’, denken veel therapeuten

‘Mijn patiënt doet dat niet’, denken veel therapeuten

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Proefschrift over bedrog in de spreekkamer

Doen alsof je lijdt aan een ziekte of een stoornis, om bijvoorbeeld een schadevergoeding op te strijken. Het komt vaker voor dan gedacht. Hoe scheid je de bedriegers van de patiënten? Maar ook: hoe wijdverbreid is het? Van de studenten is 94 procent geneigd om klachten te verzinnen, blijkt uit een Maastrichts experiment.

Hoeveel ‘patiënten’ symptomen verzinnen of sterk overdrijven is niet bekend, maar de schattingen gaan uit van 30 procent. Het gebeurt niet alleen in de forensische setting (50 procent), om strafvermindering te krijgen, maar ook in de alledaagse spreekkamer (10 procent), om afgekeurd te worden of om aanspraak te maken op een uitkering of financiële vergoeding. In de Verenigde Staten zou er een kleine twintig miljard dollar mee gemoeid zijn, grotendeels opgeëist door oorlogsveteranen die een posttraumatisch stresssyndroom (PTST) simuleren. In Duitsland maar ook in Nederland staat whiplash op nummer één. “Net als nachtmerries kun je pijn niet objectief meten”, zegt psycholoog Irena Boskovic, die onlangs promoveerde op ‘malingeren’ – jargon voor de boel belazeren.

“De meeste bedriegers veinzen klachten waar ze in hun omgeving vertrouwd mee zijn, omdat bijvoorbeeld een vriend of familielid er last van heeft. Maar denk ook aan studenten die ADHD simuleren om de hand te leggen op het middel Adderall, waarmee ze zich beter kunnen concentreren en voorbereiden op examens. Al blijkt uit onderzoek dat het examencijfer niet verbetert.”

Rechtspsychologen hebben wetenschappelijke testen ontworpen waarmee fraudeurs kunnen worden ontmaskerd. Via deze vragenlijsten valt grosso modo 70 procent van hen door de mand. Boskovic heeft de nieuwste versie van de zogeheten Self-Report Symptom Inventory tegen het licht gehouden. Dat is een vragenlijst met normale en atypische klachten. Wie doet alsof, maakt zich vaak verdacht door veel pseudoklachten aan te vinken. In de eerdere versie kwamen echter zoveel zeldzame klachten aan bod dat sommige respondenten halverwege al argwaan koesterden.

Onethisch

Voor het beste resultaat raadt Boskovic aan om deze inventory te combineren met een techniek die in de hoek van de leugendetectie al langer bekend is: een analyse van de manier waarop patiënten hun symptomen beschrijven. Doen ze dat met wijdlopige verhalen die niet te checken zijn, over bijvoorbeeld de pijnbeleving, dan wees op je hoede. Want deze beschrijvingen blijken vaker fake dan die waarin beleving vermengd is met feiten die controleerbaar zijn.

Ook blijkt uit haar onderzoek - in totaal acht studies - wat niet werkt: de reactietijdenmethode. Die was al omstreden maar kan nu wat Boskovic betreft in de prullenbak. Hierbij moeten patiënten zo snel mogelijk de kleur benoemen van woorden die achtereenvolgens op een scherm verschijnen. Het betreft een mix van neutrale termen (stoel) en beladen woorden die te maken hebben met de stoornis (nachtmerrie, angst). Het idee: wie oprecht is en ’s nachts gillend wakker wordt, zal op deze woorden minder snel reageren. Ze triggeren de patiënt namelijk waardoor het brein meer tijd nodig heeft om ze te verwerken. Toch is met het uiteindelijke reactietijdenpatroon het kaf niet van het koren te scheiden.

In de praktijk valt met de testen nog een wereld te winnen. In forensische  instellingen worden ze daadwerkelijk gebruikt, maar bij reguliere patiënten gebeurt dat zelden. Therapeuten moeten er weinig van hebben, omdat dit niet de manier is waarop ze met hun patiënten willen omgaan, zeggen ze. Boskovics: “Ook vinden ze het onethisch om mensen niet te helpen, om de fraudeurs naar huis te sturen. Maar het is natuurlijk net zo onethisch om mensen te helpen die geen behandeling nodig hebben. Dat gaat ten koste van de echte patiënten.”

Hoe wenselijk is het om een leugentest op tafel te leggen in de eerste contacten tussen patiënt en therapeut? “Dat kan misschien ongemakkelijk zijn, maar uiteindelijk is het een kwestie van presenteren. Met de test neem je de oprechte patiënt, de therapie en de therapeut in bescherming. Eenmaal in behandeling zullen fraudeurs namelijk niet meewerken, want dat is niet in hun belang. Gaandeweg vragen behandelaren zich gefrustreerd af waarom de patiënt niet opknapt.”

Menstrueren

Bovendien denken de meeste therapeuten: ‘Mijn patiënt doet dat niet.’ Boskovic heeft 93 professionals in 22 verschillende landen gepeild en 64 procent van hen denkt inderdaad dat ‘malingeren’ maar zelden voorkomt.

Dat dit geen hout snijdt, blijkt uit wetenschappelijke schattingen, maar ook uit een gedachte-experiment dat Boskovics voorlegde aan een groep van 170 studenten. Het betreft twee scenario’s, waarin iets te winnen valt en te voorkomen. Eén: ze zijn gezakt voor het tentamen en lopen daarom de referentiebrief mis voor hun masteropleiding. Ze kunnen die alsnog krijgen als ze een verhaal ophangen dat ze zich niet lekker voelden tijdens het tentamen. In het tweede scenario hebben ze het examen ook niet gehaald en zullen ze op Eleum met naam en toenaam worden bestempeld als de student met de laagste score. Ze kunnen dit voorkomen als ze de tutor ervan overtuigen dat ze ziek waren.

Wat zouden ze doen? In beide scenario’s is 94 procent van de studenten geneigd om de kluit te belazeren. “Ze zullen een emotioneel appel doen op hun docent, de tranen laten vloeien, en doen alsof ze misselijk zijn, diarree hebben of menstrueren. Veel proefpersonen waren vrouwen.”

Simuleren studenten ook symptomen om als proefpersoon in onderzoek van de eigen faculteit extra studiepunten te verzamelen? Het zou Boskovic niet verbazen. Ze heeft haar collega’s tijdens een presentatie al ervoor gewaarschuwd. Ook omdat het de uitkomsten kan verstoren. “Dat bleek uit een Amsterdamse studie naar de relatie tussen de hippocampus en het geheugen. De eerste resultaten toonden geen link, maar nadat de fakers waren geschrapt, kwam die wel degelijk bovendrijven.”

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)