Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

"Acht jaar lang woonde ik in een woongroep op een van de meest bijzondere plekken van Nijmegen. Ik vond het prachtig.”

"Acht jaar lang woonde ik in een woongroep op een van de meest bijzondere plekken van Nijmegen. Ik vond het prachtig.”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Barbara Strating (1985, Mierlo)/ programmamaker Studium Generale sinds juni 2018/ alleenstaand/ woont in Maastricht

De wereld kan wel wat meer humor gebruiken. Zeker. Ik houd heel erg van lachen. Als puber deed ik weleens Jiskefet na, de Lullo’s, Debiteuren Crediteuren. De Luizenmoeder vind ik ook vermakelijke kost. Cabaretier en filosoof Tim Fransen schreef dit jaar het essay voor de Maand van de Filosofie: Het leven als tragikomedie. Hij stelt dat humor een alternatief perspectief biedt op de onvermijdelijke en tragische kanten van het leven. Je kunt een serieuze boodschap met een grap brengen. Maar het mag van mij niet kwetsend zijn. Dan haak ik af.

Waar ik het meest onder lijd: Mijn bril, of eigenlijk mijn slechtziendheid. Zeg nu zelf: je wordt niet per se mooier van een bril. Gelukkig bestaan er lenzen. Ik vind ’t vervelend dat ik de wereld zie door een koker als ik mijn bril draag. En dan het praktische gedoe, dat er iets op je neus zit, niet weten waar je ‘m nu weer hebt gelegd. Mijn bril staat op ergernis nummer één, nog boven mijn gehoorapparaten. Ik ben slechthorend geboren, het zit in de familie. Gelukkig heeft de techniek de afgelopen twintig jaar niet stil gestaan, waardoor ik met hulp van hoorapparaten nu eigenlijk net zo goed hoor als mensen die niet slechthorend zijn. Ook op het gebied van acceptatie is er veel veranderd. Mijn ouders hebben moeten pleiten voor een plekje in het reguliere basisonderwijs. Er was helemaal niets mis met mij, ik hoorde alleen niet goed. Tegenwoordig gaat men daar anders mee om. Ik werk nu zelfs weleens mee aan onderzoeksprojecten, als expert op het gebied van mijn eigen beperking. Zoals bijvoorbeeld het multizintuiglijk museum in het Van Abbemuseum in Eindhoven. Ik ben als filosoof in het thema gespecialiseerd, maar vanwege mijn beperking weet ik ook welke elementen belemmerend kunnen zijn. Als puber maakte dat ‘anders zijn’ me zo nu en dan recalcitrant. Ik weet nog dat ik niet echt een talent had voor exacte vakken, maar wilde laten zien dat ik het kon. Ik ben afgestudeerd in alle exacte vakken om vervolgens maatschappelijk werk en dienstverlening te gaan studeren aan de hogeschool [grinnikt]. Na een jaar verruilde ik die studie voor filosofie in Nijmegen.

Mijn tuin is klaar voor de lente. Ik heb helaas geen tuin meer, ik zou graag een groentetuintje hebben. In Nijmegen, waar ik tot vorig jaar november woonde, had ik een gedeelde tuin. Acht jaar lang woonde ik er in een woongroep op een van de meest bijzondere plekken van Nijmegen, een voormalig 19e eeuws klooster. Je moet ervan houden, je deelt gemeenschappelijke ruimtes en hebt altijd mensen om je heen. Ik vond het prachtig. Ik kreeg de smaak te pakken toen ik tijdens een zomer voor een paar weken naar Berlijn ging. Ik kwam er terecht in een woongemeenschap. Eenmaal terug in Nijmegen verhuisde ik van mijn studentenkamer naar een woongroep. Samen met een buurman en een paar vrienden heb ik jarenlang een paar keer per jaar een filmfestival georganiseerd in de woonkamer: KloosterKino. We draaiden de mooiste en beste animaties. Dan zaten er op zo’n avond vijftig tot zestig man bij elkaar.

Op mijn Instagramaccount post ik vooral… O jee, dat is niet zoveel. [Ze pakt de telefoon erbij]. Ik bezoek graag tentoonstellingen over beeldende kunst. Een tijdje heb ik allerlei ‘Do not touch’ bordjes gefotografeerd en online gezet. Zo’n mededeling fascineert me, want waarom mag je een kunstwerk niet aanraken? Gaat het alleen om de visuele waarneming? Ik herinner me een installatie van Sheila Hicks op de Biënnale in Venetië: een grote wand met gekleurde gebreide ballen, daar had ik zo in willen duiken. Maar we leven in een wereld waarin ons is aangeleerd dat we tentoongestelde objecten niet mogen aanraken, ze worden beschermd tegen ‘vieze handjes’.

Eens een Limburger altijd een Limburger. Ik ben geboren in Mierlo maar drie weken na mijn geboorte verhuisden we naar Heerlen. Anderhalf jaar later kochten mijn ouders een huis in Simpelveld en daar wonen ze nog steeds. Ik voel me Limburger als ik door het Heuvelland rijd, of die ene keer per jaar, tijdens carnaval, als mijn vader zuurvlees bereidt. Ik ben vegetariër, maar maak hiervoor graag een uitzondering. Waar ik me niet in herken: de mentaliteit van sommige Oostelijke Mijnstreek-bewoners. Daarvoor heb ik te veel een open blik, ben ik te nieuwsgierig naar nieuwe invloeden. Er heerst toch een zeker wantrouwen voor het onbekende, dat zie je ook aan de uitslag van de recente verkiezingen.

Ik heb een fantastische jeugd gehad: Binnen de vier muren van mijn ouderlijk huis heb ik een geweldige kindertijd gehad. We woonden prachtig, hadden een grote tuin. Als je die uitliep, kwam je in het bos terecht. Ik haalde zelfs de krant omdat ik samen met kinderen uit de buurt het bosje had opgeruimd. De burgemeester kwam ervoor op bezoek. In het dorp en op school voelde ik me minder thuis. Er werd dialect gesproken, dat deden mijn broertje en ik niet, en ieder kind op school was wel familie van elkaar. Ik vond moeilijk aansluiting, stond een beetje erbuiten, mede door mijn slechthorendheid. Ik viel op in de klas, was anders. Op de middelbare school ging het beter. Dat voelde een stuk minder bekrompen en daar stonden leerlingen en docenten veel meer open voor diversiteit. Ik las ook heel veel, literatuur voor volwassenen, waarvan ik nu denk: ‘Waarom las ik die toen eigenlijk?’ De romanreeks van Maya Angelou is me bijgebleven omdat ik die echt prachtig vind. Maar ik las eigenlijk alles dat ik kon vinden, in de bibliotheek en in de boekenkast.

Expositie die ik nooit zal vergeten: Ik was dertien of veertien en met school gingen we naar het Maastrichtse Bonnefantenmuseum, naar een tentoonstelling over smaak. Die was luchtig en met lekkere snoepjes ingericht. Je mocht er zelfs sigaren proeven. Een klasgenootje had er een mee naar buiten gesmokkeld, die hebben we toen met de hele klas op gerookt. Ik realiseerde me daar dat kunst niet per se in een statige, stille ruimte hoeft te staan, maar dat het ook speels kan zijn.

Ik ben hartstikke verliefd. Nee, allesbehalve. Mijn liefdesleven moet ik gaan reanimeren, ik heb er met de wisseling van baan en woning geen tijd voor genomen. De ware ben ik nog niet tegengekomen.

Mensen zien de wereld zoals zijzelf zijn, niet zoals de wereld is. Dat klopt. Daar ligt ook een rol voor Studium Generale, daarom heb ik op deze baan gesolliciteerd. Ik ben me heel bewust van de kracht van het podium. Je komt ergens samen, ontmoet elkaar fysiek en komt in aanraking met ideeën die misschien niet de jouwe zijn. Door te spreken en te handelen kunnen we verbonden zijn zolang we accepteren dat we verschillend zijn. Het is een belangrijk thema van mijn favoriete filosofe Hannah Arendt.

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)