Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

College van bestuur en U-raad: twee werelden

College van bestuur en U-raad: twee werelden

Photographer:Fotograaf: Pixabay

Analyse/opinie

Waarom loopt de ruzie tussen het college van bestuur en de universiteitsraad over de nieuwe procedure voor de benoeming van faculteitsdecanen zo uit de hand? Omdat het een botsing van twee werelden is, schrijft oud-Observantredacteur Wammes Bos.

Rector Rianne Letschert heeft het keer op keer in Observant benadrukt: ze wilde geen coup plegen, het is helemaal niet waar dat het college van bestuur veel meer invloed krijgt op decaansbenoemingen ten koste van de faculteiten zelf. Aldus de rector. Dat het voltallige college in de benoemingsadviescommissie (BAC) plaatsneemt en vervolgens zichzelf adviseert welke kandidaat te benoemen, dat was vooral pragmatisch: “Alle leden van het college hebben vanuit hun portefeuilles veel met de decanen te maken, dan is het belangrijk dat ze ook meteen aan tafel zitten en niet pas in tweede instantie, als na drie maanden alles al zo goed als rond is. (…) Ik vind het geen prettige procedure als het CvB na een volledig doorlopen traject toch nog een kandidaat zou kunnen afschieten.”

Een paar Observantnummers verder maakte ze zich in een groot interview nog eens goed boos (“godsamme”) over de suggestie dat ze een machtsgreep deed.

Maar is die boosheid terecht? Is de nieuwe aanpak dan niet centralistisch?

Tja, het is moeilijk om er anders naar te kijken. Wie de eerste versie van de nieuwe benoemingsprocedure ziet en leest dat het de rector is die bepaalt welke brieven de BAC onder ogen krijgt, dat het college niet alleen zelf in die commissie plaatsneemt maar ook nog eens de meeste leden ervan aanzoekt, tja, die kan moeilijk ontkennen dat het college dominant wordt in alle fasen van zo’n procedure. En de faculteit navenant minder te zeggen heeft. Niet niks, wel minder.

De vraag is: waar komt die houding vandaan? Want dat er intussen onder druk van de universiteitsraad wat concessies zijn gedaan doet niets af aan de intenties waarmee een dergelijk stuk tot stand is gekomen. De interviews met Letschert werpen enig licht op de achterliggende gedachtenwereld. Ze spreekt over “een sollicitatieprocedure voor een topfunctie, daar moeten we heel serieus naar kijken. Het is een enorm moeilijke baan”. En later: “… wij zijn eindverantwoordelijk, wij moeten een topmanagementlaag neerzetten en zorgen dat de UM goed gerund wordt”. (cursief wb)

Woordkeus

Die woordkeus spreekt voor zich. De decanen een topmanagementlaag? Is er iemand binnen de faculteiten die er zo tegenaan kijkt? Die deze term in dit verband ooit heeft gebezigd zelfs?

Vast niet. Want een decaan, dat is vooral het boegbeeld van de faculteit. Daar ligt zijn of haar eerste en belangrijkste verantwoordelijkheid. Daarnaast, met de nadruk op naast, doet hij of zij collegiaal mee aan het bredere UM-beleid.

Ziedaar het perspectief van de universiteitsraad.

Maar vanuit het college van bestuur bezien steekt de wereld anders in elkaar. Daar wordt, zeker door een daadkrachtige rector die graag dingen voor elkaar wil krijgen, gekeken hoe de UM-tent het beste gerund kan worden. En dan zijn decanen daar instrumenteel in. Zoiets als divisieleiders bij Philips of Unilever.

Nu hoeven we niet te twijfelen aan de democratische inborst van deze rector of dit college als geheel. Hun aanpak valt te verklaren uit hun centraal-bestuurlijke blik: die prevaleert hier. Een kiem daarvan was bij Letschert al langer zichtbaar. Een jaar na haar aantreden verklaarde ze in een interview met de officiële UM-site dat ze voorheen als hoogleraar in Tilburg ook alles door een facultaire bril bekeek. Ze had het over de houding van “’waarom bemoeit centraal zich hiermee? Dat kunnen we als faculteit toch prima zelf?’ Dus ik begrijp het heel goed en tegelijkertijd vraag ik me sterk af wat die houding ons allemaal oplevert.”

Daar wringt het hier echter. Decanen zijn namelijk principieel geen ‘divisieleiders’, ze zijn volgens de wet niet ondergeschikt aan het college van bestuur. Op het terrein van onderwijs en onderzoek, hun belangrijkste taak zijn zij bevoegd, niet het college. Wel worden ze geacht mee te werken aan het bestuur van de universiteit en te overleggen over het instellingsplan en de begroting. Alleen als het over beheer gaat, zeg maar de bedrijfsvoering, bestaat er een gezagsrelatie: daar heeft het college bevoegdheden aan hen gemandateerd. Overigens zijn die taken veelal weer ‘doorgemandateerd’ naar de directeuren.

Gegoochel

Tot slot: er is nog iets zorgwekkends. In de brief die het college van bestuur op 22 oktober naar de U-raad heeft gestuurd, goeddeels opgesteld door de afdeling Juridische Zaken, wordt naar hartelust gegoocheld met wet- en regelgeving.

Dat gaat als volgt: de U-raad vindt dat het plan van het college in strijd is met het bestuurs- en beheersreglement BBRUM? Ze zijn het niet eens met de invulling van de BAC? Geen nood, dan grijpt het college gewoon terug op de hoger-onderwijswet WHW. Die staat boven al deze regels. En daar valt te lezen dat het college de decanen benoemt. Punt.

Wat men vergeet is dat het college (althans zijn institutionele voorgangers, maar college is college) eigenhandig het BBRUM heeft vastgesteld (de WHW vereist dat ook), dat dit met instemming van de U-raad is gebeurd en dat de raad van toezicht er zijn fiat aan heeft gegeven. Zo’n reglement is dus een serieus document. Waarin paragrafen over de BAC te vinden zijn die allemaal door het college zijn onderschreven.

Maar nu er onenigheid is wordt dat BBRUM kennelijk niet meer zo serieus genomen. Wil de U-raad geen drie collegeleden in een BAC? Niets mee te maken. Staat er in het BBRUM dat er slechts één collegelid lid is van een BAC, dan leest het college daar gewoon twee of drie, want: de wet zegt dat wij de decanen benoemen en hoe we dat doen, dat maken we zelf wel uit.

Het zijn cirkelredeneringen van het ergste soort. Bovendien gepresenteerd met veel misplaatst triomfalisme: de U-raad moet niet zo zeuren, die zit er gewoon op alle fronten naast en mag blij zijn dat het college de BAC’s überhaupt instelt en de faculteiten invloed geeft op het selectieproces van de decanen. Dat is “een gebaar”.

Het is nu aan de raad van toezicht om te bemiddelen in het conflict. Misschien verdient het aanbeveling om de bedrijfsjuristen van de UM daarbij maar even thuis te laten.

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)