Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Zonder geluk kom je er niet in de wetenschappelijke wereld”

“Zonder geluk kom je er niet in de wetenschappelijke wereld” “Zonder geluk kom je er niet in de wetenschappelijke wereld”

Oud-student University College Maastricht Jan Machielsen

Het is maandagochtend 9.00 uur, half december. Jan Machielsen, 35 jaar en senior lecturer in geschiedenis aan Cardiff University in Wales, zit nog in zijn hotel in Parijs. Zo meteen, na het interview, zet hij koers naar de bibliotheek om verder te werken aan zijn wetenschappelijk onderzoek. “Te voet. Er is weer een staking aan de gang. Het openbaar vervoer ligt stil, ook de metro. Ach, het is wel goed dat ik veertig minuten moet lopen, anders zit ik de hele dag”, klinkt het laconiek. Parijs en stakingen horen wat hem betreft bij elkaar: “Toen ik voor mijn master drie maanden in Parijs studeerde lag mijn universiteit een maand plat.”

Hij woont in het Verenigd Koninkrijk, verbleef langere tijd in Australië, Rome en Princeton, New Jersey. Dat had de achttienjarige Jan niet voor mogelijk gehouden, klinkt het grinnikend aan de telefoon. “Ik was een Brabantse boerenjongen uit Zundert, de eerste in mijn familie die ging studeren. Ik durfde niet te kiezen voor een universiteit boven de rivieren. Een studie in het buitenland kwam niet eens bij me op. Ik vond Maastricht al een avontuur.”

Machielsen behoort tot de eerste lichting van het University College Maastricht die in 2002 aantrad. “Ik vond het spannend om onderdeel te zijn van iets nieuws. Ik had en heb een grote liefde voor geschiedenis, maar dacht, als eerste-generatie-student, dat het beter was om iets ‘nuttigs’ te gaan studeren waarmee je een baan kreeg. Iets technisch, ik had een bèta-profiel, of bedrijfskundigs. Bij het UCM kon je dat allemaal studeren.” Toch was het vervolgens vooral geschiedenis wat de klok sloeg. Helemaal toen hij in zijn derde jaar naar Australië toog en daar kennismaakte met het vak ‘de geschiedenis van de hekserij’. Hij volgde een master in Leiden-Parijs-Oxford en daarna nog een geschiedenismaster in Oxford, waar hij promoveerde, postdoc werd en lesgaf. Sinds 2015 heeft hij een vaste aanstelling in Cardiff. “Ik ben gespecialiseerd in de 16e en 17e eeuw, de early modern period zoals de Britten het noemen. Ik heb nu een sabbatical van twee jaar – ik heb een paar beurzen binnengehaald – en ben bezig aan mijn tweede boek over de geschiedenis van de hekserij. Ook mijn laatste, hierna wil ik een gezelliger onderwerp, met minder martelingen.”

Geluk

Hij heeft veel geluk gehad, klinkt het nuchter. “Ik zeg altijd tegen mijn studenten dat je twee soorten wetenschappers hebt: de groep die denkt dat je goed moet zijn en er dan wel komt, en de groep die weet dat je daarnaast ook geluk moet hebben. Ik had als student geen idee van een wetenschappelijke carrière, ik wist niet hoe je een proefschrift kon schrijven, hoe je een professioneel historicus kon worden. Ik kom niet uit een academisch milieu. Ik merkte dat pas goed toen ik met een vriendin en haar moeder, een kunsthistorica, door het Italiaanse Siena liep en daar op de stadspoort een Latijnse spreuk zag. ‘Siena opent eerder haar hart dan haar deuren’, vertaalde haar moeder ter plekke. Ik stond perplex, het was mind blowing. Ik weet het nog steeds.

“Ik heb alles stap voor stap gedaan, kreeg eerst een beurs om in Oxford een master te volgen, dat was al geweldig, en daarna eentje om te promoveren. Ik was uiteraard goed, maar het is ook geluk. Dat zie ik nog sterker nu ik zelf in beoordelingscommissies van onderzoeksvoorstellen zit. Zo moet de samenstelling van de commissie net in je voordeel uitvallen, ze moeten geïnteresseerd zijn in jouw gebied.”

Zelfbewuster

Af en toe moet hij zichzelf eraan herinneren dat hij niet met zijn werk getrouwd is, lacht hij. “Ik vind het moeilijk om mijn werk los te laten. Ik probeer meer tijd voor mezelf vrij te maken en ben daarom net drie weken op vakantie geweest naar Australië.” Het land waar hij op twintigjarige leeftijd een half jaar studeerde en voor het “eerst kon zijn wie ik was”. Hij maakte in no time vrienden met wie hij naar Nieuw-Zeeland en door Australië reisde. En last but not least: hij kwam uit de kast. Eindelijk durfde hij te zeggen dat hij homo was. “Toen ik terug in Maastricht kwam, was ik een ander mens.” Iets wat ook de Observantredactie niet ontging: er stapte een veel zelfbewustere, blijere en uitgesproken jongeman de redactieburelen binnen.

Hij prijst zich rijk met zijn vrienden, maar is nog steeds vrijgezel. Het is niet makkelijk om in een nieuwe stad een netwerk op te bouwen, vertelt hij. Zeker niet als je werk bijna alle tijd opslokt. “Heb je kinderen, dan kom je mensen tegen op het schoolplein. Een vriendin van me is lid geworden van een lesbisch koor. Maar ik klink als een walrus.” En wat die kinderen betreft: hij heeft twee leuke neefjes waar hij van geniet. Maar zelf kinderen? Dat staat ver van hem af.

Halve marathon

Nog steeds doet hij dingen die hij nooit had verwacht: “Ik ben in Cardiff gaan hardlopen en liep onlangs de halve marathon. Mijn gymleraar van de middelbare school zou achterovervallen van verbazing.” Ook leerde hij Italiaans en dat maakte een ongekende passie voor die taal in hem los. En schrijft hij boekrecensies (“dat is een lijntje terug naar Observant waar ik over films schreef, maar ook een dagboek bijhield in Australië en tijdens mijn eerste master”) voor Times Literary Supplement. “Van mijn eerste academische boek zijn er ongeveer 250 verkocht. Bij de TLS bestaat mijn publiek uit zo’n 30 tot 40 duizend lezers.”

Zijn de studentendromen uitgekomen? “De persoon die die dromen had is nu een ander mens. Een betere vraag vind ik: zou de achttienjarige Jan blij zijn met de 35-jarige? Dan zeg ik ja. Al kan het nog altijd beter.”

(On)vervulde dromen

In 2003 vroegen we Maastrichtse studenten naar hun toekomstdromen. Hoe staat het daarmee anno 2019? Zijn ze uitgekomen? In dit jubileumjaar (Observant is 40!) zoeken we hen opnieuw op. Niels van der Laan was in 2003 als studentjournalist verantwoordelijk voor het leeuwendeel van de portretten, en ook nu neemt hij een flink aantal voor zijn rekening. Behalve bovengenoemde alumni, vragen we ook oud-studentenjournalisten van Observant naar hun (on)vervulde dromen.

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)