Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Vroeger sprak ik me vaak niet uit, nu durf ik dat wel en neem ik het risico om het bij het verkeerde eind te hebben”

“Vroeger sprak ik me vaak niet uit, nu durf ik dat wel en neem ik het risico om het bij het verkeerde eind te hebben”

Photographer:Fotograaf:

Joey Roberts

Zing, vecht, huil, bid, lach werk en bewonder

Naam: Joey Tang (1992, Bergschenhoek) * In het dagelijks leven: promovendus bij de vakgroep politieke wetenschappen van Fasos * Burgerlijke staat: samenwonend met Julia * Woonplaats: Brussel

Je bent niet de enige die Joey Tang heet. Als ik een gmail-account wil aanmaken, moet ik een paar cijfers achter mijn naam zetten. Mijn opa komt uit Hongkong, daar is de Tang-clan een van de vijf originele grote families. Hongkong was een Britse kolonie, heel wat Hongkongers kiezen een Engelse voornaam die ook in het Chinees een betekenis heeft. Joey zou kleinzoon betekenen, maar ik weet niet of dat waar is. Mijn opa emigreerde eerst naar Londen, daarna naar Nederland. Onze tak van de clan was niet zo rijk, hij zocht werk. Het was mooi meegenomen dat hij zo kon ontsnappen aan de verwachtingen van zijn familie wat betreft huwelijkspartners.  

Ongelijkheid tussen mannen en vrouwen? Dat is ongeveer opgelost .[Lacht] Nee, er is nog steeds ongelijkheid. Op belangrijke posten zie je nog altijd minder vrouwen terwijl nooit bewezen is dat zij het slechter of beter zouden doen dan mannen. Ik probeer in mijn onderzoek de invloed van genderongelijkheid te meten op de werkvloer. Heeft het effect op de gezondheid van werknemers, op het verloop, op de winst van het bedrijf? 

Maastricht of Brussel? Brussel, die stad is veel internationaler, veel groter, er is veel meer te doen. Ik kom uit Rotterdam, heb daar gestudeerd, net als in Amsterdam en Brussel. Ik had op een bepaald moment Nederland wel een beetje gezien, en ik verwacht dat ik Brussel over een paar jaar ook wel gezien heb. Dat klinkt misschien arrogant, ik zie zeker de voordelen van een kleine stad als Maastricht, maar op dit moment in mijn leven voel ik me thuis in Brussel. Later wil ik naar de zon, naar Zuid-Europa of Californië. 

Jouw boeken top drie: De ontdekking van de Hemel van Mulisch, De ondraaglijke lichtheid van het bestaan van Kundera en The Lord of the Rings van Tolkien. Ik ben niet opgegroeid met literatuur, maar in het eerste jaar van mijn studie sociologie las ik Mulisch. O wauw, dat bestaat dus ook, dacht ik. Toen ben ik veel gaan lezen. Inmiddels gebeurt dat minder, na een dag wetenschappelijke artikelen lezen wil je ’s avonds wel wat anders: naar de bioscoop, series kijken of videospelletjes doen.

Wat is het moeilijkste aan de liefde? Het in woorden uitdrukken waarom je van iemand houdt. Ik ken Julia zes jaar en ik ben in die tijd een ander persoon geworden. Zij is heel anders dan ik: extraverter, durft meer, principiëler, politieker, bezig met ethiek, weet veel meer van literatuur en kunst. Zij komt uit een ander nest, is half Duits, half Amerikaans, opgegroeid in Zuid-Frankrijk, haar ouders zijn allebei arts. Mijn ouders zijn gescheiden, opgevoed door mijn moeder in een warm nest, arbeidersgezin. Julia liet en laat mij een andere wereld zijn. Ik sta nu veel meer open voor nieuwe ervaringen, nieuwe emoties. Ik ben principiëler, vroeger sprak ik me vaak niet uit, nu durf ik dat wel en neem ik het risico om het bij het verkeerde eind te hebben. Julia is heel belangrijk. Zonder haar zou ik een deel van mezelf verliezen.

Wat wilde je vroeger worden? Zoveel. Fotograaf, archeoloog, ik wilde robots maken, ondernemer worden. Ik wilde daarom bedrijfskunde gaan studeren, maar toen zei mijn leraar economie: dat is niets voor jou, dan zit je tussen allemaal kakkers. Jij moet eens gaan kijken bij sociologie. Daar had ik nog nooit van gehoord, maar ben het wel gaan studeren. 

Als je een ding in het leven mocht overdoen, wat zou dat zijn? Ik had graag meer gereisd, ik had op uitwisseling moeten gaan. Ik dacht er als student niet over na, ik was voorzichtig met geld uitgeven, dacht dat het niet kon. Achteraf had ik beter wat armer kunnen zijn, maar mét de ervaring van een stage of studie in het buitenland. Maar zo ben ik niet opgevoed. 

Vaders- of moederkindje? Moederskindje. Het grootste deel van mijn opvoeding heb ik aan haar te danken. Zij is een sterke vrouw, Rotterdams, no nonsens, lief en familie-minded. Zij vindt het moeilijk dat ik zo ver weg zit, maar ze komt vaak op bezoek. Zij liet mij en mijn jonger zusje vrij, al was ze wel duidelijk, er waren regels. Ze liet je in je waarde als kind. Ik zag mijn vader toen elk weekend, maar zijn stempel drukte toch minder.

Over tien jaar …hoop ik ergens professor te zijn. Of gaat dat niet zo snel? In de wetenschap kun je je interesses volgen en de tijd nemen voor onderzoek. Dat vind ik geweldig. Ik heb eerder gewerkt als data-analist in Nederland en België, bij die bedrijven kon je nooit met je eigen project bezig zijn en het resultaat boeide niemand. Verder hoop ik over tien jaar drie kinderen te hebben. We willen er in totaal vier. Ik houd van kinderen, ik vind ze fantastisch. Ik ben een familiemens, opgegroeid met neefjes, nichtjes, ooms, tantes, opa, oma. Altijd samen. Wij zullen nooit dicht bij onze beide families wonen, dus moeten we onze eigen familie creëren. 

Sporten is niet aan mij besteed. Jawel. Ik loop hard, ga naar de sportschool. Vroeger deed ik aan taekwondo, een Koreaanse verdedigingssport. Ik was best goed ja, heb verschillende bekers thuis staan. Mijn Aziatische achtergrond heeft meegespeeld in de keuze voor taekwondo. Mijn wortels zijn belangrijk. Ik ben ook gevoelig voor het alledaagse racisme dat Aziaten ten deel valt en dat sinds het coronavirus zichtbaarder is. Ik ben als Nederlander opgevoed, maar ik heb de neiging om de Aziaten te verdedigen, juist omdat ik voel dat ik deel uitmaak van die groep. Ik ben gevoelig voor discriminatie, niet voor niets gaat mijn onderzoek over ongelijkheid.

Grootste verdriet? Dat mijn opa en oma van moederskant zo weinig kansen hebben gehad in hun jeugd. Mijn opa, die jong was in de Tweede Wereldoorlog, was een intelligent mens, goed met kinderen, maar hij was ook zwaar dyslectisch en had last van ADHD. Hij heeft altijd gedacht dat hij niet slim was. Dat vind ik verdrietig. Waren hij en mijn oma nu jong geweest, dan was hun leven heel anders verlopen. Mijn zusje, die ook aan het promoveren is, en ik maken dat nu een beetje goed.

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)