Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Schipperen tussen veiligheid en menselijkheid

Schipperen tussen veiligheid en menselijkheid

Photographer:Fotograaf:

Still uit MUMC-beelden

Over de psychische noden van het zorgpersoneel

De vele sterfgevallen, de familie die niet op bezoek mag, het is artsen en verpleegkundigen niet in de koude kleren gaan zitten. In het MUMC+ houdt het zogeheten psychosociaal team het zorgpersoneel nauwkeurig in de gaten. “De maatschappij kan nog zo hard voor je klappen, uiteindelijk draait het om de steun van je collega’s."

Het is 1.00 uur ’s nachts op de corona-afdeling A1. Verpleegkundige Marith Cimmermans (25) loopt een vierpersoonskamer op en hoort van één van de coronapatiënten dat die zich niet goed voelt. Een uur geleden sliep de man nog, geen bijzonderheden. Nu ligt er een grauwe waas over zijn gezicht. Cimmermans stelt vast dat de patiënt een forse verhoging heeft, 39,7, en dat het zuurstofgehalte in het bloed is gedaald tot 83 procent. 

Ze neemt in overleg met de internist extra bloed af en maakt een hartfilmpje. De man krabbelt iets op, maar hij hapt ook steeds meer naar adem. Cimmermans plaatst het zuurstofmasker op zijn gezicht en belt opnieuw de internist. Die is binnen één minuut ter plekke. Ook het Spoed Interventie Team is gewaarschuwd, dat op verzoek van de verpleging patiënten beoordeelt en behandelt. 

Als ze met een collega-verpleegkundige en een internist rond het bed staat, gaat het mis. O nee, denkt Cimmermans, daar gaat-ie. De adrenaline giert door haar aderen, ze probeert een tweede infuus in te brengen, maar het is te laat. De man sterft onder haar handen. Het speelt zich allemaal af in een kwartier.

Journaal

Cimmermans, het is haar eerste week op de corona-afdeling, is de schrik nog niet te boven als ze plots beseft dat de andere drie patiënten vanachter het gordijntje alles hebben gehoord. Ze peilt hoe het gaat en hoort de angst in hun stem. Ze zijn doodsbang dat hen vandaag of morgen hetzelfde lot treft. Die nacht zullen ze geen oog meer dichtdoen. Cimmermans schakelt meteen de geestelijk verzorgers in.

Ook voorheen, toen op A1 voornamelijk oncologiepatiënten lagen, gingen er mensen dood, maar niet zo snel en zo vaak als nu. Ook sterven patiënten vaker alleen. “Het is al een paar keer voorgekomen dat ik patiënten dood heb aangetroffen in bed.”

Op zich gaat het met Cimmermans goed, zegt ze. Wel heeft ze zichzelf op een karig nieuwsdieet gezet. Ze kijkt nog maar één keer per dag naar het Journaal, uit zelfbescherming. Het is corona voor en corona na, ze wil er niet steeds aan herinnerd worden.

Kassamedewerker

En dat “afschakelen” is juist van het grootste belang, zegt psycholoog Jeanette Dijkstra, hoofd van het zogeheten psychosociaal team, dat de medewerkers van het MUMC+ emotioneel en geestelijk steunt. Het team is half maart opgericht en bestaat uit psychologen, maatschappelijk werkers, geestelijk verzorgers en leden van het Bedrijfs Opvang Team. 

“Bij afschakelen is het belangrijk dat leidinggevenden het goede voorbeeld geven, en niet ’s avonds roosters doormailen voor de volgende dag. Probeer liever thuis de zinnen te verzetten, pak een boek of ga sporten.”

Het psychosociaal team is drie keer per dag aanwezig bij de overdracht van de artsen van interne geneeskunde en longziekten; daarna leidt het team kleinschalige groepssessies met degenen voor wie de dienst erop zit. Ze praten over wat ze hebben meegemaakt om het werk af te sluiten en zonder al te veel zorgen huiswaarts te gaan. Ook woont het team de wisseling van de dienst bij op de corona-afdelingen, in die bijeenkomsten kunnen verpleegkundigen hun verhaal kwijt.

Wie erdoorheen zit, kan ook aankloppen voor een individueel gesprek, maar dat gebeurt slechts spaarzaam. Tot nog toe hebben zo’n vijftien medewerkers contact gezocht, zegt Dijkstra. “Dat zijn meestal mensen die vóór de coronacrisis al niet lekker in hun vel zaten. Het gaat om artsen, verpleegkundigen maar ook het schoonmaak- en kantinepersoneel. Een kassamedewerker was zo bang om besmet te raken dat die zich ziek heeft gemeld.”

Alle pech

Verpleegkundigen worstelen vaak met de strenge bezoekregeling, waarbij slechts twee familieleden van een coronapatiënt één keer langs mogen komen. Cimmermans: “Normaal plaatsen we gewoon een extra bed in de kamer van de patiënt en blijft de familie waken. Nu moet een moment worden gepland waarop het afscheid plaatsvindt. Zonder dat je weet wanneer je dierbare sterft, dat kan diezelfde avond zijn maar evengoed een week later. Ze zullen de patiënt in ieder geval niet meer zien.”

Ze moet denken aan een man die nog vóór de crisis werd binnengebracht met buikklachten. “Hij had alle pech van de wereld, na de ingreep trad de ene na de andere complicatie op. En daarna krijgt-ie ook nog corona. Op het eind was er niets meer van ‘m over, fysiek en mentaal helemaal op. Bij het afscheid zakte één van de familieleden van wanhoop door de knieën, weet ik nog. Heel heftig.”

Slapeloze nachten

Ook artsen levert de omgang met de familie veel “morele stress” op, zegt intensivist Nathalie van Dijk. “Het is voortdurend schipperen tussen veiligheid en menselijkheid. Ik heb veel telefonisch contact gehad met een vrouw uit het noorden van het land, van wie de echtgenoot op de ic in Maastricht lag. Ze huilde tranen met tuiten, maakte zich vreselijk veel zorgen. De situatie verbeterde niet, en ze kreeg aanvankelijk steeds een andere arts aan de lijn. Je wilt menselijke zorg leveren en ik heb deze mevrouw toch op bezoek laten komen.”

Voor wie wordt wel een uitzondering gemaakt en voor wie niet? “Sommige verwanten hebben begrip voor de situatie en hebben genoeg aan beeldbellen. Anderen gaan eraan onderdoor, je raakt er als arts soms ook emotioneel bij betrokken. Ik heb ook een keer twee familieleden toegelaten voordat een patiënt aan de beademing ging. Ik vertelde ze dat dit mogelijk het laatste gesprek is dat ze zullen hebben. In die tien minuten filmde een van de twee het gesprek dat daarna in de familie is rondgestuurd. Ze waren bijzonder dankbaar, ook omdat de patiënt niet meer wakker is geworden.”

Toen er een tekort aan ic-bedden dreigde en code zwart in het geding was, heeft Van Dijk slapeloze nachten gehad. “Dan moet je bij wijze van spreken iedereen boven de zeventig gaan weigeren. Daar ben ik echt bang voor geweest. Gelukkig heb ik thuis een vangnet, mijn man is ook intensivist. Bij hem heb ik mijn hart kunnen luchten.”

Klappen

Intussen loopt het aantal patiënten op de ic terug en krijgt iedereen wat meer lucht, zegt Van Dijk. Maar let wel: er wacht een nieuwe golf van uitgestelde zorg. “Dat terwijl ic-medewerkers op het tandvlees lopen, rust nodig hebben, maar gaan ze die binnenkort krijgen? Het is een moreel dilemma. Ook de anesthesiologen, de anesthesiemedewerkers en  operatieassistenten zijn voortdurend in touw geweest op de ic, moeten die zo dadelijk door met al die operaties?”

En dan is er ook nog het gevaar dat het coronavirus nogmaals de kop opsteekt en een nieuwe stroom van patiënten veroorzaakt. Het zou Van Dijk niet verbazen als menig zorgmedewerker straks omvalt. “Ik denk vooral aan verpleegkundigen die onafgebroken op de afdelingen aan het werk zijn. Artsen hebben meer controle over hun agenda en meer vrijheden, wat het leven toch makkelijker maakt. Bij verpleegkundigen is het nog belangrijker dat hun leidinggevende oog heeft voor hun behoeften en noden. De maatschappij kan nog zo hard voor je klappen, wat ook zeer wordt gewaardeerd hoor, maar uiteindelijk draait het om de steun van je collega’s.”

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)