Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Maastrichtse juristen gooien het over andere boeg

Maastrichtse juristen gooien het over andere boeg

Projectgestuurde bachelor

“Ben jij pragmatisch, kom je op voor je idealen en wil jij de wet en het recht gebruiken om de wereld te veranderen?” Veelbelovende woorden op de speciaal gelanceerde website van Nieuw Nederlands Recht, de herziene bachelor rechtsgeleerdheid die in september van start gaat. “Het is een beetje een shock and awe campagne”, zegt decaan Jan Smits, om “mensen aan het denken te zetten”.

Er zijn negen juridische faculteiten in Nederland en overal doen ze min of meer hetzelfde. En dan delft Maastricht, in een uithoek van het land, het onderspit. Dat merken ze hier al jaren aan de teruglopende aantallen studenten. Bovendien zijn het vooral Limburgers die zich inschrijven. Er mogen wel wat meer studenten bij van ‘boven de rivieren’, klinkt het uit de mond van de faculteitsbestuurders, hoewel het voorzichtig wordt gebracht, want men wil niemand voor het hoofd stoten. Limburgers zijn en blijven welkom.
Wat het bestuur eveneens zorgen baart: de scheve verhouding tussen Nederlands recht en European Law School (ELS). Die laatste opleiding zit al jaren in de lift en telt veel buitenlandse studenten. “Er zijn uiteindelijk meer collega’s die in ELS lesgeven dan in rechtsgeleerdheid. Je wekt daarmee de indruk dat deze opleiding het belangrijkste is.” Zo’n scheve verhouding noemde Smits al bij zijn aantreden als decaan in december 2017 “ongewenst”.

De marketingcampagne draait inmiddels al maanden op volle toeren. En die is van levensbelang, zo bleek uit de eerste notitie over Nieuw Nederlands Recht – de werktitel van de vernieuwde bachelor rechtsgeleerdheid – die in februari 2019 op het bordje van de faculteitsraad lag. “Investeren in marketing (…) is essentieel voor het slagen van deze nieuw opzet.”
Slogans als ‘De toekomst heeft rechten’ en ‘Idealen studeer je in Maastricht’ vullen de sociale media kanalen. Maar waarom die focus op idealen? “Uit onderzoek blijkt dat de huidige generatie Z [jongeren geboren tussen 1995 en 2010, red.] behoorlijk gedreven wordt door idealen. Daar willen ze in hun studie steeds meer mee doen”, zegt hoofd marketing Stefan Meij.

En zoals dat meestal gaat bij het invoeren van nieuwe curricula is er een projectgroep in het leven geroepen. “En zeventien subgroepen”, benadrukt universitair hoofddocent Bram Akkermans, die samen met opleidingsdirecteur Sjoerd Claessens de kar trekt. “Het is géén top-down plan. Vanaf het begin hebben we gezegd: ‘Iedereen doet mee, iedereen mag er iets van vinden, kom met ons praten.” Ja, er waren pittige discussies [in de faculteitsraad vonden de besprekingen achter gesloten deuren plaats, red], zegt Akkermans, “maar ik ben ervan overtuigd dat het idee breed gedragen wordt”.

Volgens Akkermans en Claessens speelden niet alleen teruglopende studentenaantallen een rol, maar had de opleiding ook “onderhoud” nodig. Akkermans: “Er waren geen leerlijnen te ontdekken.” Geen gemakkelijke klus, zo’n vernieuwing, want rechtenopleidingen dienen zich te houden aan nationale regels, zoals civiel effect waarmee afgestudeerden toegang krijgen tot de togaberoepen. “Het is vaak maar een klein deel dat voor een togaberoep kiest, maar je moet je curriculum er wel op inrichten,” zegt Akkermans.
Dan nog zo’n lastige onderhoudsklus: het probleemgestuurd onderwijs. Daarmee onderscheidt Maastricht zich niet meer. Dus kiezen de juristen voor “post-EDview PGO”, vertelt opleidingsdirecteur Claessens. EDview is een project van de Universiteit Maastricht dat op zoek is gegaan naar het probleemgestuurd onderwijs van de toekomst. In a nutshell: de zevensprong is niet meer heilig, maar de filosofie erachter wel. Vooral de verantwoordelijkheid van de student – self directed learning – in deze PGO 2.0-versie spreekt Claessens en Akkermans aan. “Studenten moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen leerproces.”

Maar de juristen kijken ook terug. Wat was er vroeger beter? Antwoord: het thematisch onderwijs van de jaren tachtig, toen de faculteit net was opgericht. Akkermans: “We willen vakoverstijgend zijn, zodat problemen vanuit verschillende hoeken worden geanalyseerd.” Er is gekozen voor vier maatschappelijke thema’s: technologie, duurzaamheid, migratie en veiligheid. Decaan Smits: “Het gaat om thema’s die door de buitenwereld niet onmiddellijk met het recht worden geassocieerd, maar waarvan het voor een afgestudeerd jurist evident is dat het recht daar een cruciale rol in heeft.”

Studenten krijgen colleges, onderwijsgroepen, maar werken daarnaast groepsgewijs aan twee projecten (casussen) per jaar. De organisatie van een (fake) muziekfestival is het eerste dat de eerstejaars in de schoot krijgen geworpen. Wat komt daar bij kijken vanuit privaat-, bestuurs- en fiscaalrechtelijk perspectief? Naarmate studenten meer van het recht leren, zal de casus ingewikkelder worden. Akkermans: “Je kunt je voorstellen dat ook veiligheid een issue is bij zo’n festival, maar ook duurzaamheid – glazen drinkbekers of plastic, wat te doen met het afval? Op deze manier staan studenten dichter bij hun eigen belevingswereld en leren ze hoe het recht daarin een rol speelt.” Vaardigheden zoals presenteren, debatteren en onderhandelen worden geïntegreerd. De Oefenrechtbank, al jaren een van de paradepaardjes van de opleiding waarbij studenten voelen hoe het is om in de rechtszaal te staan en een cliënt te moeten verdedigen, verdwijnt in de huidige vorm; de verschillende onderdelen komen wel terug in het tweede en derde jaar.

In de wandelgangen klinken enthousiaste, maar ook bezorgde geluiden: gaat dit studenten aanspreken? Is het curriculum didactisch aan de maat? Wordt er niet te veel van de staf gevraagd? Moeten we niet meer tijd nemen om zo’n nieuwe opleiding vorm te geven? Decaan Smits denkt dat het laatste zeker niet het geval is. “Deze grondige herziening vindt zijn oorsprong in het strategisch programma van de faculteit uit begin 2018. Toen al is uitgebreid gesproken over een opleiding als deze en over de noodzaak om iets te doen aan de bachelor.” Werkdruk is al jaren een thema in de Bouillonstraat en om dit projectgestuurd onderwijs in goede banen te leiden zal de staf getraind moeten worden. Akkermans: “Die vrees voor nog meer werk begrijp ik, maar het past in de universiteitsbrede CPD, continuing professional development.”

In september krijgt het onderwijs een hybride vorm: een deel van de studenten (maximaal vijf) kan fysiek in de ruimte aanwezig zijn. De rest neemt online deel. Verder heeft elk blok een of twee hybride onderwijsgroepen per week van elk een uur. Colleges zijn allemaal online te volgen. Eerstejaars krijgen hierbij de nodige aandacht, zegt Akkermans. “We gaan proberen ze in het kader van onze ‘leergang professionele ontwikkeling’ in groepjes van vijf naar de faculteit te laten komen bovenop het reguliere onderwijs. Daarbij werken ze bijvoorbeeld aan communicatie, feedback, samenwerking en persoonlijk leiderschap, en reflecteren de studenten middels een portfolio dat ze bouwen over hun eigen prestaties." 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)