Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

UM rust spelende kinderen uit met GPS

UM rust spelende kinderen uit met GPS

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

Hoe prikkel je kinderen om te bewegen?

Hoe zorg je ervoor dat kinderen hun iPad links laten liggen en weer ‘ouderwets’ buiten spelen? En hoe krijg je ouders zo ver dat ze hun kind niet met de auto brengen als de school drie straten verderop ligt? UM-onderzoeker Dave van Kann legt de omgeving en de schoolpleinen van 21 Zuid-Limburgse scholen kritisch onder de loep. “Een grijze tegelvloer en een wipkip voldoen niet meer.”

Over hoeveel jaar de trend zich uitstrekt is niet precies te zeggen, maar dat kinderen in de afgelopen decennia steeds minder buiten spelen, staat vast. “Het spelende kind is meer en meer uit het straatbeeld verdwenen”, zegt Dave van Kann, promovendus bij de vakgroep gezondheidsbevordering. "De reden waarom we dat niet met objectieve cijfers kunnen staven, is dat de huidige metingen verschillen van die van vroeger. Toen lieten we ouders en kinderen louter vragenlijsten invullen en hoopten we dat de antwoorden klopten, nu hangen we kinderen GPS-apparatuur om en krijgen we gegevens die veel objectiever zijn dan voorheen.”

Bekend is dat niet eens een kwart van de Nederlandse kinderen voldoet aan de Nederlandse beweegnorm van een uur matig tot intensief bewegen per dag; in achterstandsbuurten ligt dat cijfer nog lager. “De verleiding om een spelletje op de tablet te spelen, is groot. Prima, als het maar niet de hele dag gebeurt. Het is verstandig als ouders de ‘computertijd’ beperken en kinderen op zeker moment naar buiten jagen. Ze raken energie kwijt, en er zijn aanwijzingen dat ze zich beter kunnen concentreren, dat de schoolprestaties verbeteren en zelfs dat pestgedrag afneemt. Iets wat soms uit verveling gebeurt.”

 

Accelerometer

Het zogeheten Active Living-project, geïnitieerd door de UM en de GGD Zuid-Limburg, richt zich op (gezonde) kinderen in achterstandswijken, met als achterliggend doel: preventie van overgewicht. In totaal doen 1350 scholieren van 21 basisscholen in Zuid-Limburg mee.

De aanpak in dit soort studies is veranderd. Onderzoekers proberen kinderen niet langer in beweging te krijgen door hun gedrag te beïnvloeden (via informatie en voorlichting), maar door hun omgeving te veranderen, aantrekkelijker te maken. "Ik weet niet of je er weleens komt, maar veel schoolpleinen bestaan uit een grijze tegelvloer met her en der een wipkip. Dat voldoet niet meer. Je moet aansluiten bij de belevingswereld van kinderen. Met beperkte middelen kun je zo'n plein speelser inrichten waardoor scholieren zich uitgenodigd voelen om te bewegen. Dat kan al door kleurvlakken aan te brengen, waarbij groen bijvoorbeeld staat voor chillen, rood voor dansen en blauw voor voetballen. Of door een muziekinstallatie aan te schaffen voor danssessies, of voetbalgoals, een twisterspel, noem maar op."

Van de 21 scholen passen er 10 hun speelplein aan, 11 niet. Volgend jaar zal Van Kann de kinderen van beide groepen met elkaar vergelijken. Dat gebeurt op grond van drie metingen, waarvan er al twee hebben plaatsgevonden, de laatste begint in april 2014. Kinderen dragen vijf dagen lang een ‘accelerometer’. Deze beweegmeter, zo groot als een horloge die ze om hun middel binden, registreert (de intensiteit van) beweging. Een op de vijf uitverkorenen (want “stoer”) krijgt een GPS-meter mee, die elke vijf seconden locatiegegevens opslaat. “We willen weten hoeveel een kind op welke plaats beweegt. Wat zijn de hotspots, en waarom? We kijken ook verder dan de schoolpoort. Samen met een werkgroep op school en de gemeente leggen we ook de wijk onder het vergrootglas.”

 

Verkeersvaardigheden

De wijk speelt niet alleen een rol bij het aantal speelplaatsen maar ook als het gaat om het uitstippelen van veilige schoolroutes. Wat is het geval? De helft van de ouders brengt hun kinderen met de auto naar school. “En dat doen ze niet omdat ze zo afgelegen wonen, de meesten wonen binnen een straal van achthonderd meter van de school, maar vanwege onveilige verkeerssituaties. Soms moeten kinderen een drukke weg oversteken maar het onveiligst vinden ouders de directe omgeving van de school. En waarom? Omdat ze allemaal hun kinderen met de auto brengen. Het is een verschijnsel dat zichzelf in stand houdt. Soms is het inderdaad een chaos, met ouders die hun kind het liefst in de klas afzetten.”

Wat te doen? “Samen met de gemeente proberen we een paar honderd meter van de school een plek te creëren, waar ouders hun kinderen kunnen droppen. Kijk, het liefst willen we dat ouders kun kinderen te voet of met de fiets laten gaan, maar de realiteit is weerbarstig. Elke verbetering is meegenomen, ook als een kind dan maar een paar honderd meter loopt. Je hoort ook weleens dat de verkeersvaardigheden van kinderen zijn afgenomen. Dat lijkt inderdaad het geval. Fietsen in het verkeer is natuurlijk iets wat je leert door te doen. Ik zou ouders dan ook aanraden om samen met hun kinderen naar school te fietsen en regels af te spreken. Anders stellen ze het probleem alleen maar uit, want naar de middelbare school, die meestal verder weg ligt, fietsen kinderen wel alleen. Dan is er geen houden meer aan.”  

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)