Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Is het zielig dat niet iedere gepromoveerde een baan in de wetenschap krijgt? Nee!”

“Is het zielig dat niet iedere gepromoveerde een baan in de wetenschap krijgt? Nee!”

Maastrichtse wetenschappers in aanloop naar debat Science in Transition

MAASTRICHT. Is de wetenschap dolgedraaid? Zit de wetenschap vol perverse prikkels? Is onderwijs aan de universiteit een ondergeschoven kindje? Op dinsdag 21 januari organiseert het college van bestuur in samenwerking met Observant en Studium Generale een debat over Science in Transition. Bij wijze van voorproefje legt Observant deze en volgende week twee stellingen voor aan twee Maastrichtse hoogleraren. Vandaag cultuurwetenschapper Karin Bijsterveld en econoom Arno Riedl.

Stelling 1: De universiteit is een promovendifabriek, ze leidt te veel aio’s op.

Helemaal niet, reageert prof. Karin Bijsterveld, verbonden aan de faculteit cultuur- en maatschappijwetenschappen. Het is juist goed om veel aio’s op te leiden en wel om dezelfde reden waarom het goed is om veel mensen naar de muziekschool of het voetbalveld te laten gaan.  Zo komen talenten bovendrijven en die heb je nodig om het onderzoek en onderwijs aan de universiteit op hoog niveau te houden, vindt ze. “Is het zielig dat niet iedereen doorstroomt naar een baan in de wetenschap? Nee, want anders dan de kinderen op het voetbalveld krijgen de promovendi zelfs voor hun inspanningen betaald. En bovendien: van het volgen van een opleiding wordt vrijwel niemand slechter.”

Bijsterveld noemt de Science in Transition – beweging (SIT) een “interessant initiatief! Prachtig dat die vijf wetenschappers hun nek uit durven te steken en discussies over zeer belangrijke en fundamentele kwesties oproepen.”

Ook prof. Arno Riedl, vakgroepsvoorzitter van Algemene Economie 1, kan de stelling niet onderschrijven. “Ik heb het stuk van de SIT-beweging nog een keer nauwkeurig gelezen en ik vind dat het heel sterk vanuit medisch perspectief is geschreven. Het probleem van te veel aio’s speelt misschien daar, maar hier bij economie is er geen sprake van. Er zijn grote verschillen tussen de verschillende wetenschapsgebieden.” SBE mikt op ongeveer veertig aio’s per jaar, maar zit nu rond de twintig tot dertig, zegt Riedl. “Ik ken geen oud-aio’s die werkloos zijn. Ze hebben allemaal een baan: bij het Centraal Bureau voor de Statistiek, in de bankensector, semipublieke sector of de wetenschap.” Riedl neemt in de regel geen eigen aio’s aan. “Ze horen al tijdens het sollicitatiegesprek dat ze na hun promotie niet kunnen blijven. Ik denk dat de klacht van SIT niets te maken heeft met een dolgedraaide wetenschap, maar met onhelder personeelsbeleid.”

Stelling 2: Er moet een publicatiequotum komen: niet meer dan één artikel per medewerker per jaar.

Er wordt in de cultuurwetenschappen inderdaad te veel gepubliceerd, vindt Bijsterveld, die meteen een oplossing voor de overproductie aandraagt. “Vraag een onderzoeksgroep naar de vijf beste publicaties en twee beste proefschriften van het afgelopen jaar. Die sturen we in bij een onderzoeksevaluatie of subsidieaanvraag. En verder niks. Het is wel zaak dat er vooraf intern flink gedebatteerd wordt over die vijf beste, bij voorkeur in aanwezigheid van studenten. Zo lezen we elkaars werk weer eens – dat doen we nu alleen tijdens de ‘zomeroogsten’ van de faculteit; niet voor niets het hoogtepunt van het jaar -  en kunnen we de studenten uitleggen waarom we een artikel of proefschrift goed vinden.

“Na vijf jaar kijken we naar de langetermijneffecten van de beste vijf publicaties. Zijn die er, wat hebben we over het hoofd gezien, hoe moeten we een artikel beter ‘in de wereld zetten’, hoe kunnen korte stukken de aandacht op een boek werpen, of hoe kan een boek een oud artikel laten schitteren. Dan is het snel gedaan met ‘veel’.”

“Een artikel per jaar? Dat vind ik helemaal niets”, zegt Riedl. “Wij zijn een universiteit en onderzoek is een van onze redenen van bestaan. Wij besteden bij SBE 40 tot 45 procent van onze tijd aan onderzoek. Je bent toch geen jaar bezig met één artikel?” Hij ziet wel grote verschillen tussen artikelen van bijvoorbeeld psychologen en economen. “In een gemiddeld artikel in een sociaal- psychologisch tijdschrift zijn de experimenten opgesplitst en verdeeld over meerdere artikelen. Dat is in de experimentele economie ondenkbaar. De eisen van onze peers zijn veel hoger: niet een experiment, maar vijf voor je over gaat tot publicatie. Zorg dat je komt met robuuste uitslagen. Gevolg is dat onze artikelen langer zijn, maar dat we er ook minder publiceren. En dat heeft een negatieve invloed op onder andere het aantal citaties en de impactfactor van een tijdschrift. Ik vind de impactfactor dan ook geen goede maat om de kwaliteit te meten. We zouden veel meer moeten discussiëren over de verschillen tussen de vakgebieden. De problemen die SIT te berde brengt, zie je vooral bij de dominante wetenschapsgebieden: medische, sciences, neurowetenschappen.”

Nog een ding moet hem van het hart: het gaat bij Science in Transition nauwelijks over het overheidsbeleid. “Het topsectorenbeleid is een ramp. Het is contractonderzoek voor bedrijven op kosten van de belastingbetaler. En het gaat ten koste van fundamenteel onderzoek. Tegelijkertijd krijgen universiteiten steeds minder geld. Ik zie het zelf: de studentenaantallen groeien, onze inkomsten dalen en dus groeit de druk om subsidies binnen te halen. De overheid wil innovatie, maar een belangrijke drijfveer voor innovatie is nieuwsgierigheid, vrijheid en dus voldoende financiën.”   

 

 

 

 

 

Lees hier de opiniebijdrage van de Maastrichtse filosoof René Gabriels over Science in Transition die op donderdag 9 januari in Observant verschijnt

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)