Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Topsport

Topsport

Column

Op mijn dorpsschooltje waren de zaken helder verdeeld. Of je kon goed leren of je kon goed sporten, maar niet allebei. Zo behield iedereen zijn zelfrespect. Ik liet mijn klasgenoten afkijken met rekenen en taal. En werden er teams gekozen, dan zei het team met het meeste zelfvertrouwen: wij nemen Tsjalling er wel bij. Omdat ik op klompen liep, en meer schenen dan ballen raakte, zorgde men er gezamenlijk voor dat de bal nooit in mijn buurt kwam. Iedereen tevreden.

En nu moet ik meemaken dat Jan en Alleman wetenschap blij vergelijkt met topsport! Als de vergelijking al opgaat, dan is dat iets om je ogen voor uit je kop te schamen. Sport is namelijk doelloos. Ze schaatsen niet voor niets in de rondte. Het gaat om de prestatie en de roem. Wetenschap gaat over iets ingewikkelds uitvogelen, en dus over stil doorploeteren, ook als niemand kijkt. Wie wetenschap ziet als topsport, kweekt Diederik Stapels.

Topsport gaat over het meten en vergelijken van gestandaardiseerde prestaties, geleverd door steeds eenvormiger combattanten. Alle schaatsers of wielrenners zien er in hun pakjes hetzelfde uit. In de wetenschap moet juist ruimte zijn voor diversiteit, en hoort de discussie over kwaliteit voortdurend te worden gevoerd.

Topsport is streng meritocratisch. Een klein handje winnaars, heel veel verliezers. Winners take all. En zelfs dan: een record wordt geteld in maanden, het erepodium in minuten. Topsporters weten dat zij spoedig worden weggeduwd door jongere spieren en bereiden zich dus voor op het leven na de topsport. Degenen die wetenschap blij vergelijken met topsport, hoor je niet over dat soort demotie. Noch over een carrière na de topwetenschap. Eenmaal professor, altijd professor. Het heeft iets wrangs om jongeren aan te moedigen het erepodium te betreden dat je zelf blijvend bezet houdt.

Topsport gaat over mensen die bereid zijn alles opzij te zetten voor een kortstondig moment van glorie. Ze weten waar ze aan beginnen, kiezen vrijwillig voor een harde afvalrace – dat is immers de essentie en de lol van topsport - en moeten dus niet zeuren. Wetenschappers kiezen ook vrijwillig voor hun vak, maar de essentie daarvan is onderwijs en onderzoek. Ze willen hun werk goed doen - liefst heel lang - en daarnaast ook nog een privéleven hebben. Baanonzekerheid, hoge werkdruk, en keiharde competitie vormen dus betreurenswaardig problemen. Daar mogen ze dus met alle recht over zeuren.

Kortom, de volgende keer dat iemand wetenschap met topsport vergelijkt, trek ik mijn klompen weer aan en begin te schoppen.

Tsjalling Swierstra, hoogleraar filosofie

 

Deze column wordt op persoonlijke titel geschreven

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)