Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“De universiteit leidt op voor het leven”

“De universiteit leidt op voor het leven”

Photographer:Fotograaf: Simone Golob

Studenten buigen zich over vier toekomstscenario’s voor de universiteit

MAASTRICHT. Scenario nummer drie (Internationale selectie) lijkt het meest ruige van de vier. Als dat werkelijkheid wordt, in 2025, zullen veel universiteiten verdwenen zijn. Sterker, de universiteit zoals we die nu in Nederland kennen, is verdampt. Wereldwijd concurreren de topinstellingen met elkaar, maar reputaties komen en gaan, dus binnen een paar jaar kunnen de verhoudingen weer anders liggen. Alleen superstudenten kunnen er nog terecht, de rest van het hoger onderwijs, 90 procent, speelt zich af in de vorm van meest digitale cursussen, MOOC’s en dergelijke. Geld voor wetenschappelijk onderzoek is bijna uitsluitend nog in competitieverband te verkrijgen. Is iemand hier voor?

Het is donderdag 27 maart, we zitten in de Jo Ritzenzaal bij Brains Unlimited, een foto van de oud-collegevoorzitter aan de muur. Ritzen heeft zich erg ingespannen voor Brains en de dure scanners die daar nu staan; de dankbaarheid vertaalde zich op deze manier. Een groep studenten en andere geïnteresseerden binnen de Universiteit Maastricht is te gast bij een middag van universiteitenvereniging VSNU en het Rathenau instituut, een nationale denktank op het terrein van wetenschap en technologie. Er zijn de afgelopen maanden meer van dit soort middagen geweest, elders in het land, bij andere universiteiten. Doel: nieuwe ideeën verzamelen onder met name studenten over de toekomst van de universiteit. De wereld verandert nu eenmaal, de universiteit dus ook, maar wat willen we met de universiteit, wat moet haar antwoord zijn op ontwikkelingen in de wereld? Het project begon ruim een jaar geleden en zal in de zomermaanden worden afgerond. Dan ligt er een Toekomststrategie Nederlandse Universiteiten.

Mede om te voorkomen dat de discussies al te oeverloos worden is een viertal scenario’s opgesteld, volgens de bedenkers “allemaal realistisch”. Of dat echt zo is staat niet ter discussie, de bedoeling is dat de deelnemers binnen de geschetste lijnen blijven en van daaruit verder redeneren. Dus als het uitgangspunt is dat Europa in 2025 sterk en welvarend is, dat onderwijs en onderzoek als publieke (te financieren) waarde worden erkend, geeft dat straks een ander soort universiteit dan bij een min of meer versplinterd Europa waarin de regio’s dominant zijn, het onderwijs verregaand is gecommercialiseerd en de onderzoeksthema’s door het bedrijfsleven worden gedicteerd.

Zoiets kan taaie kost worden, dat hebben de organisatoren zich goed gerealiseerd. Vandaar een trucje. Barend van der Meulen van het Rathenau instituut schetst, bijgestaan door Ellen Bastiaens van de UM, de contouren van elk scenario en laat telkens de ‘aanhangers’ naar een hoek van de zaal verhuizen. Vervolgens mag een enkeling zijn motivatie prijsgeven. Waarom kiest bijvoorbeeld de Portugese masterstudent cultuurwetenschappen Carolina Mano Lopes dos Santos voor scenario 1, Nationale vertrouwdheid? Dat is een stabiele toekomst met weinig concurrentie voor de universiteit, onderwijs en onderzoek gelden als publieke waarde. “Omdat”, zegt ze, “onderwijs hier als een recht wordt beschouwd, en dat vind ik belangrijk”. Geneeskundestudent Stephanie Meeuwissen, tevens lid van de universiteitsraad, koos voor scenario 2, Regionale kracht, waarin kennis als privégoed geldt en de student flink moet betalen om te kunnen studeren. Zou zij straks 13 duizend euro of meer voor een opleiding betalen? “Ik zou het lenen, maar ik zou het wel doen.”

Wat is vervolgens de truc? Discussieleider Van der Meulen stuurt de deelnemers naar vier workshops waarin telkens één scenario centraal staat, maar niemand mag naar het scenario van zijn voorkeur. Wie in het vakje van scenario 4 zit moet naar 1, die van 2 gaan naar 3 enzovoorts. Uit de comfortzone, zo luidt de opdracht. In de workshops stellen discussieleiders van VSNU en Rathenau vragen: wat verwacht je onder deze omstandigheden van de universiteit? Hoe moet die reageren?  Bij scenario 3, Internationale selectie, laat de Zuid-Afrikaanse governance-student Margot van den Bergh weten dat ze helemaal niet bang is voor een universiteit waar onderzoek en onderwijs worden afgestemd op de maatschappelijke behoefte en waar studeren überhaupt veel geld kost: “Ik ben gewend veel te betalen, in Zuid-Afrika is het duur. De overheid daar heeft ook vijf gebieden vastgesteld waar een tekort aan opgeleide arbeidskrachten bestaat. Ik vind dat goed, dat je weet wat de maatschappelijke relevantie is.” Maar cultuurwetenschapster Esther van Duin is minder enthousiast: “Dit scenario toont een smalle blik op de universiteit. In die omstandigheden zou ik waarschijnlijk niet gaan studeren. Het is duur en cultuurwetenschappen, daar krijg je toch geen baan in.” Bovendien, zegt ze, krijgt maar 10 procent goed onderwijs, de rest moet het met minder doen: “Dat creëert ongelijkheid en vermindert de sociale mobiliteit.”

Discussieleider Patricia Faasse wijst op de opkomst van de online colleges, MOOC’s, in dit scenario: “Iemand in de sloppenwijk met een computer kan een MOOC van Stanford doen. Die kan uiteindelijk in die 10 procent terechtkomen.”

Van Duin weer: “Gaat er een filosofie-MOOC komen? Vast niet. ” Ja dus, die zijn er al. Ze is enigszins gerustgesteld maar nog steeds geen fan van dit model. En dat geldt ook voor de Spaanse postdoc Anna Herranz Suralles, die opmerkt dat de mateloze competitie in de wetenschap en de eis dat onderzoekers wereldwijd mobiel zijn, onwerkbare situaties opleveren: “Heb je een gezin, dan gaat dat niet. Als wetenschapper wil je ook nog een leven hebben.”

 

Aan het eind van de middag gaan de uitkomsten van de workshops de grote groep in. Daar komen vervolgens de ideeën uit die UM-rector Luc Soete schertsend zullen doen uitroepen dat hij zijn ambtelijke staf op de Berg wel kan ontslaan, “want de interessante denkbeelden, die komen hier vandaan”.

Een daarvan betreft een amendering van het probleemgestuurd onderwijs: project- of oplossingsgericht studeren. Zodat studenten iets terug kunnen doen voor de maatschappij. Laat ze kennis vergaren en iets organiseren, een evenement bijvoorbeeld.

Andere inzichten komen van de vier beste studenten van deze middag, want daar is op gelet: van hen mogen er straks twee naar de eindconferentie over de toekomstscenario’s. Mochten ze die conferentie saai vinden dan staat volgens VSNU-directeur Josephine Scholten alleen al de locatie, Duin en Kruidberg in Noord-Holland, garant voor “uitstekend eten”, dus geen zorgen. Twee Duitse studenten vallen in de prijzen. Rechtenstudent Jan Hoffmann houdt een pleidooi voor veel meer interdisciplinariteit in het academisch onderwijs, voor een stelsel van minores, voor het over de muur van de eigen faculteit heenkijken. De andere winnaar, masterstudent psychologie Stella Fangauf, benadrukt het enorme belang van onderwijs, want de maatschappij heeft hoogopgeleiden nodig, maar net als verliezend kandidaat Remi Bode (hotelschool) vindt ze dat het onderwijssysteem te veel labels kent. “Schaf het onderscheid tussen bachelors en masters maar af.”

En ze eindigt met misschien wel de diepzinnigste bijdrage van deze middag. Samenwerking met het bedrijfsleven - een centraal element in een aantal scenario’s - is waardevol, zegt ze, maar een universiteit heeft een bredere taak: “De universiteit leidt op voor het leven, leidt op voor burgerschap, niet alleen voor jobs.”

 

 

 

 

 

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)