Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Gele kaart voor faculteit cultuurwetenschappen

Gele kaart voor faculteit cultuurwetenschappen

Photographer:Fotograaf: archief

Zes van zeven opleidingen “onvoldoende”

MAASTRICHT. Ten onrechte uitgereikte diploma’s vanwege te veel zwakke scripties en een soms te gering academisch gehalte van de studie: dat was de kern van de kritiek op de faculteit cultuur- en maatschappijwetenschappen (CMW/Fasos) in het kader van een landelijke beoordeling van de kwaliteit van universitaire opleidingen geesteswetenschappen. Tot overmaat van ramp werden herstelplannen van de faculteit vorige week niet afdoende bevonden. Maar volgens decaan Rein de Wilde zal die laatste hobbel alsnog worden genomen. Schrale troost: ook elders in het land, zoals in Leiden en Amsterdam, vielen klappen.

De kwaliteitsbeoordeling is belangrijk omdat op grond daarvan wordt bepaald of een opleiding geld van de overheid blijft ontvangen of moet sluiten. Zo’n vaart gaat het bij CMW niet lopen, weet decaan De Wilde: “Het verbeterplan voor de master mediastudies is al goedgekeurd. De andere plannen moeten nog aangescherpt worden, daar heb ik contact over gehad, dat komt goed. We kunnen binnenkort officieel met de herstelperiode beginnen.” Die duurt een à twee jaar, dan komt er opnieuw een beoordelingsronde om te zien of alle kritiek naar wens is verwerkt.

Vorige zomer werd de faculteit bezocht door de keurmeesters van de QANU, de kwaliteitsbeoordelaar die vervolgens rapporten opmaakt voor de Nederlands Vlaamse Accreditatie Organisatie. Die NVAO is de spil in het geheel: zij geeft uiteindelijk de accreditatie en daarmee groen licht voor voortgaande bekostiging. Als er te veel mis is moet de opleiding stoppen, als herstel mogelijk is krijgt men een herkansing. Geen wonder dus dat het de facultaire bestuurders bang om het hart werd toen de verschillende (vertrouwelijke) rapporten in de loop van het najaar binnenkwamen. Want het oordeel was hard: van de zeven beoordeelde opleidingen, bachelors en masters, werden er zes afgewezen. Alleen de master ESST (European Studies on Society, Science and Technology) kreeg een voldoende.

Niet dat alles slecht was, integendeel. Op de meeste criteria was het oordeel positief tot zelfs enthousiast. Opzet van het curriculum: prima, docentencorps idem dito, ga zo maar door. Ook als het over eindscripties ging. Faculteitsbestuurder Jo Wachelder: “Er waren bachelorscripties die volgens de commissie van masterniveau waren.”

Maar dus niet allemaal. Zo waren vijf van de vijftien onderzochte scripties bij de master mediastudies onder de maat, terwijl ze wel een voldoende hadden gekregen. Met andere woorden: ook het daarop volgende diploma was ten onrechte verleend.

Eindscripties zijn in deze ronde heel belangrijk geworden, zegt decaan De Wilde: “We wéten – er zaten faculteitsmensen in die commissies - dat de QANU de instructie heeft gegeven om vooral op de kwaliteit van de scripties en andere eindwerken te letten. Een erfenis van de InHolland-affaire [waarbij een hele groep zwakke hbo-studenten toch een diploma kreeg; red.]. Het paradigma is veranderd, je kunt er niet meer zo nu en dan een minder exemplaar tussen hebben. Het is nu net als in de auto-industrie: twee op de honderd auto’s die onveilig zijn, dat kan niet. Àlles moet goed zijn.”

De Wilde en Wachelder erkennen dat er inderdaad slechte scripties bijzaten: “We hebben er een aantal gelezen.” Reden voor de faculteit om nu bij alle opleidingen, bachelors en masters, een tweede begeleider in te zetten. En bij onenigheid tussen die twee komt er een derde, een senior, die het finale oordeel geeft.

Toch schuurt die nadruk op scripties des te meer omdat bij voorgaande visitaties alles anders was. Sterker, toen werd het soms prima gevonden als studenten in plaats van een scriptie te schrijven op stage gingen en daar een verslag van maakten. Nu werd dat als kritiekpunt naar voren gebracht.

 

En er schuurt wel meer, zeker ook bij de universitaire bestuurders. Deze beoordelingsronde is de eerste nadat de UM als geheel een zogenoemde instellingsaccreditatie heeft gekregen. De bedoeling was dat de deelaccreditaties per opleiding daarna ‘lichter’ zouden worden, minder bureaucratie, minder rompslomp. En meer vertrouwen, zegt collegevoorzitter Martin Paul: “Je krijgt die accreditatie als je kwaliteitszorg goed is. Als er dan iets niet in orde is bij een opleiding, moet men het vertrouwen hebben dat je het zelf kunt en zult verbeteren. Nu krijg je een gele kaart en moet je dat officiële hersteltraject in. Daarover is in landelijk verband, NVAO en VSNU, discussie nodig, vind ik.”

En ook nog over een ander punt, zegt hij. “Kijk, we hebben ingestemd met dit systeem van peerreview, dus we moeten sportief zijn. Maar als je op bijna alle punten goed scoort en op eentje niet, leidt dat nu tot een negatief oordeel over de gehele opleiding. Die regel, dat automatisme, moet eveneens ter discussie worden gesteld.”

 

Binnen de faculteit zet men her en der vraagtekens bij de manier waarop deze visitatieronde is opgezet. Men deed mee met de landelijke visitatie geesteswetenschappen, die zijn bij de meeste universiteiten Nederlandstalig en dus moesten de commissieleden Nederlands kunnen lezen. Wil je dan echte buitenstaanders hebben, ook uit het buitenland, dan val je terug op Belgen en op Duitsers die onze taal kennen. Maar daarmee haal je ook een specifieke kijk op academische studies binnen, zegt decaan De Wilde, die veel liever een breder internationaal forum had gezien. “Wij hebben veel vrijheid, ook rond onze scripties, maar vooral de Belgen hameren op een stevige traditionele academische aanpak. Geen argumentatief verhaal over het EU-beleid inzake Oekraïne en of dat wel verstandig is bijvoorbeeld, maar eerst netjes de literatuur doorspitten, duiding geven, en pas op het eind met argumenten voor of tegen komen. Dus ja, we zullen nu traditioneler worden, je kunt je geen missers meer veroorloven. We halen de risico’s eruit.”

Bepaalde kritiek valt wel goed: “Bij de bachelor cultuurwetenschappen is er te weinig aandacht voor langere academische denklijnen, vindt de commissie. Met onze blokken van acht weken is dat inderdaad een goed punt.”

De samenstelling en de opstelling van de commissies voor de verschillende onderdelen baart dus zorgen, vindt De Wilde. “Andere commissies binnen geesteswetenschappen, archeologie, en taal en cultuur bijvoorbeeld, deelden geen onvoldoendes uit. Bij ons vielen er heel veel. Leiden kreeg er zes, Amsterdam vijf, Utrecht vier. In Leiden zijn ze furieus. Cultuurwetenschappen in Nijmegen staat bijna altijd één in de rankings en kreeg nu ook een onvoldoende. Dat is consistent met de klassieke opvatting van cultuurwetenschappen binnen die commissie. En in het geval van European Studies had de commissie problemen met het probleemgestuurde onderwijs, ze zagen de individuele bijdragen van studenten te weinig terwijl die er natuurlijk wel zijn. Het is niet allemaal groepswerk.”

Eind april moet de faculteit de aangepaste herstelplannen de deur uit hebben, de NVAO besluit vóór 1 juli of de herstelperiodes worden toegekend.

Tot nu toe heeft de faculteit CMW de zaak maandenlang alleen intern besproken, met stafleden en met de studentvertegenwoordigers in verschillende organen. De faculteitsraad heeft vertrouwelijk over de visitatie vergaderd. Dat de kwestie met deze publicatie in Observant op straat ligt zou het geplande publiciteitsbeleid kunnen doorkruisen. Er was namelijk landelijk afgesproken dat rond 1 juli NVAO en VSNU met persberichten naar buiten zouden treden, en ook de decanen van de onderzochte faculteiten zouden dan met een eigen bericht komen. Aan ongenuanceerde krantenkoppen over “misstanden in de geesteswetenschappen” heeft men geen enkele behoefte, laat decaan De Wilde weten.

 

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)