Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

De wetenschapper als koorddanser

De wetenschapper als koorddanser

Photographer:Fotograaf: Nils Axelsen

UM-congres over onderzoeksethiek: train de senior-onderzoekers!

MAASTRICHT. Wat is wetenschappelijke fraude? Het klinkt als een overbodige vraag maar wie de nationale richtlijnen in Europa naast elkaar legt, ontdekt een warwinkel aan definities, richtlijnen, trainingen. Als ze al te vinden zijn. Dat vertelde de Leuvense onderzoeker Simon Godecharle vorige week op een UM-congres over onderzoeksethiek.

De aula aan de Minderbroedersberg zit bij lange na niet vol. Dat komt wellicht omdat het congres vooral bedoeld is voor jonge onderzoekers, en dan alleen degenen die verbonden zijn aan een faculteit in de binnenstad. Dus SBE, rechten, cultuur- en maatschappijwetenschappen, en humanities & sciences. Voor de aanwezigen geldt de recente oprichting van de ethische commissie binnenstad, die onderzoek met proefpersonen (op verzoek) gaat beoordelen, misschien als een extra reden om te komen. Voor de collega’s in Randwijck, die voornamelijk in de medische hoek zitten, is er volgende week een afzonderlijk congres.

Op deze woensdagochtend zijn er zes voordrachten, waarvan sommige voorlichting bieden, andere iets nieuws aanroeren. Wat opvalt is dat meerdere sprekers verwijzen naar het spraakmakende onderzoek van de Italiaan Daniele Fanelli uit 2009. Diens metastudie wees uit dat 2 procent van de wetenschappers minstens één keer in zijn carrière gegevens heeft vervalst of verzonnen. Bijna 34 procent heeft zich bezondigd aan zogeheten ‘dubieuze onderzoekspraktijken’. Fanelli vroeg de respondenten ook naar het wangedrag van collega’s; 14 procent kent vervalsers en 72 procent ‘dubieuze’ onderzoekers.

Onder economen is het nog een graadje erger, weet spreker prof. Lex Bouter, methodoloog en oud-rector van de VU in Amsterdam, tevens voormalig UM-medewerker. Uit een Europese enquête in 2010 blijkt dat 4 procent van de economen weleens iets heeft vervalst of verzonnen, en 94 procent zich schuldig heeft gemaakt aan dubieuze praktijken.

Wat zijn dat eigenlijk voor praktijken? Ze bestrijken het immense grijze gebied tussen fraude en onberispelijk gedrag. Daarom spreekt Bouter van 50 shades of grey. Zoals daar zijn: oneerlijk recenseren van andermans werk, dubbel publiceren, vele statistische analyses uitvoeren en de meest sexy ervan publiceren. Selective reporting komt volgens Bouter het meest voor. Het is niet per se verboden, maar moet wel worden vermeld in het wetenschappelijke artikel en dat gebeurt niet altijd. “Ik sprak laatst met proefdieronderzoekers die me vertelden dat ze net zo makkelijk een nieuw experiment beginnen als de lopende studie niet de gewenste uitkomsten lijkt op te leveren.”

Dubieuze praktijken vloeien voort uit onwetendheid maar evengoed uit kwade wil, zegt Bouter. “Sociopaten, narcisten en egoïsten gaan vaker over de schreef, vooral diegenen die het wangedrag voor zichzelf goed kunnen rechtvaardigen. Wetenschappers zijn slim, dus die kunnen dat. Ook de perverse prikkels waar Science in Transition aandacht voor vraagt, spelen een rol: publicatiedruk, competitie om de subsidies, en de lage pakkans. Dat laatste vertelden criminologen me laatst. En dan zijn er nog de zwakke plekken in de onderzoekscultuur als gebrekkige begeleiding en onduidelijke richtlijnen.”

Mores

Daar weet ethicus Simon Godecharle, promovendus in Leuven, alles van. Hij heeft de nationale richtlijnen van negentien Europese landen (goed voor 87 procent van de output) in kaart gebracht. Denk aan de Nederlandse VSNU-code. In de negentien landen trof hij 49 codes. Hij dacht de klus binnen een paar weken te klaren maar het werden maanden. Sommige waren nauwelijks te vinden of helemaal niet toegankelijk, en moesten per e-mail meermaals worden opgevraagd. “Dat vond ik nog het schokkendst”, wat Godecharle betreft.

De onderlinge verschillen zijn enorm. Behalve Denemarken en Noorwegen gebruikten alle landen een andere definitie van wetenschappelijke fraude. Sommige hanteren slechts een beperkte omschrijving: alleen verzinnen en vervalsen. Plagiaat geldt soms als een minder zwaar vergrijp. Ook houden niet alle landen rekening met de intentie van de wetenschapper. Finland wel, buurland Zweden helemaal niet. Wie daar slordig onderzoek doet, kan beschuldigd worden van zware fraude. Enkele mediterrane landen als Italië en Portugal lijken helemaal geen gedragscode te kennen.

Het verschil tussen de richtlijnen ontstaat ook omdat de meeste Zuid-Europese landen hun formuleringen stoelen op waarden, zoals eerlijkheid en betrouwbaarheid. En Noord-Europa op normen, ofwel concrete regels. En die verschillen al snel van land tot land en door de tijd heen, zegt Godecharle. Zo bestaat de norm rond zelfplagiaat (KNAW-advies) in Nederland pas een half jaar.

Hoe verwarrend het woud aan richtlijnen kan zijn voor een hoogleraar die verschillende internationale projecten onder zijn hoede heeft, behoeft geen betoog. Godecharle vergelijkt wetenschappers graag met koorddansers, voor wie een misstap snel is gemaakt en die vervolgens diep vallen. In 2010 heeft de European Science Foundation een nieuwe gedragscode opgesteld: European code of conduct for research integrity. Maar die betekende niet het einde van de verwarring. De Hongaren hebben hun regels op deze code gebaseerd maar bleken toch met een eigen definitie van fraude op de proppen te komen.

De meeste richtlijnen benadrukken dat training helpt om misstanden te voorkomen. Los van het ontbrekende bewijs hiervoor, zegt Godecharle, is er geen enkele consensus over de inhoud en opbouw van  de trainingen, wanneer en hoe vaak je ze moet geven, wie ze moet geven en – nog wezenlijker – wie ze moet krijgen. De jonge of gevestigde wetenschappers? Uit onderzoek blijkt dat het trainen van seniors meer effect heeft, zegt Godecharle. Zij drukken immers een zware stempel op de onderzoekscultuur en die lijkt bepalend voor de academische mores van de wetenschappers.

Ghost writer

Dat alleen jonge onderzoekers frauderen is een misverstand, zegt ook de volgende spreker: Harry Struijker-Boudier, hoogleraar farmacologie. Waarop meteen een promovendus wanhopig reageert: “Vertel het verder! Want nu zijn het vooral de promovendi die worden aangepakt, onder meer door een plagiaatcheck op hun proefschrift. Bovendien zou ik de resultaten van de check zelf ook willen ontvangen, nu krijgt alleen de begeleider ze.”

Struijker-Boudier is lid van de UM-commissie wetenschappelijke integriteit, die in 2012 is opgericht na onder meer de Stapel-affaire. Al langer, sinds 2008, kent de UM een raadsman, het eerste aanspreekpunt. De driekoppige commissie (ook de emeriti hoogleraren Theo van Boven en Wiel Kusters) onderzoekt klachten over wetenschappelijk wangedrag. Nee, urgente lopende gevallen zijn er niet in Maastricht, en als ze er waren zou hij er niets over zeggen. Niet gedurende het onderzoek althans, wel achteraf, op de website van de VSNU.

De UM heeft sinds 2008 dertien klachten ontvangen over wetenschappelijke integriteit. Vier handelen over plagiaat, vier over incorrecte dataverwerking, twee over fraude, twee over intellectueel eigendom, en één betrof een belangenconflict. In een van de fraudegevallen had de promovendus een ghost writer ingeschakeld, die een hoofdstuk in het proefschrift voor zijn rekening had genomen.

De helft van de klachten bleek na onderzoek ongegrond. Gemiddeld registreert de UM twee klachten per jaar en loopt daarmee niet uit de pas met andere instellingen, vermoedt Struijker-Boudier. Het is alleen de vraag hoeveel van de ongeregeldheden onder de radar blijven.

 

 

Het congres over onderzoeksethiek in Randwijck vindt op 27 november plaats in de Akenzaal van de UNS 40, van 9.00 tot 12.30 uur

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)