Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Krachteloos en angstig na de intensive care

Krachteloos en angstig na de intensive care

Photographer:Fotograaf: Thinkstock

Oratie prof. Paul Roekaerts: Elke dag telt!

MAASTRICHT. Wie de intensive care overleeft, is nog lang niet uit de brand. Depressies, persoonlijkheidsveranderingen, angststoornissen, wanen, of spierzwakte liggen op de loer. Ze vallen allemaal onder het post intensive care syndroom, en daar vraagt prof. Paul Roekaerts in zijn oratie meer aandacht voor. Hij presenteert een sixpack aan maatregelen, die binnenkort in het academisch ziekenhuis worden toegepast.

In Nederland belanden elk jaar zo’n 25 duizend patiënten voor minimaal 48 uur op de intensive care-afdeling; dat kan gebeuren na een zwaar auto-ongeluk, een ingrijpende operatie, een ernstige ziekte of een reanimatie. Steeds draait het om organen die ondersteund moeten worden met beademingsapparatuur, een hartpomp, een kunstnier of zware medicijnen. Slechts 18.500 brengen het er levend van af. In tien jaar tijd is er veel vooruitgang geboekt: de sterfte is gezakt van 35 naar 20 procent.

Dat is allemaal uitstekend gedocumenteerd, maar hoe vergaat het de “overlevers” daarna, vraagt Roekaerts, bijzonder hoogleraar intensive care geneeskunde, zich af. Hoeveel van hen kunnen het oude leven weer oppakken?

Dat is minder bekend, want grootschalig onderzoek ontbreekt. Roekaerts geeft op grond van de vakliteratuur alvast wat voorzichtige schattingen en die voorspellen weinig goeds: 40 procent van de patiënten lijdt aan (ic-gerelateerde) spierzwakte, die jarenlang kan aanhouden. Het is een ingrijpende kwaal omdat dagelijkse routines als aankleden, wassen of wandelen onmogelijk worden. Ook het geestelijke welzijn raakt bij minimaal 40 procent uit het lood; depressie, angst en het post traumatisch stress syndroom komen het meest voor. Wanen en hallucinaties behoren eveneens tot de symptomen.

Een paar voorbeelden. Een ex-patiënt ziet zichzelf voortdurend levend in een brandende oven geschoven worden (na radiologisch onderzoek in een scanner). Een ander lijdt aan telkens terugkerende gedachten over een verpleegkundige die zijn penis heeft afgesneden. Weer een ander voelt zich steeds achtervolgd door een verpleegkundige die haar gaat vermoorden. Deze waan, volgens menigeen erger dan doodsangst, komt vaak voor. Deze symptomen laten zien hoe traumatisch het verblijf op een IC wordt beleefd, versterkt door personeel dat heen en weer rent, alarmbellen die constant afgaan, de intimiderende apparatuur.

Ook de cognitieve vermogens als het geheugen lijden onder een IC-verblijf. “Mensen hebben achteraf moeite met het lezen van een krant, het oplossen van een kruiswoordpuzzel of een geldbedrag overschrijven.”

Delirium

Waarom is er zo weinig aandacht geweest voor deze klachten? De intensive care geneeskunde is een jong specialisme, zegt Roekaerts. In 1997 kregen de eerste artsen ‘een officiële aantekening in het aandachtsgebied intensive care’ na een tweejarige opleiding. De term post intensive care syndroom is pas twee jaar geleden door de beroepsgroep in het leven geroepen. Geen wonder dat veel artsen er nauwelijks raad mee weten. “Als een patiënt klaagt over weinig kracht in de spieren, zegt de huisarts: ‘Ach, mevrouw, dat is normaal na alles wat u heeft meegemaakt.’ De chirurg zegt: ‘Dat trekt wel bij, maak u geen zorgen.’ Iedereen reageert vanuit zijn eigen discipline en dus vanuit een beperkt perspectief.”

Ook zijn weinig artsen op de hoogte van de omwenteling in het denken over het herstel van patiënten. In de oude IC-cultuur draaide alles om de rust van de patiënt en diens organen. Menigeen werd kunstmatig in coma gehouden met behulp van opiumachtige pijnstillers en slaapmiddelen.

Rust roest, schrijft Roekaerts in zijn inaugurele rede Elke dag telt!, en presenteert een “sixpack” aan maatregelen die moeten afrekenen met het oude gedachtegoed. Het motto: de patiënt moet juist zo snel mogelijk weer op de been en zijn hersens gebruiken. Dat betekent minder pijnstilling en kalmeringsmedicatie, om de kans op wanen of een delirium (verwardheid) te verkleinen. Door een delier verliest de patiënt zijn gevoel voor ruimte en tijd, wat het IC-verblijf alleen maar traumatischer maakt en de angst en stress vergroot. Een bijkomend nadeel is dat een delier vroege lichamelijke oefeningen in de weg staat, die eveneens cruciaal blijken voor het herstel. Het voorkomt spierverlies, iets wat overigens razendsnel optreedt. De eiwitafbraak in de grote dijspier begint al na 24 uur. In Maastricht streven IC-artsen ernaar om patiënten binnen twee dagen lichaamsoefeningen te laten doen. Ook moeten ze zo snel mogelijk van de beademingsapparatuur af en zelf aan de slag. Dat moet elke dag worden getest.

Hoefgetrappel

Zaten de oude opvattingen er dan faliekant naast? “Nee, zeker niet in die tijd. Het is een kwestie van nieuwe wetenschappelijke inzichten, beter medicatie en geavanceerdere technologie. We beschikken nu bijvoorbeeld over slimme beademingsapparatuur, die meteen stopt als de patiënt zelf in actie komt. Tien jaar geleden hadden we machines die een vast aantal keer per minuut lucht de patiënt in blies. Het waren akelige apparaten waarmee je als patiënt min of meer in gevecht was, wat zeker niet bevorderlijk was voor het herstel.”

Roekaerts zal een grootschalig onderzoek starten onder alle IC-patiënten en hun naaste familie in de regio Zuidoost-Nederland. “Daarbij beoordelen we na 6 maanden, een jaar en twee jaar de lichamelijke en mentale functies van de patiënt. Zo brengen we voor het eerst in Nederland in kaart hoe de kwaliteit van leven na een IC-behandeling is.”

Hoe weet je eigenlijk zeker dat de fysieke dan wel mentale kwalen samenhangen met het IC-verblijf? “Goeie vraag. Dat weet je nooit 100 procent zeker, maar vergeet niet dat het hier gaat om specifieke ziektebeelden. IC-gerelateerde spierzwakte valt goed te onderscheiden van andere soorten spierzwakte. En de wanen en hallucinaties, zeker als een verpleegkundige de potentiële moordenaar is, zeggen vaak genoeg. Het is een kwestie van waarschijnlijkheid. Als je buiten plots hoefgetrappel hoort, is de kans groter dat er een paard loopt dan een zebra.”

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

2015-10-22: Gerlinde Verhey
Vorige week zag mijn moeder een persoon in een tv programma over haar klachten vertellen en de term Post traumatisch IC syndroom kwam voorbij ze herkende zoveel van mijn verhaal in haar verhaal en daarom ben ik ook gaan googlen en kwam op deze artikelen uit. Jee wat een herkenning en het emotioneerde me en luchtte me op een bepaalde manier ook op. Het ligt niet aan mijn hart die blijvende vermoeidheid en het niet verder komen in mijn herstel. Waar kan ik terecht voor info en eventueel hulp hierbij? Ik zal ook informeren in het Erasmus MC waar ik destijds op het ic heb gelegen en nog steeds behandeld word.

Vriendelijke groet
Gerlinde Verhey (44 jaar en februari 2012 op ic terecht gekomen met een faciitis necroticans in linker arm)
2019-01-22: M damen
Mijn vader heeft anderhalf jaar geleden zes weken op de IC gelegen. Hier weet hij niets meer van. Maar hij is wel angstig geworden . Van dingen die vreemd voor hem zijn, bv rontgenfoto's maken in ziekenhuis enz, . Ook krijgt hij pijnmedicatie waar hij angstig van kan worden.
Waar kunnen we hier begeleiding in krijgen.. in München?

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)