Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Boons Boontjes, mijn ongemak

Boons Boontjes, mijn ongemak

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Mijn stukje moet ik beginnen met een omtrekkende beweging. Ik heb beloofd  te schrijven over de pas uitgekomen Boontjes uit 1968. Louis Paul Boon was een schrijver en schilder die van 1959 tot 1978, het jaar van zijn dood, bijna elke dag zijn Boontje schreef voor het Gentse, socialistisch dagblad Vooruit. Die stukjes hebben meer te betekenen dan dat zij een continue inkomensbron opleveren. Ze vormen een essentieel onderdeel van het omvangrijke levenswerk waaraan Boon schreef en schilderde. Dat zou ik deze keer pogen uiteen te zetten.   De laatste weken ging ik te rade bij vier medisch specialisten. Maandag kon ik tot mijn vreugde sneller dan verwacht terecht voor een ingreep. Niet aangenaam, maar gewoon in de middag weer terug naar huis. Niet alles ging zoals gehoopt. Er volgde nog een bezoek aan de Spoedeisende Hulp diezelfde avond. Ik heb binnenkort nog drie afspraken en twee telefonische consulten te gaan. Levensbedreigend zijn mijn kwalen niet. En over de gezondheidszorg heb ik geen klachten. Integendeel. Boon zou al die gebeurtenissen prachtig met oog voor detail hebben gerapporteerd. Ik heb daar moeite mee. Boon schrijft zonder schroom, oordelend zonder opgewonden venijn, als een ‘gewone’ mens uit de industriële arbeidersstad Aalst, hoe het gaat met hem, zijn vrouw, zijn zoon en al die buren, medeforensen en bevriende kunstenaars.

Mijn moeder hield van Boon. Ze had een plankje volstaan. Vooral bundels met zijn korte stukjes. Een aantal van zijn kortere werken. En enkele van de dikke romans. Niet wat Boon schreef als viezentist: zijn obsessie met meisjes en zijn vrolijke porno. Zij vond hem een volksschrijver die vertelde over het leven van gewone mensen. Zij was geboren in 1914, Boon in 1912. Zij had de Haagse Schilderswijk achter zich gelaten, maar nooit vergeten. Voor Boon en Aalst gold hetzelfde. Ook hoe hij over de oorlog schreef, trof haar als waarachtig. Boon zelf vond het niet erg om volksschrijver te worden genoemd. Op 18 april 1968 neemt hij afstand van een fan die het een schande vindt dat zo’n groot  schrijver  in één adem wordt genoemd met zogenaamde volkschrijvers. Boon kan niet tegen dat geëtiketteer: “Want als ge het goed beschouwt, ben ik de voetbal die door verscheidene ploegen wordt gebruikt … en komen ze na de match aan de heen en weer getrapte bal vragen hoe hij zich voelt”.

Hans Philipsen                                 

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: