Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Geen ‘promotiestudenten’ aan UM

Geen ‘promotiestudenten’ aan UM

Photographer:Fotograaf: archief

MAASTRICHT. De Universiteit Maastricht doet niet mee met het landelijke experiment van minister Bussemaker (OCW) om ‘promotiestudenten’ aan te stellen. Het college van bestuur voelt er niets voor, en de universiteitsraad evenmin.

Het werd allemaal iets voorzichtiger gezegd, maar de boodschap van rector Luc Soete aan een commissie van de U-raad, afgelopen woensdagochtend, was er niet minder duidelijk om. Hij ziet “persoonlijk niets in de plannen”, zei hij, “en collegevoorzitter Martin Paul is het volledig met me eens”. Het wachten is alleen nog op een officieel besluit van het college. De U-raadscommissie nam vervolgens alvast een voorschot op het oordeel van de voltallige raad door ter plekke haar steun uit te spreken voor dit beleid.

Daarmee schaart men zich in het landelijk aanzwellende koor van verzet tegen de kabinetsplannen. Vakbonden, organisaties van promovendi en leden van medezeggenschapsraden keren zich tegen de ‘promotiestudent’ en dus ook tegen de proef die Bussemaker de komende acht jaar wil uitvoeren. Onder de universiteitsbesturen is het enthousiasme evenmin groot: een aantal heeft al aangekondigd niet mee te werken, een aantal beraadt zich en vooralsnog slechts drie instellingen (Groningen, Wageningen, Twente) zijn wèl openlijk positief, zo melden verschillende media.

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap wil een landelijk experiment waarbij 2000 promovendi geen werknemer maar student zullen worden: ze betalen collegegeld en krijgen een beurs van hun universiteit. Dat is goedkoper voor de universiteiten. Het kabinet denkt hiermee op termijn het aantal promoties te verhogen en daarmee de kennissamenleving te stimuleren.

UM-rector Soete benadrukte tegenover de U-raadscommissie dat het Nederlandse systeem uniek is, met een hoge kwaliteit van promovendi die tevens onderwijservaring hebben opgedaan. De promotiestudent zou geen academisch onderwijs hoeven te geven, zo is de bedoeling. Daarnaast uitte hij bedenkingen tegen een stelsel met twee sporen, waarbij werknemer-promovendi en student-promovendi naast elkaar het zelfde werk doen. “Dat is niet te managen”, vindt hij.

Het argument van de minister dat Nederland een van de zeer weinige landen in Europa is die de werknemersstatus hooghouden en zich daarom zou moeten aanpassen, keerde hij om: Europa kan beter ons stelsel overnemen. Er zijn al bewegingen in die richting gaande, meldt het landelijke Promovendi Netwerk Nederland. Soete: “Mijn dochter promoveerde in Nederland en ging voor postdoc-plaatsen naar Duitsland. Daar stopt dan ineens de pensioenopbouw. Ze wil mede om die reden nu weer terug naar Nederland. Zo bezien heeft ons stelsel een negatief effect op internationale mobiliteit van wetenschappers. Maar omgekeerd zijn wij juist weer aantrekkelijk voor buitenlands talent. Moeten wij ons dan aanpassen? Ik zou zeggen, laten de Duitsers, in dit geval het Max Planck Instituut, mijn dochter pensioenrechten geven, dan kan ze blijven.”

 

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)