Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Zwarte nagellak, fluorescerend rokje en The Cure

Zwarte nagellak, fluorescerend rokje en The Cure

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder

Karin Faber (49, Eelde) / hoogleraar neuromusculaire aandoeningen, sinds september 2014 / alleenstaand, met drie zonen, Thomas (18), David (15), en Casper (13) / woont in Maastricht

Er gaat niks boven Maastricht. Dat klopt wel een beetje. Leuke stad om te wonen, kleinschalig ook, prettig om je kinderen te laten opgroeien. Ik ben in 1993 van Groningen hiernaartoe verhuisd. Daar viert men het leven minder dan in het bourgondische Maastricht. Wat ik aanvankelijk wel miste, waren dansgelegenheden. Het is hier vooral zuipen en lullen in de kroeg, Groningers swingen meer. Mijn ouders woonden toen in Eelde. Mijn vader is in 1998 gestorven en mijn moeder is ook naar Maastricht verhuisd. Ze woont nu bij mij om de hoek in Sint Pieter. Het wonen op een boerderij met allemaal dieren werd haar te veel.    
Ik heb een hoge pijngrens. Geen idee, niet bijzonder hoog of laag. Ik heb wel patiënten die afschuwelijk veel pijn lijden. Dat geldt vooral voor patiënten met dunnevezelneuropathie [zenuwen onder de huid functioneren niet goed]. Ze hebben voortdurend pijn, als ze slapen, bewegen, altijd. Medicatie werkt bij zenuwpijn onvoldoende. Nu wordt daar veel onderzoek naar gedaan. Ook patiënten met myotone dystrofie [een erfelijke spierziekte] kunnen veel pijn lijden. Ze verwachten niet dat je die wegneemt, ze zijn al blij als je luistert en begrip hebt. Sommigen ken ik al langer dan vijftien jaar. Omdat de ziekte ook de hersenen aantast, hebben ze specifieke persoonskenmerken. Ze zijn traag, initiatief-arm, maar ook eigenwijs en resoluut. Een hele boeiende aandoening.   
Was je populair op de middelbare school? Ik was wel een gangmaker, ja. Alternatief ook: zwarte nagellak, fluorescerend rokje, The Cure, je kent het wel. En dat allemaal op een klein, streng-christelijk gymnasium in Groningen. Voor mijn ouders moet dat shocking zijn geweest, maar zolang m’n kleren schoon en heel waren, vonden ze het prima. Ze gingen ervan uit dat het wel overwaaide, heel wijs. Ik was niet van de drank en drugs, wel van het uitgaan en het dansen. In de studietijd gingen we soms tot zeven uur door, daarna onder de douche en dan naar college.  
Ik sta graag op het podium. Niet per se, maar ik heb er ook geen moeite mee. Voor mijn oratie, afgelopen juni, was veel media-aandacht. Ik heb De Telegraaf over de vloer gehad, Radio 2, Dagblad De Limburger. Ik doe het voor het goede doel, deze spierziekten, niet voor mezelf.    
Ongezonde gewoonte? Te veel werken, dus ook ’s avonds en in het weekend. Ik kan soms moeilijk stoppen en de hele zondag doorgaan. Daardoor kom ik nauwelijks aan sporten toe. Ik heb me voorgenomen om weer salsa te gaan dansen en met de crosstrainer te beginnen, zo'n step met hendels. Dat laatste ik niet echt leuk, maar wel goed voor me. Ach, met een filmpje op de iPad erbij is het wel te doen.    
Wat zouden je kinderen aan je willen veranderen? Jeetje, dat zou ik niet weten. Ze zuchten weleens dat ik sommige dingen totaal niet begrijp, van die generatiedingen. Laatst zat ik met mijn jongste in de auto en belt mijn oudste. Hij zegt: “Dus je bent echt niet meer boos hè.” Even later leg ik neer en zeg tegen mijn jongste: “Wat raar dat-ie dat zo vraagt.” Dat is helemaal niet raar, zegt die ineens. “Iedereen is hartstikke bang voor jou als je boos bent.” Ik moest er wel om lachen. Ze vinden ook dat ik dan een eng stemmetje krijg. Ik ga inderdaad zacht praten als ik iemand apart heb genomen. Ze noemen dat een ‘bilaatje’ met mama. Van bilateraaltje. Nee, ik geloof niet dat iedereen bang van me wordt, maar ik kan de boosheid wel een tijdje bij me houden. Niet dat ik een maand later nog boos ben, maar toch. Ik vind mezelf in dat opzicht typisch een vrouw. ‘Zand erover’ zeggen mannen sneller.    
Welk boek lees je? Ik heb net Nietzsches tranen gelezen, van Yalom, een Amerikaanse psychiater. Het Raadsel Spinoza, ook van hem, heb ik cadeau gekregen voor mijn oratie. Zijn boeken zijn herkenbaar. Ik ben geen psychiater maar wel dokter, en herken van alles in de omgang met patiënten.
Vader of moeder? Met beiden heb ik altijd een goede band gehad. Mijn vader was sportleraar en sleepte mij en mijn broer elk weekend het hele land door. Ik zat op trampolinespringen, landelijk niveau. Maar we hadden ook pony’s en ook daarmee waren we evengoed elk weekend op pad. En zoals gezegd woont mijn moeder nu een stukje verderop. Dat gaat heel goed. Ze is heel makkelijk, helemaal niet veeleisend, en snel geaard hier.     
Grootste ergernis?
Als mensen niet eerlijk zijn. Dat vind ik heel erg en dat weten mijn kinderen ook. Wat er ook fout gaat, ik vind het prima, als ze het maar opbiechten. Ik kan dan nog even mopperen maar de kou is uit de lucht. Als ze iets achterhouden, hebben ze echt een probleem. Op m’n werk kom ik dat ook tegen, maar niet vaak. Ik ben kieskeurig en werk samen met collega’s die ik kan vertrouwen.    
Over tien jaar werk ik aan… Dezelfde ziekten. Ik hoop dat we dan flinke stappen vooruit hebben gezet bij de behandeling van myotone dystrofie. Voor deze patiënten kunnen we vooralsnog te weinig doen. Ik zal dan, denk ik, nog steeds in Maastricht zitten. Ik hoef niet per se naar de Verenigde Staten of zo. Is alleen maar onhandig met kinderen. 

Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)