Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Zweten op het onderzoeksvoorstel, hopen op een doorbraak

MARBLE-project: bachelorstudenten ruiken aan het onderzoek
Een bachelorstudent die onderzoek doet? Het gebeurt nog niet massaal, maar hun aantal zal gestaag groeien als het MARBLE-project- Maastricht Research Based Learning - verder voet aan de grond krijgt. De eerste kinderziektes zijn al verdwenen. "Ik heb ze geen literatuurlijst meer gegeven. Een belangrijk aspect van onderzoek doen is immers dat je niet weet waar te beginnen."

Nina Perkowski, tweedejaars aan het University College Maastricht, gaat deze zomer terug naar Berlijn, de stad waar ze opgroeide. Voor onderzoek. "Misschien ga ik het project Stadtteilmütter onder de loep nemen. Het is een door de staat gefinancierd initiatief dat werkloze migrantenvrouwen opleidt om andere migrantenfamilies te helpen met de meest uiteenlopende problemen: van taalachterstand, scholing van hun kinderen tot huiselijk geweld." Perkowski is zeer geïnteresseerd in Peace and Conflictstudies. Zij wil uitzoeken welke conflicten (etnische, klasse, gender) zich in Berlijn voordoen, hoe die zich manifesteren en wat de stad eraan doet.

Perkowski startte in september met een proefproject van het UCM. "Ik zag de advertentie staan voor het onderzoeksproject 'Cultural Biography'. Ik wist niet of onderzoek iets voor mij zou zijn." En ook het onderwerp sloot niet naadloos aan op haar interesse, maar wie weet kon ze daar een mouw aan passen. Dat lukte, niet in de laatste plaats omdat docent Bas van Heur (postdoc bij de Maastricht Virtual Knowledge Studio) haar "heel vrij" liet. Het onderzoek bevalt haar goed, al weet ze niet of ze straks wil gaan promoveren. "Het is heel speciaal om een half jaar met één onderwerp bezig te zijn en je eigen weg te mogen gaan. Ik heb ontzettend veel geleerd: het schrijven van een onderzoeksopzet, interviewen van mensen, mijn eigen deadlines stellen."

 

Strenge selectie

De selectie voor het proefproject 'Cultural Biography', dat afgelopen september van start ging, was streng, vertelt dr. Bas van Heur. Hij is gespecialiseerd in onderzoek naar de relatie tussen cultuur en stedelijke ontwikkeling. "Het uiteindelijke groepje van vier UCM'ers was heel gemotiveerd. Na acht weken dienden ze een ruwe versie van hun onderzoeksvoorstel in, halverwege hielden ze een presentatie en aan het einde schreven ze een essay en hielden nogmaals een presentatie. Ik was onder de indruk van het niveau, studenten hebben een enorme sprong voorwaarts gemaakt. Ik heb voorheen in Berlijn en London gewerkt. In London heb ik veel onderwijs gegeven en daar was het niveau van de studenten veel lager."

Sophie Kromholz, tweedejaars UCM, onderzocht in het eerste semester de moeizame relatie van studenten met de Maastrichtse musea. Eerst breidde ze de definitie van musea uit. Naast het Bonnefantenmuseum en het Natuurhistorisch museum zette ze ook het Centre Céramique, met zijn regelmatige tentoonstellingen, op haar lijstje. Uiteindelijk telde ze er dertien. Vervolgens zocht ze uit waarom studenten niet naar deze musea gaan. "Ze behoren niet tot de doelgroep van musea, ze worden niet gelokt. Studenten horen vooral via via van een expositie. Dat zou moeten veranderen."

Kromholz houdt van onderzoek, al weet ze nog niet of ze straks wil gaan promoveren. "Ik doe nu mee aan het MARBLE-project Capitals of Culture en ik schrijf me straks in ieder geval in voor een researchmaster op het gebied van kunst en cultuur. Ik twijfel nog tussen Groningen en Maastricht."

 

Spannend

Bas van Heur ontwikkelde samen met collega Pieter Caljé zowel het project Cultural Biography als het sinds februari lopende Capitals of Culture. De groep deelnemers is inmiddels uitgedijd tot veertien en het is de bedoeling dat dit project - met steeds nieuwe deelnemers - tot zeker 2012 doorloopt. Het jaar waarin de beslissing valt of Maastricht de Nederlandse vertegenwoordiger wordt in de strijd om de titel culturele hoofdstad 2018. "Het merendeel bestaat uit derdejaars cultuurwetenschappen die hier hun afstudeerscriptie aan wijden. Ze vinden het spannend, niet in de laatste plaats omdat dit project gekoppeld is aan de conferentie Maastricht: Lieu de Passages? Towards European Capital of Culture 2018 die ik samen met vertegenwoordigers van de Jan van Eijck Akademie, de Hogeschool Zuyd en de gemeente Maastricht in mei organiseer. Het is de bedoeling dat studenten op 14 en 15 mei een bijdrage leveren. Wat weten we nog niet precies, maar het kan variëren van het organiseren van een sessie, het opzetten van een workshop tot het bijhouden van een blog. Hun onderzoek doet er dus echt toe, ze zien meteen de maatschappelijke relevantie."

De kinderziektes en foutjes in het eerste project zijn uit het tweede verdwenen: "Ik heb ze geen literatuurlijst meer gegeven. Een belangrijk aspect van onderzoek doen is immers dat je niet weet waar te beginnen. Verder werken de studenten nu in groepen, en is er één algemeen thema: culturele hoofdsteden. Daar binnen mogen studenten kiezen uit vijf aandachtsvelden. Ja, we hebben het bewust meer afgebakend om een common ground te hebben, zodat kennisuitwisseling tussen studenten ook vruchtbaar kan zijn."

 

Robots

Nico Roos, hoofddocent bij kennistechnologie, heeft zeven studenten onder zijn hoede die afzonderlijk aan de slag gaan met de onlangs aangeschafte robots. Dat is niet voor iedereen weggelegd: enige kennis van programmeren is vereist. De studenten - één van psychologie en zes van kennistechnologie - kunnen er nog niet veel over zeggen omdat ze net begonnen zijn. Roos: "Het is de bedoeling van MARBLE dat ze meedraaien in lopend onderzoek, maar dat is bij ons niet het geval omdat we de robots pas in huis hebben."

De psychologiestudent zal onderzoeken hoe mensen op robots reageren. "In Japan worden ze al ingezet in bejaardentehuizen, ofwel voor de verpleging of als amusement. Maar er zijn aanwijzingen dat mensen robots beangstigend vinden als ze te veel op ons lijken. Onze zogeheten NAO's kun je bijvoorbeeld zo instellen dat ze rode ogen krijgen. Hoe interpreteren mensen dat? Is de robot dan boos?"

De studenten kennistechnologie zullen de robots leren voetballen. Dat klinkt kinderachtig maar is het niet; voetbal is een geliefde toepassing onder wetenschappers die zich met kunstmatige intelligentie (AI) bezighouden. Wie een robot zo ver krijgt dat die een flinke lel tegen een bal geeft, moet een goede AI-specialist zijn. En daar komt bij dat de faculteit op afzienbare termijn wil meedoen met kampioenschappen.

Een flinke lel is vooralsnog toekomstmuziek, ook een aanloop zit er niet in. Roos is al blij als de bewuste student de robot kan leren om soepel te schoppen. Dat kan via leertechnieken, gebaseerd op belonen en straffen. Een andere student probeert de NAO bij te brengen hoe die een bal moet onderscheppen. "We verwachten niet dat ze met geheel nieuwe inzichten op de proppen komen en publiceren in vaktijdschriften. Maar je weet het nooit."

Net als in het echte leven zullen de studenten hun onderzoeksgegevens presenteren tijdens een conferentie. "En zoals tijdens congressen gewoon is, zal hier ook op de resultaten worden geschoten."

 

Bah, laboratoriumwerk

Niet alle studenten zijn enthousiast over het type onderzoek waaraan ze hebben geroken. Marije de Graag, derdejaars student University College, heeft op Randwijck laboratoriumonderzoek gedaan naar de samenhang tussen genotypes, depressie en cognitie en weet nu zeker dat ze dit niet wil. DNA isoleren uit een bloedmonster en vervolgens analyseren op variaties (denk aan catechol-O-methyltransferase of aan Val158Met polymorfisme), nee niets voor haar.

Een half jaar heeft ze meegelopen. Inlezen ("zeer interessant") nam het merendeel van de tijd in beslag. Een week heeft ze in het lab gestaan. "Het beeld dat ik had, klopte niet met de praktijk. Het leek me spannend om echt iets te ontdekken, maar ik was de hele dag aan het pipetteren, mengseltjes aan het maken. Precisiewerk allemaal. Wat ik ontdekt heb, en daar ben ik heel blij mee, is dat dit soort laboratoriumwerk niets voor mij is. Ik mis het contact met mensen en zie bovendien graag resultaat. Laboratoriumonderzoek is slechts een onderdeel in een lang proces dat uiteindelijk tot iets goeds leidt. Of niet."

Ze heeft wel ervaren wat onderzoeken inhoudt. Wat haar het meest is bijgebleven: de rompslomp, de "ongelooflijke" bureaucratie. "Het onderzoek is gebaseerd op het MAAS-project, dat de medische gegevens van 1200 proefpersonen bevat. Maar voordat we die gegevens hadden, en vooral voordat we de goede gegevens kregen, en voordat de fabrikant zijn spullen toestuurde, en al dat papierwerk wat daarbij komt kijken! Maar goed, dat was de normale gang van zaken, zeiden ze."

De Graag heeft het onderzoek niet helemaal afgezworen. Ze gaat zich inschrijven voor de master Arts-Klinisch onderzoeker (AKO), een vierjarige masteropleiding die opleidt tot basisarts én onderzoeker. "Als arts ben je met mensen bezig en zie je meteen resultaat."

 

Wat en voor wie is MARBLE?

Het wetenschappelijk onderzoek een plek geven in de bachelorfase. Dat is het hoofddoel van MARBLE (Maastricht Research Based Learning), zegt projectleider Oscar van den Wijngaard. Hij is tevens verbonden aan het University College Maastricht. Afgelopen najaar ontving de Universiteit Maastricht twee miljoen subsidie in het kader van Sirius, een programma waarmee de minister van Onderwijs, Ronald Plasterk, zeer goede bachelorstudenten tot nog grotere hoogte hoopt te bewegen. De UM zelf investeert eenzelfde bedrag. Op dit moment zijn er drie pilots: Capitals of Culture bij cultuur- en maatschappijwetenschappen, Humanoid Robots bij kennistechnologie en PEERS bij het UCM.

Van den Wijngaard streeft ernaar dat over vier jaar - zo lang loopt MARBLE - iedere faculteit ten minste één nieuwe vorm van research based learning aan de bachelorstudenten kan aanbieden. "Sommige curricula bieden daar meer ruimte voor dan andere. De psychologen hebben al enkele jaren een onderzoekspracticum. Zij kunnen als voorbeeld dienen voor anderen." De nieuwe initiatieven moeten een goede mix hebben tussen "didactiek en echt zelf onderzoek doen. Het moet geen pgo-groep worden, maar we moeten ook voorkomen dat de student een soort onderzoeksassistent wordt. We willen studenten ook nadrukkelijk bewust maken van de maatschappelijke relevantie van hun onderzoek. Ze moeten daarover nadenken. Kritisch zijn."

MARBLE is op de eerste plaats bedoeld voor de besten, voor die groep die een extra uitdaging wil. Zij kunnen via zo'n project ontdekken of onderzoek iets voor hen is, maar, zo waarschuwt Van den Wijngaard, "wie meedoet moet zich niet verplicht voelen om daarna een onderzoeksmaster te gaan doen. Je kunt het ook zien als een waardevolle aanvulling op je curriculum." Uiteindelijk hoopt Van den Wijngaard dat bepaalde aspecten van MARBLE in de verschillende curricula terechtkomen zodat alle studenten ervan kunnen profiteren. "Het kan de kwaliteit van het onderwijs verder versterken."

Nico Roos, projectleider bij kennistechnologie, wijst op een mooi neveneffect van het onderzoek in de bachelorfase: "Het is een ideale gelegenheid om getalenteerde studenten te scouten. Die moet je er zo snel mogelijk uit vissen voor promotieonderzoek. Ik wil liever een student van hier van wie je weet wat die kan, dan een externe student met een geweldige cijferlijst."

 

Riki Janssen, Maurice Timmermans

De Maastrichtse conferentie Research & Learning at Maastricht University is op woensdag 1 april. Meer info en registratie: MARBLE@BU.unimaas.nl
Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)