Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

“Kamperen? Nooit meer”

“Kamperen? Nooit meer”

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes

Marlies van Dongen (51)

Directeur rechtenfaculteit; sinds 1998 verbonden aan de UM

Getrouwd met Marcel, drie zonen (21, 18 en 16 jaar)

Woont in Maastricht

 

Als ik thuiskom van mijn werk… schenk ik een glas wijn in. Ik kijk de post door en trek de koelkast open om te zien wat ik kan koken. Mijn man is op donderdag vrij, dan kookt hij, net als in het weekend. Hij is ook de betere kok, daarover hoef ik me geen illusies te maken.     Liefde op het eerste gezicht. Nee. We woonden in dezelfde studentenflat in Rotterdam. Ik vond hem wel interessant, kon heel goed met hem praten – we hadden discussies tot diep in de nacht. Maar ik had al een vriendje. Later heb ik het uitgemaakt en kreeg ik iets met Marcel.    Een faculteitsdirecteur heeft geen tijd voor hobby’s. Ik heb een drukke baan, ik ben nooit klaar. Ik ben perfectionistisch, maar heb geleerd dat ik niet alles perfect kan doen. Als je continu het gevoel hebt dat je iets niet afkrijgt, word je gek. Als controller bij KPN leerde ik taken te delegeren. En toen ik directeur bij algemene wetenschappen was hier aan de UM [2002-2005] was het continu crisis. Ik kon hoog of laag springen, ik kreeg het toch niet opgelost. Tijdens vakanties ontspan ik. Sporten? Niet meer. Vroeger sportte ik één keer per week. Dan kwam ik om zes uur thuis, moest ik nog koken en eten en twee uur later weer sporten. Veel te hectisch.     Terecht dat Tonio de NS-publieksprijs heeft gewonnen. Ik heb het niet gelezen, dus ik kan er niet over oordelen. Ik lees alleen tijdens vakanties. Ik ben net terug van een weekje Spanje waar ik De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween heb gelezen, 600 pagina’s. Ik zag het liggen bij Selexyz en het leek me wel een grappig boek, en dat was het ook. Verder houd ik van thrillers.     Juristen kunnen niet rekenen. De beste juristen zijn analytisch heel sterk, zijn vaak bèta’s. Of die bij ons rondlopen? Zeker, maar niet allemaal.     Onze tent ligt ergens op zolder. Ik heb geen zolder, maar hij ligt ergens goed verstopt in een kast. Daar krijg je me nooit meer in. Toen onze jongste een jaar of drie was, leek het ons leuk om nog eens te gaan kamperen, in Normandië. De kinderen lagen te slapen in de tent en wij zaten in de auto, want buiten was het veel te koud. ‘Dit doen we nooit meer’, zeiden we tegen elkaar. We misten het comfort. Nu we een tweede huis hebben in Spanje hebben we alle comfort. We gaan er niet iedere zomer naartoe. Eens in de drie jaar maken we een grote reis. Zo zijn we met z’n vijven dit jaar naar China, Tibet en Nepal geweest.    Als mijn zonen uit huis zijn… is het huis te groot, haha. Het wordt puzzelen wat we met die lege kamers gaan doen. Maar voorlopig is er pas één de deur uit. De andere twee zijn nog thuis. Ik vind het goed als ze leren om op hun achttiende op eigen benen te staan. Tegelijkertijd wordt het ze niet aantrekkelijk gemaakt door de politiek. Als ze alledrie weg zijn, zullen we ons leven anders gaan inrichten. We zullen minder gebonden zijn aan vaste structuren. Met z’n tweeën ga je toch meer je eigen gang.  Ik erger me aan mensen…  die langzaam van begrip zijn en aan mensen die erg lang van stof zijn. Maar dat kan ook met mijn eigen ongeduld te maken hebben. Mijn werkagenda is strak gepland. Ik vind het prettig om dingen snel in gang te zetten of af te ronden. En tja, sommige onderwerpen vind ik misschien ook niet zo interessant. Dan kan een verhaal al snel lang duren.     Laatste film: Mijn zoon downloadt alles. Ik kom bijna nooit meer in de bioscoop. De laatste die ik thuis heb gezien is Intouchables. Een heerlijke feel good film.     Mijn faculteit zit in het verdomhoekje. Dat gevoel heb ik weleens. De politiek hanteert nu eenmaal financiële regels die vaak nadelig zijn voor onze faculteit. Dat is altijd zo geweest. Studenten kiezen soms voor rechten, omdat ze niet weten wat ze anders moeten doen, studeren daarom langer of stoppen alweer na een jaar. En Den Haag bekostigt alleen als ze nominaal studeren. Sommige universiteiten hanteren een ander intern verdeelmodel dan het Haagse, maar ons college van bestuur wil daar helaas niet aan. Met minder geld heb je als faculteit minder te investeren, is er minder rek.    Het ergste wat me is overkomen: Ik heb borstkanker gehad, vijf jaar geleden. Chemotherapie, borst eraf, borst eraan. De hele mikmak. Ik ben er redelijk goed doorheen gekomen. Ik leefde altijd heel erg gezond. Het was domme pech. Ik vond het overigens wel hartverwarmend hoeveel mensen in die tijd aan mij dachten en een kaartje of bloemetje stuurden.  Ik ben een goede dochter. Dat moet je mijn ouders vragen. Ze wonen vijf minuten van mij vandaan, maar we lopen de deur absoluut niet plat. Zij hechten aan hun privacy, wij aan de onze. Ze hebben in Landgraaf gewoond, maar wilden na mijn vaders pensioen naar Maastricht. Of ze trots op me zijn? Ik weet het niet… Ik ben getrouwd met iemand die op mijn vader lijkt, haha, dus dat is in orde. Mijn echtgenoot is oogarts, net als mijn vader.     Als ik Lance Armstrong was, dan… had ik het anders aangepakt. Onvoorstelbaar hoe je dat jarenlang kunt volhouden. Het laat ook zien dat die hele sport verziekt is, dat je dus niet kunt presteren zonder dit soort middelen te nemen. Ik heb overigens niets met wielrennen. Ik kijk af en toe voetbal omdat mijn kinderen dat leuk vinden.     Ik lijk op… goh, dat weet ik niet. Ik denk mijn vader. Ik sta net zo in het leven als hij. We zijn rationeel; eerst denken dan doen. Ik baal er wel eens van dat ik niet zo impulsief ben. Ik reageer vaak secundair. Voordat ik mijn mening geef, wil ik eerst weten waar het over gaat.     Vroeg naar bed, gezond weer op. Ik val meestal in slaap bij Pauw & Witteman tenzij ze leuke gasten hebben. Ik kan goed uitslapen. Toen mijn kinderen klein waren, dacht ik dat nooit meer te kunnen, maar dat is geen probleem gebleken.    Fijnste geluid: Operamuziek, Portugese fado, Amalia Rodrigues.    Toen ik achttien was, wilde ik… zo snel mogelijk het huis uit. Ik wilde economie studeren – ik was goed in economie I en II en vond het leuk om wiskundige puzzels op te lossen – en mijn oom, hoogleraar in Rotterdam, vond dat ik naar zijn universiteit moest komen. Ik ben gegaan. Ik heb niet eens een open dag bezocht. 

 

 

 

 

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)