Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

"Hoe hou je je pincet vast?!"

"Hoe hou je je pincet vast?!"

Photographer:Fotograaf: Joey Roberts

Meelopen in het Skillslab

Hoe vertel je een patiënt slecht nieuws? Hoe breng je een infuus in? Waar moet je als huisarts tijdens een consult op letten? Deze en nog veel meer andere vaardigheden leren geneeskundestudenten sinds 1975 in het Skillslab. En met succes; de studenten zijn onverminderd enthousiast, de docenten worden regelmatig genomineerd voor onderwijsprijzen. Observant liep een middag mee. 

“Je vroeg wat voor bijzondere dingen er binnenkort op de agenda stonden, maar iedere dag is hier bijzonder”, zegt Jan van Dalen, coördinator externe relaties en docent communicatievaardigheden. Een doodgewone middag op het Skillslab dus. We beginnen met een evaluatie van gesprekken die eerstejaars studenten van de internationale track hebben gehad met simulatiepatiënten. Deze gesprekken verlopen als een gewoon consult; de studenten spelen de rol van de huisarts en acteurs de rol van patiënt. Een medestudent observeert het consult ter plekke, de anderen kijken het terug op video. De simulatiepatiënten geven direct na het gesprek feedback. 

“We proberen het zo te regelen dat de patiënt klachten heeft die ze net hebben behandeld in het blok”, zegt Van Dalen. In dit geval ging het om een benauwde patiënt. De bijbehorende diagnose: paniekaanvallen. De eerste studente, uit Duitsland, is tevreden over haar optreden, maar vraagt zich af of er niet te veel stiltes vielen. “Dat is me helemaal niet opgevallen”, zegt haar buurman. “Ik vond het juist goed dat je hem niet haastte.” Van Dalen is het daarmee eens. “Je schrijft in je evaluatie dat je het gevoel had dat hij op het punt stond iets te zeggen. Dat je dat is opgevallen, betekent dat je op zijn lichaamstaal hebt gelet en niet alleen met jezelf bezig was. Heel goed.”

Een andere student is minder gelukkig met zijn gesprek. Hij komt uit Saoedi-Arabië en heeft, net als de meeste van zijn landgenoten, moeite met het uitvoeren van lichamelijk onderzoek, vooral bij iemand van het andere geslacht. Zijn medestudenten vinden dat zijn nervositeit niet opviel. Wel merkten ze dat hij, zodra het lichamelijke onderzoek naderde, minder goed naar de patiënt luisterde. Van Dalen heeft dat bij meerdere studenten gezien. “Je dacht: zo, ik ga vandaag lichamelijk onderzoek doen. Daar was je op gericht, je was er helemaal klaar voor. Zoiets sluit je oren.” Wat volgens hem niet erg is. “Je hebt het onderzoek gedaan! Bij een vrouw! Dit is pas je tweede gesprek met een simulatiepatiënt in je eerste jaar. Je hoeft niet morgen een neurochirurg te zijn.” Later zal hij zeggen dat het Skillslab “het dichtste is dat je bij de praktijk kunt komen. Hier mag je fouten maken. Beter nu dan bij een echte patiënt, die heeft wel iets anders aan zijn hoofd.”

Hoe herken je een soa?

De tweede training van vandaag gaat over lichamelijk onderzoek bij seksueel overdraagbare ziektes (soa’s). De casus: Hanneke, 22, geneeskundestudent, is drie weken geleden teruggekomen van een vakantie waar ze een one-night-stand heeft gehad met een propper (iemand die probeert mensen een discotheek in te lokken). “Welke vragen ga je haar stellen?”, vraagt docent Ellen Schoorel. De tweedejaars studenten beginnen dingen te roepen. Heeft ze een condoom gebruikt? (nee) Gebruikt ze anti-conceptie? (ja). Heeft ze misschien jeuk of een branderig gevoel bij het plassen? (nee). Enige verwarring ontstaat als blijkt dat Hanneke een contactbloeding (bloeding van de baarmoedermond tijdens of direct na de seks) heeft gehad. De studenten gaan er vanuit dat de bloeding plaatsvond tijdens de seks met de propper. “Kan dat dan al zo snel? Wat is de incubatietijd van chlamydia?” Schoorel probeert de studenten in de goede richting te duwen, ze zijn een vraag vergeten te stellen. “Wanneer heeft ze die bloeding gehad?” Dat was vorige week, tijdens seks met haar vaste partner. Schoorel: “Daar moet je dus naar vragen. Dat ze een one-night-stand heeft gehad, sluit niet uit dat ze een relatie heeft, je moet altijd weten wie je voor je hebt.”

Nadat er een lijst van mogelijke soa’s is gemaakt, is het tijd voor het lichamelijke onderzoek op de modellen die in de ruimte staan. Schoorel loopt rond en helpt waar nodig. “Je moet het speculum (eendenbek, red.) zo laag mogelijk inbrengen. Voel je de rand? Die is best scherp en je wilt niet dat die tegen de gevoelige bovenkant van de vagina komt.” Twee andere studenten proberen een uitstrijkje te maken. “Je moet het staafje vijf keer ronddraaien.” “Oeh, dat lijkt me een naar gevoel”, zegt een van de meisjes. “Je moet goede rondjes maken”, zegt Schoorel. “Zo krijg je het meeste onderzoeksmateriaal.” Nadat iedereen het onderzoek een keer heeft geprobeerd, gaat de groep verder met de theorie.

Net als epileren

In een ander lokaal verzamelen zich ondertussen co-assistenten die komende week met het co-schap chirurgie beginnen. Ze leren vandaag wonden hechten op een varkenspoot. “Een varken lijkt op ons en ze hebben geen ziektes als BSE (gekke koeienziekte, red.)”, zegt Jouwert Stapert, een gepensioneerd chirurg die de trainingen geeft. Hij begint met uit te leggen hoe de instrumenten gebruikt moeten worden. “De meest gemaakte fout wordt vanmiddag het vasthouden van de pincet. Die hou je vast als een pen, niet als een soeplepel.” “Iemand heeft me verteld dat het hetzelfde is als wanneer je je wenkbrauwen epileert”, merkt een meisje op. “Als jij vanavond je wenkbrauwen gaat epileren, doe je dat zo”, zegt Stapert “Nou heren…”, lacht een jongen.

Nadat hij heeft voorgedaan hoe het moet, kunnen de studenten aan de slag. Docenten Stapert en Sandy Nelissen lopen rond. Er wordt hier en daar diep gezucht. “Hoe doe ik dat nu met die draad?” “Mijn naald ziet er niet meer uit zoals het hoort.” Door alles heen klinkt regelmatig Stapert: “Hoe hou je je pincet vast?!” Na een paar minuten wordt het eerste succes geboekt. “Ik heb de draad in één keer door de lus gehaald”, roept een student. Het wordt meteen gerelativeerd door haar buurman. “Ja, we staan allemaal in jouw schaduw.”

Stapert gaat verder met verschillende steken. Ook laat hij zien hoe je een moedervlek verwijdert. Hiervoor moet je precies snijden, wat hier en daar antipathie tegenover de soms moeilijk te snijden varkenspoot oplevert. “Wat ben jij een dik varken.”

Als iedereen klaar is moet alles worden opgeruimd. “Alle scherpe dingen in de naaldcontainer, anders krijgen we ruzie met het secretariaat”, zegt Stapert. “Naalden, mesjes…” Hij wordt onderbroken door een student. “Opmerkingen…” Iedereen lacht. De stemming, de hele middag al vrolijk, is nu uitgelaten. De handschoenen kunnen uit, de varkens gaan terug in de koelkist en de eerste studenten lopen al naar de deur. Rest er nog één vraag. “Mogen we de foto’s die vanmiddag zijn gemaakt hebben? Leuk voor later aan de muur: mijn eerste hechting.”

 

Cleo Freriks

Wat is het Skillslab?

In het Skillslab worden de geneeskundestudenten getraind in vaardigheden, variërend van lichamelijk onderzoek tot een consult. Studenten oefenen op een pop, dierlijk materiaal, elkaar, simulatiepatiënten, patiënten instructeurs (voor het oefenen van intiem onderzoek als intern of gynaecologisch onderzoek) en uiteindelijk echte patiënten.

Het Skillslab werd opgericht in 1975 als onderdeel van Huisartsgeneeskunde en bestaat sinds 1978 als zelfstandige eenheid. Er werken 30-40 docenten, van wie de meesten part-time les geven en tegelijkertijd arts zijn.

Afgelopen jaar werden drie docenten uit het Skillslab genomineerd voor de jaarlijkse onderwijsprijs van het Onderwijsinstituut FHML: Chahinda Ghossein, Jan van Dalen en Alice Drenthe. Ghossein won in de categorie docent, Drenthe in de categorie ABC (actieve, bevlogen en creatieve docent). Docent Jan-Joost Rethans werd genomineerd voor de universitaire Onderwijsprijs (uitgereikt tijdens de Dies Natalis). Rethans won in 2010 de Outstanding Educator Award 2010 van de Association of Standardized Patient Educators (ASPE). De prijs wordt jaarlijks toegekend aan een persoon die zich volgens de organisatie “jarenlang buitengewoon verdienstelijk heeft gemaakt door getoond leiderschap en dienstbetoning op het gebied van onderwijs en/of onderzoek met betrekking tot simulatiepatiënten”.

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)