Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

Ik ben boos, dus ik ben

Ik ben boos, dus ik ben

Photographer:Fotograaf: Loraine Bodewes Fotografie

De relativerende kijk van Sjaak Koenis op hoge en lage cultuur, Wilders en Frans Bauer

De titel van zijn oratie klinkt een tikje cynisch: De democratisering van het ressentiment. Aha, denkt de fatsoenlijke burger dan, dat zou wel eens kunnen gaan over de nieuwe mode dat iedereen elkaar tegenwoordig zo luidkeels en grof de maat neemt. De wereld van de boze GeenStijl-reaguurders, de scheldpartijen en beledigingen uit PVV-kring. Hoera, denkt hij, krijgen we eindelijk ex cathedra een professoraal betoog dat daar de staf over breekt. Eindelijk vanuit de academische gemeenschap een heldere analyse, een stevig protest tegen de nieuwe hufterigheid die nu zo wijd verbreid is dat we al van ‘democratisering’ spreken. Lang leve de man die dat gaat opknappen, de nieuwe bijzonder hoogleraar sociale filosofie bij de faculteit cultuur- en maatschappijwetenschappen, Sjaak Koenis.

Maar is dat ook zo?

Nee dus.

Nou ja, de heldere analyse wel, maar het stevige protest blijft uit. Integendeel bijna. “Populisme? Wen er maar aan”, zegt Koenis.

Het verhaal waarmee Koenis (56) zijn hoogleraarschap vandaag officieel aanvangt is vooral relativerend. Het lijkt wel of iedereen boos is tegenwoordig, zegt hij, en iedereen geeft daar ook ruimschoots uiting aan, daarbij in niet geringe mate geholpen door het (anonieme) internet en de sociale media. Maar is men bozer en grover in de omgang dan pakweg 50 jaar geleden? Misschien niet, want ook toen al kreeg iemand als Mies Bouwman drollen in haar brievenbus nadat ze God en het Oranjehuis beledigd zou hebben in het satirische tv-programma Zo is het toevallig ook nog eens een keer.

Bij nader inzien blijkt de titel van Koenis’ oratie dan ook niet zozeer cynisch als wel provocerend. Want, zo legt Koenis uit, ressentiment, een wrokkig soort boosheid, hoort bij democratie, is er eigenlijk inherent aan. Hij grijpt er voor terug op Plato, die in zijn Politeia schreef dat democratie leidt tot “mateloos zwelgen in egoïstische verlangens”; hij parafraseert Alexis de Tocqueville, de negentiende-eeuwse Franse schrijver die duidelijk maakte “dat democratische instellingen de hartstocht voor gelijkheid en gelijkwaardigheid opwekken en aanwakkeren, maar dat ze die hartstocht nooit kunnen bevredigen”. Het gevolg heet: afgunst.

Koenis: “Democratie is niet alleen maar mooi, met inspraak en vrijheid, gelijkheid, broederschap. Er zit ook die andere kant aan, een kant die veelal genegeerd wordt en die vroeger ook veel meer werd gekanaliseerd. In de hiërarchisch geordende standenmaatschappij die Nederland heel lang geweest is, kende ieder zijn plaats. Daar kon de arbeider wel op de hoge heren schelden, maar hij wist ook dat de wereld nu eenmaal zo in elkaar zat. Die standensamenleving is na de oorlog in hoog tempo afgebroken om plaats te maken voor steeds meer gelijkheid of liever, gelijkwaardigheid. Alleen ervaren mensen vervolgens dat de feitelijke ongelijkheid niet verdwenen is, integendeel. De oude elites mogen dan goeddeels verdwenen zijn, nu leven we in een meritocratie die kansen geeft aan de talentvollen, een diplomademocratie waarin de hoger opgeleiden de dienst uitmaken. Dat zet bij de achterblijvers kwaad bloed, dat creëert die woede.”

 

Emancipatie

Ze zullen het hem misschien niet in dank afnemen, de feministen, de socialisten, maar Koenis (“ik houd wel van een beetje stoken”) ziet veel parallellen tussen de woede die het populisme voedt (“en niet zozeer andersom, wat veel academici denken, dat populisme alleen maar het opwarmen van rancune is”) en het ressentiment van deze groepen. “Ook de arbeidersbeweging, ook de vrouwenbeweging dreef op woede en verontwaardiging over de achterstelling en het onrecht dat hen werd aangedaan. In dat opzicht is ressentiment een emancipatorische kracht, daar is niets mis mee. En dat geldt dus ook voor de boze burgers achter Wilders.”

Een belangrijk verschil is er wel, geeft hij desgevraagd toe: “Die oude sociale bewegingen hadden inderdaad een duidelijk doel, dat kun je van het populisme à la Wilders niet zeggen. Dat is ook wel een beetje de tragiek ervan, die woede is ongericht, bijna een expressie van identiteit. Ik ben boos dus ik leef, zoiets.”

En het gaat nog verder. Koenis spreekt in zijn inaugurele rede van ressentimentskritiek, een term van de vroeg twintigste-eeuwse Duitse filosoof Max Scheler die ermee doelt op de woede die het liefst zichzelf in stand houdt, kritiek om de kritiek. “Wilders is niet geïnteresseerd in hervorming van de islam want dan is hij zijn favoriete object kwijt. En nu dat gedoe weer met die website tegen Oost-Europeanen; het gaat hem er niet om dat die mensen beter in onze samenleving worden ingepast, maar om afgunst te mobiliseren. Hetzelfde patroon kun je trouwens bij links zien: als bijvoorbeeld bestuurderssalarissen in de (semi)publieke sector zich eindelijk aan de Balkenende-norm conformeren moet het linkse ressentiment zich op iets anders richten.”

Pardon? Is dat niet wat overdreven? “Nou, misschien een beetje,  maar ik vind het alleen maar fair om ook het linkse ressentiment te noemen, het alleen op rechts vastpinnen is te gemakkelijk. En geloof je nu echt dat de gemiddelde SP-stemmer tevreden is als de Balkenende-norm is ingevoerd. Dat het dan over is?”

 

Afgunst

Terug naar de relativering. Want, zegt Koenis, denk niet dat alle kritiek van Wilders en de zijnen loos is. De pijlen die hij richt op de oude middenpartijen en hun technocratisch-bureaucratische werkstijl (“de mensen volgen ons wel”) zijn aangekomen. “De signalen dat er maatschappelijk het een en ander mis was, zijn aan de flanken van de politiek opgepikt, rechts en ook links, daar vooral door de SP. Het beeld is dus genuanceerd, populisme draait niet alleen maar om afgunst. De achterban bestaat ook niet alleen uit maatschappelijke losers. Als je er met iets meer afstand naar kijkt, en de langere termijn in ogenschouw neemt, kun je niet anders dan concluderen dan dat de burger zich is gaan roeren en dat zal blijven doen. Dat is belangrijk, in een democratie gaat het uiteindelijk om wat het volk wil.”

 

Frans Bauer

Bij dit alles hoort eveneens een culturele component, zegt Koenis. “Ressentiment tast iedere hiërarchische geleding van de cultuur aan. De oude levensbeschouwingen hebben aan kracht ingeboet, de tweedeling tussen hoge en lage cultuur is vervaagd. De vanzelfsprekende dominantie van de hoge cultuur is weg, de elites hebben niet meer de waarheid in pacht. Dat is een bron van onzekerheid, ik noem dat onttovering van cultuur, niemand kan zijn waarden meer opleggen. Dat betekent ook dat aan het streven naar ‘verheffing’ van het volk, iets waar onder andere de sociaaldemocratie zich vroeger sterk voor maakte, de bodem is ontvallen. Want dan zal je het toch eerst eens moeten zijn over het doel van die verheffing, over wat belangrijk is in de cultuur en wat bijvoorbeeld aanspraak kan maken op subsidie. Die overeenstemming is er niet meer. Zijn we daarmee overgeleverd aan de Frans Bauers? Daar gaat het mij niet om, ik constateer alleen dat er geen ‘nationale cultuur’ meer is die per se doorgegeven moet worden.”

Maar is er dan geen sprankje hoop meer voor de aanhangers van datgene wat door Wilders en consorten voor elitecultuur wordt uitgemaakt, datgene waarvan de PVV het liefst alle subsidie zou intrekken?

Koenis: “Dat hangt er van af. Als je de massa wilt verheffen zul je betere argumenten moeten verzinnen, zul je moeten opkomen voor je waarden en duidelijk maken waarom die belangrijk zijn.”

Het is niet alleen maar kommer en kwel, betoogt Koenis. Integendeel zelfs, “die cultuurstrijd leidt tot nieuwe cultuurvorming, tot vooruitgang”. Een citaat van Menno ter Braak, invloedrijk essayist in de jaren 1930, al voegt Koenis er meteen aan toe dat het begrip ‘vooruitgang’ hier niet door iedereen onderschreven zal worden. “Maar kijk naar eerdere periodes van onttovering, de cultuurstrijd tussen grote levensbeschouwingen als het katholicisme en protestantisme¸ het humanisme, het socialisme. Niemand heeft die strijd gewonnen, maar alle partijen zijn door die strijd wel veranderd.”

 

Filosoof

Al die wetenschappelijke distantie, al die relativeringen; het kan het publiek dat vandaag naar de nieuwe hoogleraar luistert, grotendeels bestaande uit precies die elite waar de populisten zich tegen keren, misschien wel een beetje te veel worden. Waarom spreekt Koenis zich niet harder uit tegen die nieuwe hufterigheid, tegen de aanvallen op datgene wat velen in de academische wereld lief is?

“Weet je wat het is? Ik spreek hier in mijn rol van filosoof, niet als burger. Als burger erger ik me blauw aan Wilders, aan zijn simplisme, aan die stijl van opereren. We hoeven ons ook niet neer te leggen bij hufterigheid. Maar als filosoof heb ik een andere taak. Dan moet ik kijken naar de processen op de langere termijn, moet ik de context duidelijk maken waarin zo’n beweging gedijt. Dat is dan ook het zwaartepunt van deze nieuwe leerstoel sociale filosofie: duiding, begrijpen wat er gebeurt, bijdragen aan een betere kwaliteit van het debat.”

Maar goed, op een enkel punt wil hij zijn mening wel geven. De cultuurstrijd in de vorige eeuw, waar ideologieën tegenover elkaar stonden, waar woede en ressentiment hun emancipatorische werk deden door de achterbannen van die bewegingen vooruit te helpen, kende natuurlijk ook verliezers. Alleen, zegt Koenis, daar werd altijd nog wel rekening mee gehouden, ook voor hen was er een plaats voorzien die respect opleverde. “Ook al zat niet iedereen vooraan, mensen hadden wel een plaats. In de huidige cultuurstrijd bekommert men zich niet om de verliezers. Wie in de diplomademocratie achterblijft, is min of meer verloren. Op dat punt kunnen we van de klassieke sociale bewegingen nog wel wat leren.”

 

 

Wammes Bos

Categories:Categorieën:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Door een reactie te plaatsen gaat u akkoord met de verwerking van de ingevulde gegevens door Observant.
Voor meer informatie: Privacyverklaring
By responding, you agree to send the entered data to Observant.
For more info: Privacy statement

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)