Back to list All Articles Archives Search RSS Terug naar lijst Alle artikelen Archieven Zoek RSS

De neus

De neus

Medewerkerscolumn

De dag van een bakker ruikt anders dan die van een kaasboer of een parfumlaborant. Tegelijkertijd beleef ik als academicus dagelijks stukjes van de ‘geurdag’ van deze beroepsgroepen: als ik ontbijt met mijn boterham met kaas, terwijl ik net deodorant heb opgespoten. Een antropoloog van de superrijken heeft andere geurbelevenissen (geld stinkt) dan iemand die onderzoek doet naar de eiwitstructuur van kweekvlees. In mijn onderzoek naar de bijdrage van tuinen aan een duurzaam leefklimaat zijn de geurconstellaties per tuin zelfs heel verschillend. Kortom: academici kun je qua geurdag niet over één kam scheren. Desondanks wil ik de mijne beschrijven. U kunt die dan weer vergelijken met uw doorsnee geurdag. Misschien zijn er identificeerbare overeenkomsten die ons als academici verbinden.

Heel gedetailleerd kan ik niet zijn: er zijn dagdelen waarvan ik geen idee heb hoe ze ruiken. Mijn dag begint, afgezien van tandpastageur, met het aroma van kattenvoer. Gevolgd door rubberen fietsbanden, kuilgras, de stoffigheid van Marnebel, de vochtigheid van het kanaal, en dan per seizoen en windrichting een heel andere odeur op de akkers van de Mergelweg. Soms mestlucht, soms niets, soms de stank uit de ENCI schoorsteen. Een verkeersgeur(en lawaai)shock bij het wachten voor het stoplicht bij het politiebureau. Bij Le Salonard verwacht ik meer geur dan ik krijg. Het eerstvolgende wat ik ruik is de koffie in het ICIS-keukentje. Mijn werkkamer is voor mijzelf redelijk geurloos. Een geoefende neus zal er de hele dag rooibosthee ruiken. Het aroma van de opgewarmde lunches van collegae wekken mijn honger op. Ik ga dan ook op zoek naar eten dat de neus streelt. Vaak staan er studenten voor de deur te paffen. Hun rook komt via de luchtinstallatie in onze kamer terecht. Een moment om op te staan en er iets van te zeggen. En even de buitenlucht opsnuiven. In de zomer de fantastische lindengeur op de parkeerplaats. In de winter een prikkelende geurloze kou.

Een dag met onderwijs ruikt heel anders dan een onderwijsloze dag. Een lokaal met studenten ruikt echter weer net zo als een lokaal met vergaderende stafleden. De beste geurdag is als er een collega appeltaart gebakken heeft. Vlaai ruikt helemaal niet. Ik heb geen idee wat ik ruik wanneer het tijd is om naar huis te gaan. De geuren van de heenweg doen zich uiteindelijk weer in omgekeerde volgorde voor. Tot aan het kattenvoer.

Carijn Beumer, universitair docent bij ICIS en HES

Categories:Categorieën:
Tags:

CommentsReacties

There are currently no comments.Er zijn geen reacties.

Post a Comment

Laat een reactie achter

Naam (verplicht)

E-mail (verplicht)

CAPTCHA Afbeelding
Enter the code shown above: