Op naar een zo empathisch mogelijke gezondheidszorg

Studentenprijs naar Mens Achter de Patiënt

07-09-2016

MAASTRICHT. Meer empathie in de zorg. Dat is het uiteindelijke doel van geneeskundestudent Matthijs Bosveld en gezondheidswetenschappenstudent Sjim Romme, die afgelopen maandag de Studentenprijs 2016 kregen. Met hun project Mens Achter de Patiënt (MAP) koppelen ze medestudenten aan patiënten, die tijdens drie bijeenkomsten (gezamenlijk en individueel) de kans krijgen om rustig hun hele verhaal te vertellen – iets waar ze tijdens de behandeling vaak niet aan toekomen.

Vrienden en huisgenoten Bosveld en Romme merkten anderhalf jaar geleden dat ze zich ergerden aan hetzelfde probleem: werkers in de gezondheidszorg – of het nu artsen, psychologen, verpleegkundigen of beleidsmakers zijn – hebben te weinig oog voor de mens achter de patiënt. Door artsen en gezondheidswetenschappers in spe te laten ervaren welke impact een ziekte heeft op iemands leven, hopen ze dit te veranderen.

In januari van dit jaar had MAP de eerste pilot achter de rug. Romme en Bosveld hadden acht bevriende studenten en evenveel patiënten aan elkaar gekoppeld. De reacties waren enthousiast. Met dit verhaal stapten de studenten naar de bachelorcoördinatoren van hun studies. “Ze vonden het een leuk project, maar er zaten nog wat haken en ogen aan. Hoe zou het op grotere schaal uitpakken? En met studenten die geen vrienden van ons waren? Dus deden we een tweede pilot”, vertelt Bosveld, die maandag de prijs alleen in ontvangst nam. Romme – die naast Management, Beleid en Evaluatie van Zorg ook economie studeert – zit voor een minor in Australië. “Maar hij was er bij via Facetime. Zijn ouders en vriendin zaten in de zaal en hadden de telefoon de hele tijd vast.”

Tijdens die tweede pilot gingen twintig studenten met vijftien patiënten op pad. Met een kleine aanpassing: dit keer werden er twee studenten – een geneeskunde, een gezondheidswetenschappen – aan één patiënt gekoppeld. “Dat had meer didactische waarde, omdat je met twee blikken kijkt.” Iets waar de jongens toevallig achter kwamen, toen Romme tijdens de eerste pilot met een geneeskundestudent meeging omdat zijn eigen patiënt te ziek was. “De ervaringen van beide pilots waren vrijwel identiek. Iedereen vond het heel waardevol”, zegt Bosveld.

Er werd een handboek geschreven en een presentatie voorbereid, die in november tijdens het congres van de Nederlandse vereniging van medisch onderwijs gegeven wordt. “We willen dit academisch jaar ons product verder finetunen, zodat mensen er straks meteen mee aan de slag kunnen.” Ook zonder Romme en Bosveld dus. “We willen er graag bij betrokken worden, maar onderwijs heeft continuïteit nodig en wij zijn studenten, dus wij zwaaien op een gegeven moment af.”

Hun eerste doel is om MAP binnen de UM in het curriculum op te laten nemen. “Als je er een facultatieve activiteit van maakt, ga je misschien juist de mensen missen die het het hardste nodig hebben.” Daarna willen ze er mee de boer op, naar andere universiteiten. “We zitten allebei in het laatste jaar van onze bachelor. Als alles goed gaat, nemen we volgend jaar een tussenjaar om ons hier op te richten.” Niet om er geld mee te verdienen trouwens. “Ik noem het wel een product, maar we willen van MAP een stichting maken zonder winstoogmerk en universiteiten alleen een kostenvergoeding vragen. Anders schieten we ons doel – een zo empathisch mogelijke gezondheidszorg – voorbij.”

De Studentenprijs is een mooie steun in de rug, vindt Bosveld. “Het opent deuren: ik kreeg gisteren al allerlei kaartjes in mijn handen gedrukt met de mededeling ‘neem eens contact op’. En het is erkenning. Als we straks naar andere universiteiten gaan, laat het zien: deze jongens weten waar ze mee bezig zijn.”

Op naar een zo empathisch mogelijke gezondheidszorg
opening academisch jaar OBS.DSCF6051
Auteur: Cleo Freriks
Joey Roberts
Categoriëen: Nieuws,
Tags: opening2016,MAP

Voeg reactie toe

Klik hier voor onze privacyregels

Vanaf januari 2022 plaatst Observant alleen nog reacties van mensen wier naam bekend is bij de redactie.