Dreigmail voor docent na onvoldoende

Klagen over toets is normaal, maar bij SBE loopt het soms uit de hand

15-02-2017

MAASTRICHT. Studenten die en groupe verhaal kwamen halen, ouders die zich roerden en de decaan belden, dreigmailtjes en veel onaangenaam rumoer op Facebook. Het overkwam prof. Jaap Bos de afgelopen twee jaar. Om precies te zijn nadat hij zijn tentamen van het eerstejaars vak Finance had aangepast en 400 studenten zakten.

Finance heeft de reputatie van een struikelvak. Bos: “Ze vinden het moeilijk en menigeen staat ook nog eens onder hoge druk om het vak te halen. Het is het laatste van het jaar, de laatste kans om een negatief bindend studieadvies af te wenden.” De “klachtenlawines” passen in een klimaat waarin studenten worden beschouwd als klanten, aldus Bos. Studenten hebben het recht om te klagen, reageert het hoofd van de examencommissie van SBE, Erik de Regt. Maar hij beseft dat de drempel om te klagen laag is. Groepsklachten zoals bij Finance komen vijf tot tien keer per jaar voor. Bos heeft de drempel verhoogt: wie het ergens niet mee eens is moet zijn handgeschreven klacht afgeven op de eerste verdieping bij het secretariaat van Finance.  

Elders in de Universiteit Maastricht gaat het er een stuk relaxter aan toe. Weinig aan de hand rapporteren de faculteiten, al zien ze bij psychologie een toename van het aantal klachten, vooral van internationale studenten, zegt de voorzitter van de examencommissie Hanneke van Mier. “Ze hopen op een hoger punt en zo meer kans te maken op toelating tot een master of PhD.”

Klagen is normaal, lijkt het. Vraag, zoals Observant, 25 willekeurige UM-studenten (binnenstad en Randwijck) of ze ooit bij een docent hebben geklaagd over hun toets, en het antwoord is unaniem: ja. En vaak meer dan eens. Meestal in de hoop op een beter cijfer, maar soms ook om de generatie na hen voor dezelfde fouten te behoeden.

Docenten hebben er in veel gevallen geen problemen mee, zo blijkt uit een rondgang langs de faculteiten: “Studenten maken gebruik van de ruimte die ze krijgen. En dat zou ik niet als een probleem of last willen aanmerken.” Ook Arjan Blokland, blokcoördinator bij FPN, vindt klagen geen punt, al moet het wel op een fatsoenlijke manier: “Social media zijn verschrikkelijk. Studenten gaan er helemaal los. Daar word ik ziek van, voordat je het weet, ben je al veroordeeld. Ik ben daar totaal ongevoelig voor, net zoals voor individuele mails. Als je iets te klagen hebt, dan kom je naar de toets-inzage met goeie argumenten.” Om te vervolgen: “Het is niet mijn bedoeling om mensen te laten zakken, al lijkt dat gevoel soms te leven. Als iemand een 5,5 heeft gehaald loop ik alle vragen nog even na om te checken. Maar als het een 5,5 is, dan is het dat ook. Ik ga niet iemand zomaar een 6 geven. Ik sta voor de kwaliteit van de opleiding.”

WB/WD/CF/RJ/MT

Lees hier het verhaal van prof. Jaap Bos en hier de reacties van studenten op hun klaaggedrag

Complaints Service Point: voor al uw officiële klachten en bezwaren

Niet eens met het tentamencijfer of het bindend studieadvies? Boos vanwege een afwijzing voor de decentrale selectie? Of gekwetst door ongewenst gedrag van een docent? Landelijk mag het aantal door studenten ingediende officiële klachten, beroepen en bezwaren stijgen (zoals afgelopen november bleek uit een onderzoek van het Hoger Onderwijs Persbureau), in Maastricht is er een forse daling te zien: van 274 (in 2015) naar 190 in 2016.

Wie binnen de Universiteit Maastricht vindt dat hij niet correct is behandeld kan zich wenden tot het Complaints Service Point (CSP) dat valt onder het studentenservicecentrum. Het CSP sluist een klacht (over zaken als ongewenst gedrag, onderwijsvoorzieningen en -kwaliteit) meteen door naar een van de klachtencommissies van de UM; een beroep (student is het niet eens met bijvoorbeeld cijfer, kwaliteit toets, bindend studieadvies) naar het College van Beroep voor de Examens, en een bezwaar (over beslissingen ten aanzien van bijvoorbeeld toelating, inschrijving, hoogte collegegeld) naar de geschillenadviescommissie die het college van bestuur adviseert. Daarnaast, maar dat is van een andere orde, zijn er de ‘gewone’ (niet-officiële) klachten tijdens de inzage van een toets of bij bureau onderwijs.

De afname van het aantal officiële zaken heeft volgens studentendecaan Roja Takhtetchian alles te maken met de snelle aanpak van onvrede bij studenten en studiekiezers. Blijkt de tekst op de UM-website over bijvoorbeeld toegangseisen niet helder, “dan trekken we meteen aan de bel”. En is er veel gemor over de uitslag van de decentrale selectie van geneeskunde, dan wordt er naar een oplossing gezocht: “Er is gekozen voor een spreekuur decentrale selectie waarop de scholier een op een krijgt uitgelegd waarom hij niet is uitgekozen. Zo ben je de klacht voortaan voor.”

Vaak komt men eruit met een minnelijke schikking en komt het niet tot een zaak. Takhtetchian: “Toelichting en uitleg door bijvoorbeeld de docent en/of de examencommissie lost al veel op.” Komt het wel tot een zaak dan wordt zo’n 80 procent ongegrond verklaard. 

RJ

Dreigmail voor docent na onvoldoende
klachtentekening